Wie vanuit de werkloosheid een eigen zaak begint, verliest vanaf dag één zijn werkloosheidsuitkering en wordt bij de opstart dus meteen geconfronteerd met een inkomensonzekerheid. Cijfers van de VDAB tonen nochtans dat veel werkzoekenden wel ondernemerschapsambities koesteren, maar het aantal werkzoekenden dat uiteindelijk kiest voor een zelfstandige baan, schommelt tussen de 2 en 3 procent.

Daarom lanceerde Vlaams minister van Werk Philippe Muyters op 15 maart 2018 een premie voor werkzoekende 45-plussers die een eigen zaak starten. Het eerste kwartaal krijgt de werkzoekende elke maand 1.000 euro. Daarna daalt het bedrag elk drie maanden met 100 euro, om na 2 jaar volledig uit te doven.

Sinds de start van het premiesysteem zijn er 256 dossiers ingediend. Daarvan werden er 210 positief beoordeeld en kregen er 39 een weigering. Drie aanvragen zijn stopgezet en vier dossiers zijn nog in behandeling.

'Mooie cijfers', meent minister Muyters. 'De laatste zes maanden zien we trouwens een stijgende lijn in het aantal aanvragen. Het gaat dus nog groeien', klinkt het.

'De transitiepremie maakt voor mij een groot verschil in de cashflow, zeker bij de opstart van mijn zaak', zegt Els Compernolle (46) die na een carrière bij de Vlaamse overheid gestart is als zelfstandig adviseur rond gedragsinzichten. 'Ik was reeds actief in bijberoep, maar er blijft toch een bepaalde onzekerheid', zegt ze.

Ook Karla Trimpeneers (49), die zich na een carrière als opvoeder en onthaalouder omschoolde en momenteel werkt als zelfstandige toeristische gids en massagetherapeute, is blij met het bestaan van de transitiepremie. 'De premie zorgt ervoor dat ik geen bijkomende lening moet aangaan om de kosten te betalen', aldus Trimpeneers.