Een zalig moment zoals je dat enkel in de winter kan beleven. Nadat we op het strand ons gezicht hebben laten geselen door het zand, de kou stilaan door onze jassen begint te dringen en we met roze wangen en een lopende neus rechtsomkeer willen maken, is daar ineens de zon! Een warme streling met intens maar vluchtig licht, dat weerkaatst in de vernevelde druppels motregen. Heel even baadt het dreigende landschap in 360 graden licht. Onze schaduwen worden langer en tekenen lijnen in het zand onder de eindeloze pracht van het wolkendek. Op slag zijn we de kou en de wind vergeten. Zo poëtisch mooi kan de Noordzeekust in de winter zijn.
...

Een zalig moment zoals je dat enkel in de winter kan beleven. Nadat we op het strand ons gezicht hebben laten geselen door het zand, de kou stilaan door onze jassen begint te dringen en we met roze wangen en een lopende neus rechtsomkeer willen maken, is daar ineens de zon! Een warme streling met intens maar vluchtig licht, dat weerkaatst in de vernevelde druppels motregen. Heel even baadt het dreigende landschap in 360 graden licht. Onze schaduwen worden langer en tekenen lijnen in het zand onder de eindeloze pracht van het wolkendek. Op slag zijn we de kou en de wind vergeten. Zo poëtisch mooi kan de Noordzeekust in de winter zijn. Omdat we hier nog niet weg willen, zoeken we een goed evenwicht tussen activiteiten buiten en binnen. En dan zijn we in Koksijde, Sint-Idesbald en Oostduinkerke, kustplaatsen met een ideale mix, aan het goede adres voor een verkwikkend weekend. Uiteraard hoort een strandwandeling erbij, maar in en rond Koksijde is het hinterland minstens zo interessant om een frisse neus te halen. Hier vind je 700 ha natuurreservaten, duinen en bossen: de Oostvoorduinen, het Hannecartbos, domein Doorpanne, de Witte Burg. Je kan kiezen uit tal van bewegwijzerde wandelingen van 5 tot 13 kilometer. Wij opteerden voor de schilderachtige Erfgoedwandelroute in Sint-Idesbald, een mooie mix van cultuur en natuur. We wandelen tussen villa's langs de Noordduinen en langs heel wat historisch erfgoed. Zoals de ruïnes van de middeleeuwse Ten Duinenabdij. Maar ook langs oude visserswoningen en huizen waar kunstenaars, zoals Paul Delvaux, hun toevlucht zochten. Een wandelkaart raadplegen is niet nodig: deze wandeling is over de hele lengte perfect bewegwijzerd met metalen plaatjes. En wordt het toch te koud of te nat, dan kan je altijd schuilen in het Delvauxmuseum of het museum van de abdij. Beiden zeer de moeite waard. Zo'n winterwandeling eindigt obligaat met comfort food en een lekker biertje. Sinds oktober kunnen bierliefhebbers gezellig aanschuiven in Huisbrouwerij Sint-Idesbald, die de deuren opende op de site van Ten Bogaerde. Dit kunstencentrum - eigenlijk de voormalige hoeve van de Ten Duinenabdij - is gewijd aan hedendaagse kunst en aan de bronzen beelden van Georges Grard. Verser kan je het bier moeilijk drinken. De brouwers zijn aan de slag vlakbij je tafel en sturen via een slim buizenstelsel het goudgele vocht rechtstreeks naar de vaten aan de bar. Dit alles in een gezellige sfeer waar een mens zich meteen thuis voelt. Een aanrader. Bier alleen vult de maag maar half, tenzij je er veel van drinkt. Daarom trekken we na dit aperitief naar De Hoeve in Oostduinkerke, een etablissement in een oude visserswoning, midden in de natuur van het hinterland. Alles werd zo authentiek mogelijk gehouden. En dus moet je voor het toilet naar buiten. De keuken is een knappe mix van streekproducten en Franse gerechten. Totjespap met garnalen, boerenpaté, garnaalkroketjes, filet mignon van West-Vlaams Rood... Alle klassiekers staan op de kaart, maar met een Franse twist. Als het weer echt geen enkele inspanning wil doen en binnen blijven de enige optie is, hoeft je winterweekend niet meteen om zeep te zijn. In en rond Koksijde kan je ook indoor leuke dingen beleven, zonder dat je tegen je zin ergens moet schuilen. Want naast de musea die we al aanhaalden, kan je ook terecht in Navigo, het Nationaal Visserijmuseum. Of nog origineler: in Museos, een privé-initiatief van een koppel gepassioneerde biologen, dat het midden houdt tussen een rariteitenkabinet en een natuurhistorisch museum. Op drie strak ingerichte verdiepingen ontdek je honderden skeletten, van een muis tot een olifant, van een mol tot een potvis. Maar dit is allesbehalve een stoffig museum. De eigenaars wonen hier zelf en nemen ruim de tijd om je hun verzameling uit te leggen, aan de kinderen spelletjes voor te stellen en je met plezier een kop lekker warme koffie aan te bieden.