De kinderen hebben hun vleugels uitgeslagen en de helft van het huis staat leeg. De trappen die regelmatig moeten gedaan worden naar de bad- en slaapkamer beginnen zwaar te worden... Er bestaan tal van redenen die ertoe kunnen leiden dat we onze woning niet langer aangepast vinden aan onze behoeften en wensen. Misschien kunnen een aantal kleine of minder kleine veranderingswerken een oplossing bieden. Meer daarover leest u in het artikel 'Thuis: gezellig, veilig en comfortabel'. Misschien kan uitgekeken worden naar een andere woning die zo gebouwd en ingericht is dat ze prima geschikt is, ook als we op een dag minder mobiel zouden worden.

Maar het kan ook dat we het over een heel andere boeg willen gooien en willen uitkijken naar een andere woonvorm. Een rusthuis schrikt vele mensen nog steeds af. En onze woning bepaalt voor een groot deel de kwaliteit van ons leven. Dus moeten we er ons goed in voelen, op elk moment. Daarom is het belangrijk ook even kennis te maken met andere mogelijke woonvormen, die gericht zijn op mensen die tot op late leeftijd hun eigen stek willen hebben, met een maximum aan comfort en veiligheid.

Duplexwonen

Duplexwonen is een ideale formule voor iemand die in een huis woont dat te groot geworden is of die graag bij een ander gezin intrekt. Het houdt in dat een jong gezin in de woning trekt en de oudere persoon in een kleine, aangebouwde woning of in een aparte kamer (liefst individueel toegankelijk) woont. Deze woonvorm kent voornamelijk succes in familiaal verband.

Duplexwonen verhoogt het veiligheidsgevoel en is het positief vanuit sociaal oogpunt. Maar daar staat tegenover dat er meestal kosten zijn voor aanpassings- of verbouwingswerken en dat het kadastraal inkomen van de woning meestal verhoogt wanneer men het huis uitbreidt. Vaak wordt de toestemming om een duplexwoning te bouwen geweigerd omwille van stedenbouwkundige redenen (bv. twee aparte ingangen creëren zorgt ervoor dat er praktisch gezien twee wooneenheden ontstaan, waarvoor niet altijd toestemming gegeven wordt). Wettelijk gezien is er overigens nog maar zeer weinig geregeld op het vlak van intergenerationeel wonen.

Bouwvergunning

Wie van zijn woning een kangoeroe- of een duplexwoning wil maken, moet bij de dienst Stedenbouw van zijn gemeente een bouwvergunning aanvragen. Deze bouwvergunning is vereist, ook al gaat het om een bestaande kangoeroe- of duplexwoning (waarbij geen werken meer dienen te worden uitgevoerd) of om een verbouwing met slechts zeer kleine werken. Het feit dat een jong gezin zijn intrek neemt in de gezinswoning (in het geval van kangoeroewonen) of dat een ouder familielid of een ouder koppel in (een annex van) de gezinswoning komt wonen (in het geval van duplexwonen) betekent immers een omvorming van een éénsgezinswoning tot een meergezinswoning. Dit brengt een wijziging van het gebruik en de bestemming van het gebouw met zich mee, en daarvoor is een bouwvergunning noodzakelijk.

Kangoeroewonen

Kangoeroewonen is een formule waarbij een oudere persoon of een ouder koppel de gelijkvloerse verdieping van een woning of een gelijkvloers appartement betrekt en een jong gezin (dat meestal geen familie is, vaak eenoudergezinnen) de andere verdiepingen.

Voor beide generaties biedt dit voordelen. Het jongere gezin kan doorgaans goedkoper wonen, de ouderen kunnen al eens inspringen om op de kinderen te passen enz. terwijl het jonge gezin bijvoorbeeld boodschappen kan doen of een handje kan toesteken bij zwaardere klussen. Ook in noodsituaties kan hulp geboden worden waardoor de oudere(n) zich veiliger voelen. Wanneer de ouderen eigenaar zijn van de woning kunnen er afspraken gemaakt worden zodat de huurprijs daalt naarmate de hulpvraag van de ouderen toeneemt. Beide partijen genieten volledige privacy, maar kunnen elkaar bijstaan voor dagdagelijkse problemen. De een zorgt voor de ander, maar ieder heeft de vrijheid van een eigen woning!

