Wie met een auto of een moto rijdt, weet uiteraard dat hij wettelijk verplicht is een burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering Auto te nemen. Maar de markt van de voertuigen op wieltjes is veel uitgebreider dan dat. Denken we maar aan fietsen, snorfietsen, bromfietsen, gemotoriseerde steps, al of niet gemotoriseerde rolstoelen,...
...

Wie met een auto of een moto rijdt, weet uiteraard dat hij wettelijk verplicht is een burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering Auto te nemen. Maar de markt van de voertuigen op wieltjes is veel uitgebreider dan dat. Denken we maar aan fietsen, snorfietsen, bromfietsen, gemotoriseerde steps, al of niet gemotoriseerde rolstoelen,... Hoe verzekert u dergelijke twee-, drie- of vierwielers? Wauthier Robyns, woordvoerder van Assuralia (Beroepsvereniging van Verzekeringsondernemingen), leidt ons door de soms ondoorzichtige principes van de voertuigenverzekeringen. En wijst ons op een belangrijke recente oppuntstelling: zodra uw voertuig hoofdzakelijk wordt voortbewogen d.m.v. een motor hebt u een autoverzekering nodig. De familiale verzekeraar komt niet meer tussen, zelfs al staat dat zo in uw contract! Wauthier Robyns: Eerst en vooral is er het criterium van 'de openbare weg' of 'een voor het publiek toegankelijke plaats'. Bent u de eigenaar van een behoorlijke lap grond en uw kleinkinderen ontdekken het plezier van een gemotoriseerde step, dan hoeft u deze niet te verzekeren zolang de step enkel op privéterrein gebruikt wordt. Zolang u binnen uw eigen 'domein' blijft, kan niemand u iets verwijten, noch op het vlak van de homologatie van het voertuig, noch op het vlak van de verzekering. Hierbij moet wel vermeld worden dat bijvoorbeeld een speelplaats beschouwd wordt als een plaats die voor het publiek toegankelijk is. De grote evolutie die de mobiliteitsmarkt ondergaan heeft, zorgt voor heel wat verwarring. Er zijn in feite 2 types aansprakelijkheidsverzekeringen: n de verzekering Burgerlijke Aansprakelijkheid Auto, die verplicht is voor alle motorvoertuigen die op de openbare weg rijden n de verzekering Burgerlijke Aansprakelijkheid Privaat leven (beter gekend als de familiale verzekering). Uw vraag is dus welk voertuig onder de dekking van de BA Auto valt en, hiermee samenhangend, of de verzekeraar van de BA Familiale de polis kan uitbreiden tot deze gemotoriseerde voertuigen als deze schade aan derden veroorzaken. Om te bepalen welke verzekering nodig is, moet je goed weten wat onder motorvoertuig wordt verstaan. Dat is namelijk enkel een voertuig dat hoofdzakelijk wordt voortbewogen door de energie van een motor. Dat is bijvoorbeeld het geval voor autootjes die u mag besturen zonder rijbewijs, terwijl een snorfiets in België niet wordt beschouwd als een motorvoertuig omdat de fiets hoofdzakelijk door menselijke energie wordt voortbewogen. De motor is hier maar een hulpmiddel, bijvoorbeeld bij het bergop rijden. De eigenaar van een snorfiets moet dus geen BA Auto nemen, zijn voertuig valt onder de BA Familiale, tenminste als hij zulke verzekering gesloten heeft! Weet wel dat het hier om een Belgische interpretatie gaat, die bijvoorbeeld niet gevolgd wordt in Nederland. Wie met zijn snorfiets in de buurt van het drielandenpunt (België, Nederland, Duitsland) rondtoert, kan dus in de problemen komen! De familiale verzekering is een verzekering die uw aansprakelijkheid in uw privéleven dekt (niet in uw beroepsleven of in uitvoering van een overeenkomst). Maar er zijn ook uitsluitingen, waaronder al wat zou moeten gedekt zijn via de BA Auto. Laten we de zaak omdraaien: vermits de snorfiets niet onder de verplichte autoverzekering valt, zullen de gevolgen van een ongeval dat u veroorzaakt, automatisch gedekt worden door de BA Familiale. U moet geen uitbreiding van uw polis vragen of evenmin het bezit van de snorfiets aangeven aan de familiale verzekeraar. Het is geen element dat het verzekerde risico ernstig zal veranderen. Een BA