De wettelijke pensioenleeftijd ligt nog steeds op 65 jaar. Alleen aan de leeftijd voor het vervroegde pensioen (vóór 65 jaar dus) werd in 2012 gesleuteld. Die leeftijd zal tegen 2016 opschuiven naar 62 jaar en 40 loopbaanjaren. Om met vervroegd pen- sioen te kunnen gaan moet u dus een leeftijds- én een loopbaanvoorwaarde vervullen. Dat is niet zo als u met pensioen gaat op de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar. Dan kunt u stoppen met werken, ongeacht hoeveel jaren u hebt gewerkt.
...

De wettelijke pensioenleeftijd ligt nog steeds op 65 jaar. Alleen aan de leeftijd voor het vervroegde pensioen (vóór 65 jaar dus) werd in 2012 gesleuteld. Die leeftijd zal tegen 2016 opschuiven naar 62 jaar en 40 loopbaanjaren. Om met vervroegd pen- sioen te kunnen gaan moet u dus een leeftijds- én een loopbaanvoorwaarde vervullen. Dat is niet zo als u met pensioen gaat op de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar. Dan kunt u stoppen met werken, ongeacht hoeveel jaren u hebt gewerkt. Het voordeel van blijven werken na 65 jaar is dat u op die manier aan een volledige loopbaan kunt komen. Tot dusver wordt het pensioen in de drie stelsels - loontrekkenden, zelfstandigen en ambtenaren - berekend op 45/45sten (lees ook Het magische getal 45 op p. 127). Wie niet aan 45 loopbaanjaren komt op 65 jaar en doorwerkt, kan op die manier meer 45sten toevoegen aan zijn pensioenbedrag. De keerzijde van blijven werken ná 65 jaar is dat de grens tot waar sociale uitkeringen worden uitbetaald samenvalt met de wettelijke pensioenleeftijd, dus tót 65 jaar. - Ziekte-uitkeringen. Als u als loontrekkende na 65 jaar aan het werk bent enu wordt langerdan één maand (als u bediende bent) of één week (als u arbeider bent) arbeidsongeschikt, dan zult u dus geen gewaarborgd loon meer ontvangen van uw werkgever. Het probleem is dat ook het Riziv niet meer zal tussenkomen en u dus evenmin een ziekte-uitkering uitbetaald zult krijgen. Een mogelijke oplossing is een akkoord te sluiten met uw werkgever dat hij langer een gewaarborgd loon betaalt (bijvoorbeeld gedurende drie maanden). - Werkloosheidsuitkeringen. Ook de RVA zal geen uitkeringen meer betalen na 65 jaar. Wordt u werkloos en vindt u niet meteen ander werk, dan vraagt u toch best uw pensioen aan. Eventueel kunt u, sinds dit jaar, onbeperkt bijverdienen als gepen- sioneerde. - Tijdskrediet. De uitkering in geval van tijdskrediet wordt door de RVA betaald. Na 65 jaar is het niet meer mogelijk een landingsbaan te nemen of u zult er althans geen uitkering meer voor krijgen. Loontrekkenden en zelfstandigen hebben altijd al na 65 jaar mogen doorwerken. Bij loontrekkenden moet er immers een einde aan hun arbeidsovereenkomst worden gemaakt vooraleer u met pensioen kunt. Sinds juli 2012 is doorwerken ook mogelijk voor ambtenaren. Als federale ambtenaar moet u wel zelf een aanvraag doen en de toelating geldt voor één jaar, daarna is een nieuwe aanvraag nodig. Ambtenaren bij andere overheidsdiensten moeten toelating vragen bij hun overheidsdienst. Annemie Goddefroy