De kruisspin is een bekende spinnensoort die je kan terugvinden in meer natuurlijk gebied, maar evengoed midden in de stad. 'Het lijkt er dus op dat ze zich succesvol kan aanpassen aan het leven in de stad, maar of het echt goed gaat met de Kruisspin weten we eigenlijk niet zeker', zegt Bram Vanthournout, bioloog aan de UGent. 'Van verschillende insectenpopulaties worden grote dalingen gerapporteerd, maar van spinnen - een spin is geen insect! - bestaan er slechts weinig monitoringdata op lange termijn.'

Daarom roepen de wetenschappers de hulp van burgers in. Met de telling willen ze niet alleen meer leren over over hoe spinnen zich aanpassen aan het leven in de stad, maar ook over het aantal kruisspinnen, waar ze voorkomen en hoe klimaateffecten zoals een hittegolf of een droge zomer invloed hebben. Dat heeft ook rechtstreeks gevolgen voor mensen, want kruisspinnen zijn essentieel om plaaginsecten onder controle te houden.Minder kruisspinnen betekent dus meer vliegen en muggen.

Met de zaklamp op nachtelijk onderzoek

Opmerkelijk is dat Bram Vanthournout en zijn collega's vragen om liefst zowel overdag als 's nachts te tellen. Ze stelden immers vast dat kruisspinnen ook 's nachts actief kunnen zijn, misschien om zo te profiteren van prooien die aangetrokken worden door kunstlicht of om te ontsnappen aan de hitte van overdag?

Wie houdt van mini-avonturen heeft er hiermee een gevonden: met de zaklamp op kruisspinspeurtocht, ten dienste van de wetenschap!

Spin-City: een burgerwetenschapsproject

De kruisspintelling kadert binnen het ruimere Spin-city project. In dat project onderzoeken biologen en burgers hoe en of spinnen zich kunnen aanpassen aan de stad. Want het leven in de stad kan een heuse uitdaging zijn, vooral voor spinnen. Zo is er minder geschikt habitat te vinden om webben te bouwen, zijn er minder en kleinere prooien en zijn steden warmer door het hitte-eilandeffect. Dat wordt veroorzaakt door materialen die de warmte absorberen, zoals beton, en de verminderde aanwezigheid van planten en wind in de stad. Bovendien is Vlaanderen, met 28,5 % bebouwde oppervlakte één van de meest bebouwde regio's in Europa.

Sinds september 2019 kan je met de SpinnenSpotter app spinnen fotograferen en webben meten en zo het effect van het leven in de stad op spingrootte, -kleur en webbouw onderzoeken.

Kruisspintelling praktisch

De kruisspintelling loopt van 15 september tot 15 oktober. Je kan zo vaak tellen als je wil. Hoe vaker je telt, hoe accurater je kan inschatten hoeveel kruisspinnen er in je tuin leven. Deelnemen kan door alle kruisspinnen in jouw tuin te tellen die in het midden van hun web zitten. Dat zijn de actieve spinnen.

Je kan zowel overdag als 's nachts (na zonsondergang) tellen. De resultaten van jouw telling kan je invoeren op het "Mijn Tuinlab"-platform. Op de projectpagina vind je alle info voor deelname.

Het makkelijkst vind je de kruisspin door eerst haar web te zoeken. Kruisspinnen maken grote, opvallende wielwebben in lage vegetatie zoals struiken, onderste takken van bomen, maar evengoed aan een hek of onder een dakgoot. Het duidelijkste kenmerk van de kruisspin is, zoals de naam doet vermoeden, de (witte) kruistekening op de rug. Op de projectwebsite kan je nog andere kenmerken terugvinden.

De kruisspin is een bekende spinnensoort die je kan terugvinden in meer natuurlijk gebied, maar evengoed midden in de stad. 'Het lijkt er dus op dat ze zich succesvol kan aanpassen aan het leven in de stad, maar of het echt goed gaat met de Kruisspin weten we eigenlijk niet zeker', zegt Bram Vanthournout, bioloog aan de UGent. 'Van verschillende insectenpopulaties worden grote dalingen gerapporteerd, maar van spinnen - een spin is geen insect! - bestaan er slechts weinig monitoringdata op lange termijn.'Daarom roepen de wetenschappers de hulp van burgers in. Met de telling willen ze niet alleen meer leren over over hoe spinnen zich aanpassen aan het leven in de stad, maar ook over het aantal kruisspinnen, waar ze voorkomen en hoe klimaateffecten zoals een hittegolf of een droge zomer invloed hebben. Dat heeft ook rechtstreeks gevolgen voor mensen, want kruisspinnen zijn essentieel om plaaginsecten onder controle te houden.Minder kruisspinnen betekent dus meer vliegen en muggen.Opmerkelijk is dat Bram Vanthournout en zijn collega's vragen om liefst zowel overdag als 's nachts te tellen. Ze stelden immers vast dat kruisspinnen ook 's nachts actief kunnen zijn, misschien om zo te profiteren van prooien die aangetrokken worden door kunstlicht of om te ontsnappen aan de hitte van overdag?Wie houdt van mini-avonturen heeft er hiermee een gevonden: met de zaklamp op kruisspinspeurtocht, ten dienste van de wetenschap!De kruisspintelling kadert binnen het ruimere Spin-city project. In dat project onderzoeken biologen en burgers hoe en of spinnen zich kunnen aanpassen aan de stad. Want het leven in de stad kan een heuse uitdaging zijn, vooral voor spinnen. Zo is er minder geschikt habitat te vinden om webben te bouwen, zijn er minder en kleinere prooien en zijn steden warmer door het hitte-eilandeffect. Dat wordt veroorzaakt door materialen die de warmte absorberen, zoals beton, en de verminderde aanwezigheid van planten en wind in de stad. Bovendien is Vlaanderen, met 28,5 % bebouwde oppervlakte één van de meest bebouwde regio's in Europa.Sinds september 2019 kan je met de SpinnenSpotter app spinnen fotograferen en webben meten en zo het effect van het leven in de stad op spingrootte, -kleur en webbouw onderzoeken.De kruisspintelling loopt van 15 september tot 15 oktober. Je kan zo vaak tellen als je wil. Hoe vaker je telt, hoe accurater je kan inschatten hoeveel kruisspinnen er in je tuin leven. Deelnemen kan door alle kruisspinnen in jouw tuin te tellen die in het midden van hun web zitten. Dat zijn de actieve spinnen.Je kan zowel overdag als 's nachts (na zonsondergang) tellen. De resultaten van jouw telling kan je invoeren op het "Mijn Tuinlab"-platform. Op de projectpagina vind je alle info voor deelname.Het makkelijkst vind je de kruisspin door eerst haar web te zoeken. Kruisspinnen maken grote, opvallende wielwebben in lage vegetatie zoals struiken, onderste takken van bomen, maar evengoed aan een hek of onder een dakgoot. Het duidelijkste kenmerk van de kruisspin is, zoals de naam doet vermoeden, de (witte) kruistekening op de rug. Op de projectwebsite kan je nog andere kenmerken terugvinden.