Kangoeroewoningen kunnen privébezit zijn of deel uitmaken van een woonproject of een sociale woonwijk.

Ook voor kangoeroewonen bestaat nog geen wettelijk kader. Vergunningen hangen dikwijls af van de al dan niet positieve houding van de gemeente ten aanzien van dergelijke projecten.
Ook in dit geval kampt men vaak met na aanpassings- of verbouwingswerken met een stijging van het kadastraal inkomen (vooral wanneer er sprake is van twee aparte wooneenheden).

Kadastraal inkomen

Het bezit van een woning wordt in het wetboek der inkomstenbelastingen beschouwd als een bron van onroerend inkomen, uitgedrukt als het kadastraal inkomen (KI). Het KI is eigenlijk de geschatte gemiddelde netto huurwaarde van de woning per jaar. Bij nieuwbouw of verbouwing wordt het KI bepaald of herzien nadat de werken zijn beëindigd en het onroerend goed in gebruik is genomen. Het kadaster kan tot herschatting overgaan indien het gebouw wordt vergroot, verbouwd of aanzienlijk gewijzigd, indien percelen worden, verenigd of opgesplitst enz. Het verbouwen (dit betekent meestal het 'uitbreiden') van een bestaande woning tot een duplex- of een kangoeroewoning zal dus in de meeste gevallen een verhoging van het KI tot gevolg hebben.

Het KI fungeert als basis voor de onroerende voorheffing. Voor het eigen woonhuis, dat is het onroerend goed of het gedeelte ervan dat door de eigenaar zelf als woning wordt betrokken en niet door hem wordt gebruikt voor de uitoefening van zijn beroepswerkzaamheid, is het belastbaar inkomen gelijk aan het geïndexeerd KI, eventueel verminderd met een forfaitair vastgestelde aftrek. In het geval van een duplex- of kangoeroewoning zal het gedeelte dat niet door de eigenaars wordt gebruikt als woonhuis, juridisch als een tweede woonst worden beschouwd. Voor dit gedeelte, ongeacht of het verhuurd wordt of niet, is het belastbaar inkomen gelijk aan het geïndexeerd KI verhoogd met 40 %.

Een aanleunwoning

Aanleunwoningen zijn woningen voor senioren die gebouwd zijn tegen of in de onmiddellijke nabijheid van een rusthuis of een woon- en zorgcentrum. Mensen die nog mobiel zijn en geen grote gezondheidsproblemen hebben, komen in aanmerking voor deze woningen. Zij profiteren op deze manier van de diensten van het verzorgingscentrum (verpleging dichtbij en bereikbaar via een intern oproepsysteem, mogelijke poetshulp, levering van de maaltijden, deelname aan ontspanning en evenementen,...), terwijl ze verder zelfstandig kunnen blijven wonen met veel meer privacy dan in het verzorgingscentrum zelf.
Aanleunwoningen werken, net als serviceflats en rust- en verzorgingstehuizen, meestal met wachtlijsten. Op het moment van de inschrijving op de wachtlijst moet men:
? ofwel minstens 60 jaar zijn (voor een echtpaar moet minstens één van beiden 60 jaar zijn)
? ofwel tussen de 45 en de 60 zijn en kunnen aantonen dat omwille van een verminderde zelfredzaamheid een aanleunwoning de ideale woonformule is.

Groepswonen

Groepswonen houdt in dat een aantal ouderen besluiten om samen in één huis te wonen met de bedoeling zo lang mogelijk voor elkaar te blijven zorgen. In die zin doet het een beetje denken aan de communes van de jaren zestig.

Een groepswoning heeft meestal een aantal gezamenlijke vertrekken (bv. woonkamer, keuken,...). Daarnaast heeft iedere bewoner of elk koppel een aantal privévertrekken (slaapkamer, badkamer,...).

