Televisies met een kathodebuis vind je niet meer, maar hun rol is nog niet uitgespeeld. Ten tijde van de kathodebuis legden ingenieurs immers de normen vast waaraan de beeldkwaliteit van een kleurenscherm moest voldoen: de resolutie of het kleurenpalet, zeg maar. Die normen waren gebaseerd op de maximale helderheidsgraad van de toestellen van toen: 100 candela/m2, de meeteenheid voor de lichtsterkte van een bron. Tot het vlakke scherm en High Definition (720 pixels en later 1.080 pixels) hun intrede deden, gevolgd door Ultra HD. Dankzij die technologie kan een tv vandaag oneindig veel meer kleuren weergeven: met name 75% van het kleurenspectrum dat het menselijke oog kan waarnemen. Om je een idee te geven: ons oog kan zich aan een helderheid van 0,0001 tot 10.000 candela/m2 aanpassen, een enorm verschil met de prestaties van die goeie oude kathodebuis! Die evolutie heeft de filmindustrie en de tv-fabrikanten ertoe aangezet...