Familiale is geen verplichte verzekering. Hebt u geen verzekering genomen en u veroorzaakt een ongeval met uw snorfiets, dan zult u zelf de schade van de slachtoffers moeten vergoeden. Hier bestaat geen speciaal fonds voor. Bovendien zult u ook het ziekenfonds van het slachtoffer moeten terugbetalen. Uw snorfiets niet verzekeren is dus riskant. Vanaf het moment dat het voertuig wordt voortbewogen door de energie van een motor, komt u in een andere categorie terecht. Voor al deze voertuigen (ook een gemotoriseerde rolstoel) hebt u een verzekering BA Auto nodig en krijgt u dus inderdaad een groene kaart, waarop de landen zijn aangeduid waar uw voertuig verzekerd is (minstens alle landen van de Europese Economische Ruimte). Wilt u met uw quad naar - zeg maar - Teheran, dan moet u nakijken of u verzekerd bent in alle landen die u doorkruist. Reist u bijvoorbeeld door Albanië dan kan het zijn dat uw verzekeraar niet tussenkomt als u daar een ongeval veroorzaakt. U moet dan een uitbreiding van uw polis vragen of een verzekering nemen wanneer u de Albanese grens overschrijdt. Dat klopt inderdaad. Tot voor kort meenden sommige verzekeraars dat het niet nodig was een aparte overeenkomst te maken voor deze kleine motorvoertuigen. Ze verzekerden de schade die ze veroorzaakten aan derden op de openbare wegviade familiale verzekering. Impliciet gingen de verzekeringsmaatschappijen ervan uit dat in geval van een ongeval met deze voertuigen, ze de voorwaarden van de autoverzekering zouden toepassen. Zo viel de franchise weg die meestal gevraagd wordt in het kader van een BA Familiale. Bij een autoverzekering komt de verzekeringsmaatschappij immers tussen vanaf de eerste euro. Maar de verzekeringsmaatschappijen werden op het matje geroepen bij de CBFA, de Commissie voor het Bank-, Financie- en Assurantiewezen. Die herinnerde aan het principe dat al wat zich voortbeweegt op de kracht van een motor, verplicht verzekerd moet worden met een BA Auto, in een aparte overeenkomst. We betreuren dit want zowel voor de maatschappijen als voor de consumenten biedt dit systeem minder flexibiliteit. Sommige maatschappijen verzekeren deze kleinere voertuigen zelfs niet langer. Maar de wet is de wet, we moeten ons daarbij neerleggen. Het is alleen te hopen dat de autoverzekeraars hun tarieven voor deze voertuigen symbolisch zullen blijven houden. Als u denkt dat uw motorvoertuigje gedekt is door de familiale verzekering, neemt u inderdaad het best contact met uw verzekeraar. Deze praktijk was toegelaten tot in 2005, maar nu dus niet meer. Overigens wachten we ook nog op initiatieven van onze minister van Mobiliteit, Renaat Landuyt, voor de voertuigen waarvan we niet goed weten in welke categorie we ze moeten plaatsen. Het is dus best mogelijk dat er een specifieke reglementering komt voor al de kleine voertuigjes die we tegenwoordig op de openbare weg zien verschijnen. Hier is geen twijfel mogelijk. Zo'n auto is een voertuig dat voortbewogen wordt door de energie van een motor. Daarom moet hij verzekerd worden door middel van een autoverzekering. Toch kunnen er een aantal preciseringen worden aangebracht. Een auto zonder rijbewijs met een gewicht van minder dan 350 kilo, een maximale snelheid van 45 km/u en een motor met een kracht van minder dan 4 KW (5,43 PK), wordt weliswaar door de wet als een 'motorfiets op vier wielen' beschouwd, maar de normale verkeersregels blijven van toepassing. Met andere woorden: de bestuurder moet zich gedragen zoals een bestuurder van een gewone auto. Hij moet weliswaar geen helm dragen, maar hij moet wel zijn veiligheidsgordel omdoen. Hij moet op het rechterbaanvak rijden en mag zich niet op het fietspad begeven. Een auto zonder rijbewijs mag evenmin rijden op een autosnelweg of op een weg die enkel toegankelijk is voor gewone auto's. Tenslotte mag er maar één passagier meerijden. De gemotoriseerde steps zijn niet gehomologeerd. Ze worden dus nog steeds als speelgoed gekwalificeerd, net als bijvoorbeeld