Dit is de tijd van het jaar om bladverliezende bomen en heesters te planten. Als u in uw tuin een bestaand exemplaar moet vervangen of nog een plek vrij hebt voor een blikvanger, dan kunt u kiezen voor één van de pronkstruiken of pronkbomen die de jongste jaren bij boomkwekers te vinden zijn. Een vuurboom of een tulpenboom bijvoorbeeld. Vaak bestaan die soorten al jaren, maar kennen ze nu pas een doorbraak (ook in de tuin heb je modes!). Andere zijn afkomstig uit zuidelijker streken en lijken nu pas bij ons aan te slaan, met de opwarming van het klimaat.

Allemaal heb ze gemeen dat ze de show stelen met hun kleuren of vormen. Als echte diva's willen ze liefst alleen in de schijnwerpers staan. Eén exemplaar volstaat dus en u kunt ze het best op een goed zichtbare plaats planten. In een gazon bijvoorbeeld of in een voortuin.

In kleinere tuinen kan de Enkianthus campanulatus een aanwinst zijn. Deze bladverliezende struik wordt niet zo groot (2 tot 3 meter) en niet zo breed (1,5 meter) maar twee keer per jaar trekt hij alle aandacht naar zich toe. Van half mei tot eind juni tooit hij zich met een massa klokjesbloemen die in trossen samenhangen. Dat verklaart meteen de Nederlandse naam: pronkklokje. De klokjes zijn citroengeel en op hun uiteinde roodbruin gestreept. Omdat de takken van de heester uit elkaar staan, vallen de bloemen nog meer op. Dat geldt eveneens voor het tweede pronkmoment: in het najaar worden de bladeren eerste oranje en dan prachtig dieprood. De kleur doet zelfs de mooiste Japanse esdoorns verbleken.

Vóór u enthousiast naar een boomkwekerij rijdt, moet u twee zaken weten. Van nature groeit de Enkianthus campanulatus op zeer zure heidegronden in China. Wilt u dat hij echt gaat pronken, dan moet u bij het aanplanten de grond goed vermengen met turfmolm of een zak bosgrond. Verder houdt hij niet van vol zonlicht. Was u dus al lang op zoek naar een bloeiende soort die kleur kan brengen op een donkere plek in de tuin, dan hebt u de oplossing gevonden.

Nog méér blingblingbomen!

  • De vuurboom (Brachychiton acerifolius): vanaf de vroege zomer tot een eind in de herfst is deze Australische soort één grote vuurzee. De vuurrode 'bladeren' zijn overigens geen bladeren, maar bloemen. In de winter heeft de soort bij ons nog bescherming nodig.
  • De dwergcatalpa (Catalpa bignonioides Nana): is een Catalpa te groot voor uw tuin, dan is deze dwergvorm een perfect alternatief.
  • De tulpenboom (Liriodendron tupilifera): heeft opvallende bladeren (20 cm lang), die in de herfst prachtig verkleuren, en een massa tulp-achtige bloemen. Alleen interessant voor grotere tuinen.
  • De Prunus serrulata: deze sierkers pronkt in de winter met een mahonierode schors. Ook voor kleinere tuinen.