Het Boomse trollenbos

Om ze te zien moet je naar het provinciaal recreatiedomein De Schorre in Boom. Volg in dit 75 ha grote domein de reuzenvoeten die op de grond zijn geschilderd, en je komt vanzelf in het trollenbos. Het wordt meteen avontuurlijk, want er is geen bewegwijzerde route. Kies dus zelf je wandelpad uit. Dat kan een knuppelpad of een aarden weggetje zijn. Zorg ook voor stevige stapschoenen, want op heel wat plekken kan het best modderig zijn. En kijk goed om je heen als je de zeven trollen wil vinden die zich tussen de bomen schuilhouden.

© WE HAVE HEART

Het gaat om monumentale sculpturen - 4 tot 18 m hoog -, die door de Deense kunstenaar Thomas Dambo gemaakt zijn van gerecycleerd hout en afgebroken takken. Hij heeft dit soort beelden al zowat overal ter wereld neergepoot, van Florida tot Puerto Rico over Zuid-Korea. Indrukwekkend zijn ze stuk voor stuk. Hier in Boom is er eentje bezig met keien te verzamelen en een andere schept water op. Elders rust een koppel op het gras met hun wijsvinger naar de hemel gericht, waarschijnlijk om de vormen van de wolken na te tekenen. Klim zeker ook naar de top van de uitkijktoren in het trollenbos voor een schitterend uitzicht op het domein en de omgeving. Deze hoge toren is bedoeld om je weer te verbinden met de natuur. In elk geval beleven kleine én grote kinderen hier een betoverende wandeling.

De Schorre, Schommelei 1, 2850 Boom. Gratis toegang en parkeren. deschorre.be

Op zoek naar de goede fee

© EPHOTO DAM - EINDEN

Als een wandeltocht gekruid wordt met een dosis mysterie en geheimzinnigheid, krijg je meteen ook de minder gemotiveerde stappers - groot en klein - mee. De Gaumestreek is rijk aan legendes en plekken met een sprookjesachtig kantje.

Neem nu de Feeëngrot (Trou des Fées) in het dorpje Croix-Rouge, nabij Virton. Deze overhangende rotsformatie uit erg brokkelige zandsteen vormt met zijn vele ronde holtes een geologische rariteit. De vele volkslegendes willen dat hier tal van feeën wonen. Een van hen is Orianda, de fee die het beroemde Ros Beiaard aan de vier Heemskinderen schonk.

© EPHOTO DAM - EINDEN

Het is ook dankzij deze plek dat de Gaume volgens een feeënlegende geniet van een mild microklimaat. Ooit drukte een boerenzoon de wens uit dat de akkers van zijn ouders niet meer zouden worden verwoest door hagelbuien. Een wens die de feeën in vervulling lieten gaan. Helaas vergat de ondankbare boerenzoon de feeën hiervoor te bedanken. Sindsdien worden de wensen van de grotbezoekers enkel nog met mondjesmaat ingewilligd en niet zonder enige spot. Maar laat dit je niet tegenhouden om toch een wens te doen, je weet maar nooit.

Je kan deze plek op twee manieren bereiken. Via een prachtige bewegwijzerde route van 7 km door het bos - reken op twee uur - waarlangs ook de geklasseerde archeologische site van Montauban ligt. Of via het Feeënpad (Sentier des Fées), de betere keuze wanneer je met kinderen op stap bent. Langs dit didactische wandelpad van 1,5 km met houten beelden, wachten negen kleine opdrachten.

Vertrek op het parkeerterrein van Croix-Rouge. soleildegaume.be/nl

De holle wegen langs de Smohain

© Ohain, dorp tussen het groen.

Deze luswandeling, die begint en eindigt in het schilderachtige dorp Ohain, kronkelt door een onbekend, maar bijzonder mooi stukje Waals-Brabant. Onderweg doet het glooiende en bosrijke landschap vaak aan de Ardennen denken.

Starten doe je tegenover de Saint-Etiennekerk. De kerktoren uit 11de-12de eeuw wordt ook de Saracenentoren genoemd en kijkt uit over het dal van de Smohain, een bijriviertje van de Lasne. Hou zeker even halt op het terecht geklasseerde dorpsplein, een pareltje met gras en bomen.

