Volgens de statistieken van de Nationale Bank van België bedraagt het gemiddeld bedrag dat geleend wordt om een eigendom te kunnen verwerven 75.000 à 160.000 euro, over 20 jaar. De schuldenlast van Belgische gezinnen stijgt. Dat verontrust onze nationale bank, maar ook de Europese Centrale Bank (ECB). Waarom? Omdat deze organismen van mening zijn dat de Belgische banken teveel woonkredieten toekennen. Dat moet verminderen, want het vormt een financieel risico. De NBB geeft volgende cijfers: tussen 2009 en 2018 steeg het globale schuldenpercentage van de Belgen van 52% van het BNP (bruto nationaal product) tot 61%. De broeksriem wordt dus aangespannen.

20% eigen inbreng

Voor jonge gezinnen betekent dit dat banken 20% eigen inbreng gaan vragen bij een hypothecaire lening. Voor een woning van € 200.000, moet een jong gezin dus ongeveer € 35.000 hebben voor aankoop- en notariskosten en € 40.000 aan eigen inbreng (20% van € 200.000), dus minimaal € 75.000 enkel en alleen om de aankoop te kunnen doen. Om nog maar te zwijgen van een veel minder aantrekkelijke belastingaftrek sinds begin 2016 en de kosten van levensverzekering en brandverzekering. Dat zal niet iedereen gegeven zijn... Nochtans doen we het in België niet slecht op het vlak van het terugbetalen van hypothecair krediet. In 2018 vormden 'maar' 0,9% van de woonkredieten een probleem (laatste gekende cijfers).

Moeten jonge mensen dan op hun ouders rekenen als zij vastgoed willen kopen? En zijn ouders meer dan ooit geneigd om een steentje bij te dragen, vermits hun geld toch niets opbrengt op een spaarrekening? Dan zijn er nog de verleidelijk lage rentevoeten. Een cliënt van ING zou midden september een vaste rentevoet van 0,92% gekregen hebben voor een hypothecair krediet van 20 jaar!

Vastgoedprijzen stijgen

Maar er zijn natuurlijk niet alleen jongeren op de vastgoedmarkt... Ook investeerders die op zoek zijn naar wat opbrengst voor hun spaarcenten zien wel iets in vastgoed. En volgens de eeuwige wet van vraag en aanbod betekent dit dat de vastgoedprijzen naar omhoog gaan, zeker voor de gemiddelde en bescheiden woningen die net heel gegeerd zijn bij jonge kopers. De gemiddelde prijs van een rijwoning of 3-gevelwoning ging van 188.000 euro naar 200.000 euro (met grote regionale verschillen) tussen het eerste semester 2017 en het eerste semester 2019. Anders gezegd: de stijging van de vastgoedprijzen heeft het voordeel van de lage rentevoeten volledig geneutraliseerd.

Moraal van het verhaal? Jonge mensen zullen grote offers moeten brengen om vastgoed te kunnen kopen. En ze zullen de steun van hun ouders goed kunnen gebruiken...