De wettelijke pensioenleeftijd ligt in ons land op 65 jaar, maar zal de komende jaren opgetrokken worden naar 66 (vanaf 2025) en 67 (vanaf 2030), behalve voor wie minstens 42 jaren gewerkt heeft. Hoewel de federale regering al jaren langer werken wil stimuleren, blijft de gemiddelde leeftijd waarop de Belg met pensioen gaat al vijf jaar schommelen rond de 63 jaar en 4 maanden. Dat stelt hr-dienstenbedrijf Acerta vast op basis van de gegevens van 260.000 werknemers. De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaan van zodra het kan.

Corona-effect

Meer nog: sinds de coronacrisis gaan Belgische werknemers zelfs iets vroeger op pensioen. Arbeiders zwaaien gemiddeld af op hun 62 jaar en 8 maanden, bedienden een jaar later. Dat verschil tussen arbeiders en bedienden is een gevolg van het moment waarop ze aan hun eerste job beginnen. Bij arbeiders is dat gemiddeld vroeger dan bij bedienden.

Wettelijke pensioenleeftijd

De wettelijke pensioenleeftijd ligt in ons land op 65 jaar, maar zal de komende jaren opgetrokken worden naar 66 (vanaf 2025) en 67 (vanaf 2030), behalve voor wie minstens 42 jaren gewerkt heeft.

Ellen Van Grunderbeek, experte pensioenen, van het kenniscentrum bij Acerta Consult: "Het afgelopen anderhalf jaar is langer blijven werken geen optie geweest voor heel wat werknemers die aan de vooravond van hun pensioen stonden. De crisis heeft een impact gehad op de beslissing van de Belg om sneller af te zwaaien. Velen hebben nu wat sneller de stap gezet door de tijdelijke werkloosheid, thuiswerk, het gevaar op besmetting op de werkvloer, enzovoort. Zonder corona zou de gemiddelde pensioenleeftijd wellicht iets hoger zijn geweest. Maar toch blijft er nog heel wat werk op de plank om mensen langer aan de slag te houden en zo positief bij te dragen aan de tewerkstellingsgraad in ons land, want de huidige cijfers tonen dat de Belg op vervroegd pensioen blijft gaan van zodra het kan. De inspanningen die de overheid doet - SWT duurder maken, inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk, enz. - zijn dus zeker nodig om de krapte op de arbeidsmarkt én de kost van de vergrijzing beheersbaar te houden."

Hitparade van de vertrekkers

- Wat de verschillende sectoren betreft, gaan werknemers in de bouw het snelst op pensioen (62,7 jaar)

- Op de tweede plaats volgen logistiek & transport en de metaal- en maakindustrie (62,9 jaar).

In de horeca en de social profit blijven werknemers het langst actief op de arbeidsmarkt (63,7 jaar).

De wettelijke pensioenleeftijd ligt in ons land op 65 jaar, maar zal de komende jaren opgetrokken worden naar 66 (vanaf 2025) en 67 (vanaf 2030), behalve voor wie minstens 42 jaren gewerkt heeft. Hoewel de federale regering al jaren langer werken wil stimuleren, blijft de gemiddelde leeftijd waarop de Belg met pensioen gaat al vijf jaar schommelen rond de 63 jaar en 4 maanden. Dat stelt hr-dienstenbedrijf Acerta vast op basis van de gegevens van 260.000 werknemers. De cijfers tonen aan dat de Belg met vervroegd pensioen blijft gaan van zodra het kan.Meer nog: sinds de coronacrisis gaan Belgische werknemers zelfs iets vroeger op pensioen. Arbeiders zwaaien gemiddeld af op hun 62 jaar en 8 maanden, bedienden een jaar later. Dat verschil tussen arbeiders en bedienden is een gevolg van het moment waarop ze aan hun eerste job beginnen. Bij arbeiders is dat gemiddeld vroeger dan bij bedienden.Ellen Van Grunderbeek, experte pensioenen, van het kenniscentrum bij Acerta Consult: "Het afgelopen anderhalf jaar is langer blijven werken geen optie geweest voor heel wat werknemers die aan de vooravond van hun pensioen stonden. De crisis heeft een impact gehad op de beslissing van de Belg om sneller af te zwaaien. Velen hebben nu wat sneller de stap gezet door de tijdelijke werkloosheid, thuiswerk, het gevaar op besmetting op de werkvloer, enzovoort. Zonder corona zou de gemiddelde pensioenleeftijd wellicht iets hoger zijn geweest. Maar toch blijft er nog heel wat werk op de plank om mensen langer aan de slag te houden en zo positief bij te dragen aan de tewerkstellingsgraad in ons land, want de huidige cijfers tonen dat de Belg op vervroegd pensioen blijft gaan van zodra het kan. De inspanningen die de overheid doet - SWT duurder maken, inzetten op landingsbanen en werkbaar en wendbaar werk, enz. - zijn dus zeker nodig om de krapte op de arbeidsmarkt én de kost van de vergrijzing beheersbaar te houden."Hitparade van de vertrekkers