Het wandelpad loopt eerst door enkele weiden en klimt dan het bos van Ohain in, waar beuken en sparren elkaar afwisselen. Het is ronduit genieten van de mooie en wilde uitzichten. Om vervolgens af te dalen naar het gehucht La Marche.

Vandaar loopt het pad verder langs de andere oever van de Smohain en blijf je deze vredige waterloop even volgen. De bijzondere troef van dit traject zijn de prachtige holle wegen die hier in de loop der eeuwen zijn aangelegd door dorpsbewoners en boeren. Net zo verrassend is het gevarieerde landschap, in een streek die zo dicht bij Brussel ligt. In totaal hebben we 6,7 km afgelegd langs een route die voorbeeldig bewegwijzerd is met houten bordjes.

De kaart + routebeschrijving van wandeling 23 staat in de gids '15 nouvelles promenades à Lasne'. Bestellen via lasne-nature.be (10 euro + verzendkosten).

Tussen Dender en Schelde

Sint-Gertrudiskerkje langs de dijk.

In Dendermonde, waar de Dender in de Schelde vloeit, kan je een lange wandeltocht maken over de Scheldedijk. Die brengt je langs een kunstenaarsdorp en door vredige landschappen. Als je met de trein komt, kan je deze tocht meteen aan het station starten. Je komt dan eerst langs de oude vestingen van het Kalendijkgebied, waarna je aan de Scheldeoever belandt. Kom je met de auto, dan kan je die achterlaten op een parkeerterrein dicht bij de rivier.

De Vlassenbroekse polder

Eens je de Scheldedijk bent opgeklommen, moet je die gewoon blijven volgen richting Vlassenbroek. Ooit was dit dorp een pleisterplek voor kunstenaars en ook nu stelt menig zondagsschilder hier nog zijn ezel op. Enkele typisch Vlaamse trapgevelhuizen zoeken beschutting tegen het romaans-gotische kerkje. Maar verder lijkt het dorp vooral ingeklemd tussen de rivier en de Vlassenbroekse polder, vandaag beschermd natuurgebied dat wordt omcirkeld door een meander van de Schelde.

Rustige terrassen en kunstgalerijen nodigen uit tot een schilderachtige pauze. Van hieruit kan je omkeren en dezelfde route teruglopen. Of je kan je tocht verderzetten tot in Baasrode, waar een voetgangers- en fietsersveer je gratis overzet naar de andere oever, om dan in de andere richting (richting Dendermonde) de Scheldedijk weer af te lopen tot aan je startpunt. Je hebt dan zo'n 15 km in de kuiten, al kan je deze mooie tocht even goed met de fiets maken.

De wandeltocht is niet bewegwijzerd: volg vanaf de Killeweg in Dendermonde de Schelde stroomafwaarts.

