Of de groepsverzekering in geval van echtscheiding verdeeld moet worden, is al lang een discussiepunt. Het Arbitragehof/Grondwettelijk Hof heeft zich al een aantal keren uitgesproken in een specifiek geval (en geoordeeld dat de wettelijke regeling strijdig was met het gelijkheidsbeginsel), maar tot dusver werd de Wet op de Landverzekeringsovereenkomst niet gewijzigd.Volgens deze wet komt het kapitaal van een levens- of groepsverzekering toe aan diegene die de begunstigde (bij leven) is van de verzekering, ook al heeft de andere er mee voor betaald.

Komt de zaak voor de rechtbank, dan moet die de redenering van het Grondwettelijk Hof volgen ofwel op haar beurt de vraag aan het Hof voorleggen. In de meeste gevallen werd de stelling van het Grondwettelijk Hof gevolgd. Ook notarissen traden veelal het standpunt van het Hof bij.

Wetsontwerp

Het wetsontwerp van Annemie Turtelboom, goedgekeurd in de Ministerraad, voorziet in de mogelijkheid om bij de berekening van het onderhoudsgeld tussen echtgenoten rekening te houden met de groeps-en levensverzekering.

Dit wetsontwerp stuitte echter op groot verzet. Een aantal organisaties zoals Femma, KVLV en de Gezinsbond vinden het voorstel onrechtvaardig en schreven een 'Open brief' aan eerste minister Di Rupo, die wij hieronder integraal publiceren.

Open brief

Mijnheer de Eerste Minister,

Nu de onrust in de samenleving blijft groeien over het voornemen van de regering om het aanvullend pensioen uit groepsverzekeringen niet te verdelen na echtscheiding, vragen we u dit wetsontwerp alsnog tegen te houden, het is nog niet te laat!

In België kunnen werknemers via de groepsverzekering van hun werkgever sparen voor een aanvullend pensioen. Ze staan tijdens hun loopbaan een deel van hun loon af en ontvangen het gespaarde kapitaal bij hun pensionering. Maar wat moet er met dit kapitaal gebeuren wanneer de werknemer voor zijn/haar pensioen uit de echt scheidt?

Volgens het nieuwe wetsontwerp van minister Turtelboom behoort het gespaarde kapitaal volledig toe aan de persoon op wiens naam de groepsverzekering staat. De economisch zwakste partner die minder pensioenrechten opbouwde, moet langs de rechtbank passeren om eventueel te krijgen waar zij/hij recht op heeft en dat onder de vorm van een alimentatievergoeding.

Wij zijn ervan overtuigd dat dit compensatiesysteem niet werkt. Slechts een kleine minderheid van ex-partners komt in aanmerking voor een onderhoudsuitkering. Bovendien waarschuwen experts dat de bepaling van een billijke compensatie een onmogelijke opdracht is voor rechters. Ons pensioenstelsel is gewoon te ingewikkeld.

Dat dit wetsontwerp zal goedgekeurd worden door een regeringsmeerderheid die zich als 'sociaal' wil profileren, is voor ons onbegrijpelijk. Geruisloos wordt hier een aanslag gepleegd op de solidariteit tussen partners en het voorzorgskarakter van de aanvullende pensioenen.

Klinkt dat overdreven? Hoeveel gehuwde partners zetten hun loopbaan op een lager pitje om de moeilijke combinatie van job, gezin en zorgtaken voor hulpbehoevende ouders haalbaar te maken? In de meeste gevallen is dat de vrouw. Welke prijs staat er op een 'warm nest'?

Is de wetgever blind voor de realiteit ?

  • 46% van de vrouwen heeft een pensioen dat lager is dan het minimumpensioen.
  • 38% van de vrouwen werkt deeltijds, bij mannen is dit 5%.

Het gemiddeld wettelijk pensioen van vrouwen (944 Euro) ligt 34,5% lager dan dat van mannen (1.269 Euro). Ruim 1 op 4 gepensioneerde vrouwen overleven van een inkomensgarantie van 674 Euro voor gehuwden of samenwonenden en 1.011 Euro voor alleenstaanden. Slechts 18% van de vrouwen heeft een aanvullend pensioen bij pensionering. Bij mannen is dit 45%!

Of dat nu het gevolg is van een expliciete afspraak of niet, het is voor ons vanzelfsprekend dat het surplus aan inkomen en pensioen van de ene partner ook ten goede komt aan de andere. De doelstelling zou toch moeten zijn een systeem tot stand te brengen waarbij de rechten op het aanvullend pensioen bij een scheiding rechtmatig worden verdeeld onder gewezen partners.

Wij voelen ons gesteund door het Grondwettelijk hof (arrest GH 54/99 en GH 136/2011) en het Hof van Cassatie die dit principe al poneerden voor mensen die huwden onder een gemeenschapsstelsel.

Als het wetsontwerp wet wordt, komen veel gescheiden partners later in de kou te staan. Wie investeert in de zorg voor kinderen, ouders of de loopbaan van de partner wordt bij een echtscheiding financieel de dupe. Dat vooral oudere alleenstaande vrouwen hierdoor in de armoede worden geduwd, is voor ons onrechtvaardig.

Het zou deze meerderheid van socialisten, liberalen en christendemocraten sieren om alsnog op een rechtvaardige wijze in te grijpen. Een eerlijke verdeling van pensioenrechten zou in de toekomst een nieuwe standaard moeten worden. En niet alleen in het aanvullend, maar ook in het wettelijk pensioen. De wetgever moet afstappen van dit tijdelijk knip- en plakwerk rond aanvullende pensioenen. Er moet gezocht worden werd naar een logische regeling, die consistent is binnen het huidig rechtsbestel.

Daarom, geachte Eerste Minister, verzoeken wij u dringend om een onderhoud.

Bent u bereid te luisteren naar het middenveld dat in deze zijn krachten heeft gebundeld ?

Naar de stem van hun honderdduizenden leden ?

Ondertekend door: Femma, Markant, Gezinsbond, KVLV, Vrouwenraad, Viva