Groepswonen kan een gezamenlijk initiatief zijn van een aantal individuen of kan een publieke instantie als initiatiefnemer hebben. Soms wordt professionele ondersteuning voorzien voor bv. het leiden van groepsvergaderingen, het maken van afspraken, planning, enzovoort.
Elk groepswoonproject heeft zijn eigen kenmerken, maakt eigen afspraken en kiest zijn eigen bewoners. Soms bewoont de groep gezamenlijk een groot huis of een aangepast pand, anderen laten gezamenlijk een nieuw complex bouwen.

De Abbeyfieldhuizen

In Groot-Brittannië bestaat het systeem van woongemeenschappen al lang: de zogenaamde Abbeyfieldhouses. Stilaan doet deze woonvorm ook zijn intrede in België.
De bewoners vinden in hun Abbeyfieldhuis een evenwicht tussen privé leven en leven in gemeenschap. Iedereen wordt aangemoedigd om actief deel te nemen aan het leven in het huis en in de buurt, zonder zijn/haar persoonlijkheid daarbij prijs te geven. Iedereen komt en gaat wanneer hij of zij wil, ontvangt bezoekers en geniet van één warme maaltijd per dag, samen met de andere bewoners.

Het Abbeyfieldidee steunt op een aantal waarden zoals:
- zelfrespect en de wil om zijn leven zelf in handen te nemen;
- respect voor de anderen door het delen van verantwoordelijkheid, het verlenen van bijstand, het bieden van gastvrijheid;
- openheid naar de omgeving en de buurtbewoners toe;

De centrale figuur van ieder huis is de "Abbeyfield housekeeper", die zorgt voor een huiselijke sfeer, helpt bij het organiseren van de maaltijden en het coördineren van het onderhoud van de gemeenschappelijke delen, heeft aandacht voor de contacten van de bewoners onder elkaar en met de buitenwereld.

Er bestaan Abbeyfieldhuizen in Etterbeek, in Lixhe (provicnie Luik) en in Namen.

Ondersteund wonen

Bestaande zorginstellingen bieden hun diensten meer en meer aan huis aan en ook het aantal specifieke thuiszorginstellingen groeit met de dag. De bedoeling daarvan is om ouderen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen.

Ondersteund wonen situeert zich tussen groepswonen (waar de bewoners overwegend zelfstandig leven en elkaar 'helpen') en serviceflats (waar de bewoners indien gewenst gebruik kunnen maken van diensten die verbonden zijn aan een nabijgelegen dienst of instelling, vaak een rusthuis).

De woningen kunnen deel uitmaken van een gewone woonwijk of gegroepeerd zijn in één of meerdere gebouwen. Alle bewoners zijn vrij in hun doen en laten. Indien gewenst en al dan niet op regelmatige basis kunnen ze gebruik maken van poetsdiensten, maaltijdbedeling, wasserij, enz.

Serviceflats

In een serviceflat woont men zelfstandig, maar kan men vrij gebruik maken van de geboden dienstverlening (maaltijden, gezins- en bejaardenhulp, poetshulp, thuisverpleging,...) wanneer men daar nood aan heeft. In een serviceflat kan hulp op maat geboden worden. Er is een alarmsysteem aanwezig zodat dag en nacht hulp kan worden ingeroepen indien dat nodig mocht blijken, maar er is niet permanent verzorgend of verplegend personeel aanwezig.

Niet iedereen kan in een serviceflat terecht. Men moet minstens aan volgende voorwaarden voldoen:
? De leeftijd van 65 jaar bereikt hebben.
? Zelfredzaam zijn. Wie een serviceflat huurt, moet voldoende zelfredzaam zijn om zonder tussenkomst van de voorziening zelfstandig te kunnen leven. Bij echtparen moet minstens één van beide partners voldoende zelfredzaam zijn.

Voor een serviceflat wordt geen maandhuur betaalt, maar een dagprijs. Die dagprijs omvat de huurprijs plus een minimale dienstverlening (bv. poetsen van de gemeenschappelijk ruimten).