Om ze te zien moet je naar het provinciaal recreatiedomein De Schorre in Boom. Volg in dit 75 ha grote domein de reuzenvoeten die op de grond zijn geschilderd, en je komt vanzelf in het trollenbos. Het wordt meteen avontuurlijk, want er is geen bewegwijzerde route. Kies dus zelf je wandelpad uit. Dat kan een knuppelpad of een aarden weggetje zijn. Zorg ook voor stevige stapschoenen, want op heel wat plekken kan het best modderig zijn. En kijk goed om je heen als je de zeven trollen wil vinden die zich tussen de bomen schuilhouden. Het gaat om monumentale sculpturen - 4 tot 18 m hoog -, die door de Deense kunstenaar Thomas Dambo gemaakt zijn van gerecycleerd hout en afgebroken takken. Hij heeft dit soort beelden al zowat overal ter wereld neergepoot, van Florida tot Puerto Rico over Zuid-Korea. Indrukwekkend zijn ze stuk voor stuk. Hier in Boom is er eentje bezig met keien te verzamelen en een andere schept water op. Elders rust een koppel op het gras met hun wijsvinger naar de hemel gericht, waarschijnlijk om de vormen van de wolken na te tekenen. Klim zeker ook naar de top van de uitkijktoren in het trollenbos voor een schitterend uitzicht op het domein en de omgeving. Deze hoge toren is bedoeld om je weer te verbinden met de natuur. In elk geval beleven kleine én grote kinderen hier een betoverende wandeling.Als een wandeltocht gekruid wordt met een dosis mysterie en geheimzinnigheid, krijg je meteen ook de minder gemotiveerde stappers - groot en klein - mee. De Gaumestreek is rijk aan legendes en plekken met een sprookjesachtig kantje. Neem nu de Feeëngrot (Trou des Fées) in het dorpje Croix-Rouge, nabij Virton. Deze overhangende rotsformatie uit erg brokkelige zandsteen vormt met zijn vele ronde holtes een geologische rariteit. De vele volkslegendes willen dat hier tal van feeën wonen. Een van hen is Orianda, de fee die het beroemde Ros Beiaard aan de vier Heemskinderen schonk. Het is ook dankzij deze plek dat de Gaume volgens een feeënlegende geniet van een mild microklimaat. Ooit drukte een boerenzoon de wens uit dat de akkers van zijn ouders niet meer zouden worden verwoest door hagelbuien. Een wens die de feeën in vervulling lieten gaan. Helaas vergat de ondankbare boerenzoon de feeën hiervoor te bedanken. Sindsdien worden de wensen van de grotbezoekers enkel nog met mondjesmaat ingewilligd en niet zonder enige spot. Maar laat dit je niet tegenhouden om toch een wens te doen, je weet maar nooit. Je kan deze plek op twee manieren bereiken. Via een prachtige bewegwijzerde route van 7 km door het bos - reken op twee uur - waarlangs ook de geklasseerde archeologische site van Montauban ligt. Of via het Feeënpad (Sentier des Fées), de betere keuze wanneer je met kinderen op stap bent. Langs dit didactische wandelpad van 1,5 km met houten beelden, wachten negen kleine opdrachten. Deze luswandeling, die begint en eindigt in het schilderachtige dorp Ohain, kronkelt door een onbekend, maar bijzonder mooi stukje Waals-Brabant. Onderweg doet het glooiende en bosrijke landschap vaak aan de Ardennen denken. Starten doe je tegenover de Saint-Etiennekerk. De kerktoren uit 11de-12de eeuw wordt ook de Saracenentoren genoemd en kijkt uit over het dal van de Smohain, een bijriviertje van de Lasne. Hou zeker even halt op het terecht geklasseerde dorpsplein, een pareltje met gras en bomen. Het wandelpad loopt eerst door enkele weiden en klimt dan het bos van Ohain in, waar beuken en sparren elkaar afwisselen. Het is ronduit genieten van de mooie en wilde uitzichten. Om vervolgens af te dalen naar het gehucht La Marche. Vandaar loopt het pad verder langs de andere oever van de Smohain en blijf je deze vredige waterloop even volgen. De bijzondere troef van dit traject zijn de prachtige holle wegen die hier in de loop der eeuwen zijn aangelegd door dorpsbewoners en boeren. Net zo verrassend is het gevarieerde landschap, in een streek die zo dicht bij Brussel ligt. In totaal hebben we 6,7 km afgelegd langs een route die voorbeeldig bewegwijzerd is met houten bordjes. In Dendermonde, waar de Dender in de Schelde vloeit, kan je een lange wandeltocht maken over de Scheldedijk. Die brengt je langs een kunstenaarsdorp en door vredige landschappen. Als je met de trein komt, kan je deze tocht meteen aan het station starten. Je komt dan eerst langs de oude vestingen van het Kalendijkgebied, waarna je aan de Scheldeoever belandt. Kom je met de auto, dan kan je die achterlaten op een parkeerterrein dicht bij de rivier. Eens je de Scheldedijk bent opgeklommen, moet je die gewoon blijven volgen richting Vlassenbroek. Ooit was dit dorp een pleisterplek voor kunstenaars en ook nu stelt menig zondagsschilder hier nog zijn ezel op. Enkele typisch Vlaamse trapgevelhuizen zoeken beschutting tegen het romaans-gotische kerkje. Maar verder lijkt het dorp vooral ingeklemd tussen de rivier en de Vlassenbroekse polder, vandaag beschermd natuurgebied dat wordt omcirkeld door een meander van de Schelde. Rustige terrassen en kunstgalerijen nodigen uit tot een schilderachtige pauze. Van hieruit kan je omkeren en dezelfde route teruglopen. Of je kan je tocht verderzetten tot in Baasrode, waar een voetgangers- en fietsersveer je gratis overzet naar de andere oever, om dan in de andere richting (richting Dendermonde) de Scheldedijk weer af te lopen tot aan je startpunt. Je hebt dan zo'n 15 km in de kuiten, al kan je deze mooie tocht even goed met de fiets maken.