telegeleide vliegtuigjes. Dat is ook het geval voor de minimoto's. Ze zijn nog altijd verboden op de openbare weg. De familiale verzekeraar zal dan ook niet tussenkomen voor dit soort voertuigen omdat ze voortbewegen via een motor en dus onder de verplichte autoverzekering vallen... die op haar beurt niet tussenkomt omdat deze voertuigen niet gehomologeerd zijn. Begeeft u zich met een van deze voertuigen op de openbare weg, dan bent u strafbaar, zelfs al veroorzaakt u geen ongeval. Dit omdat u rijdt met een voertuig dat niet verzekerd is. Rijdt u iemand aan, dan kunt u veroordeeld worden voor onvrijwillige slagen en verwondingen. U zult niet meteen de gevangenis invliegen als u een ongeval veroorzaakt, maar het zal u een behoorlijke duit kosten en bovendien riskeert u uw rijbewijs voor de auto kwijt te spelen. Uw step of minimoto kan ook in beslag genomen worden. Beter niet doen dus... Het motorvoertuig (de auto) wordt aangereden door een strandkar. Omdat de strandkarbestuurder beschouwd wordt als zwakke weggebruiker (zie kader Wie is een zwakke weggebruiker?, p. 82), zal de verzekeraar van de auto de lichamelijke schade moeten vergoeden van de inzittenden van de strandkar, ook al is de bestuurder van de auto niet aansprakelijk voor het ongeval (de eigenaar van de auto zal bijgevolg niet in een hogere bonus-malusgraad terechtkomen). Het heeft hierbij geen belang of de auto stilstond of niet. Het enkele feit dat er een aanrijding is tussen een auto en een zwakke weggebruiker volstaat opdat de verzekeraar van de auto de lichamelijke schade van de inzittenden van de strandkar moet vergoeden! Dit is een constructie die werd uitgedacht onder oud-premier Jean-Luc Dehaene. Hij haalde op deze manier de kosten van de lichamelijke schade uit de sociale zekerheid weg en legde ze ten laste van de autoverzekeraars. Wie betaalt de schade aan het voertuig? Hier zal de familiale verzekering van de bestuurder van de strandkar moeten tussenkomen. Maar als de oorzaak van het ongeval ligt in een defect aan de strandkar (slechte remmen, slecht onderhoud), kan deze verzekeraar zich tegen de uitbater of constructeur van de strandkar richten. Zo'n voorval kan dus tot heel wat discussies tussen advocaten leiden... LET OP! De bestuurder van een bromfiets die omvergereden wordt door een vrachtwagen met oplegger is geen zwakke weggebruiker in de ogen van de Belgische wetgeving. Allebei besturen ze immers een voertuig dat wordt voortbewogen door de kracht van een motor. De verplichte aansprakelijkheidsverzekering vergoedt inderdaad enkel de schade die u met uw voertuig toebrengt aan derden. Dat wil zeggen dat worden vergoed: de andere weggebruikers, uw passagiers, de lifter die u meenam, de eigenaar van de boom waar u bent tegengereden, de eigenaar van de verkeerspaal (gewest of gemeente) die u niet had zien staan... De enige persoon die het zonder bescherming moet stellen, is de bestuurder die in fout is. Voor hem hebben de verzekeringsmaatschappijen de zogenaamde bestuurdersverzekering bedacht. Die is niet verplicht en bestaat onder verschillende vormen (een verplichte verzekering zal zowat overal hetzelfde dekken, maar voor een niet-verplichte kunnen de voorwaarden sterk verschillen van maatschappij tot maatschappij). De voorwaarden van een bestuurdersverzekering hangen af van wat de bestuurder en de verzekeraar overeenkomen. Zo zijn er maatschappijen die maar tussenkomen vanaf een bepaald schadebedrag. Andere vergoeden de bestuurder op dezelfde manier als ze slachtoffers vergoeden. Soms tot een bepaald plafond, bijvoorbeeld 250.000 of 500.000 euro. Het is dus belangrijk dat de bestuurder al de aspecten van zijn bestuurdersverzekering doorneemt met zijn verzekeraar en nagaat waarvoor hij precies gedekt is en waarvoor niet. Daar situeren zich immers de grootste teleurstellingen op het vlak van de verzekeringen: als je denkt dat je voor meer verzekerd bent dan in werkelijkheid het geval is... Omdat mensen die nog werken voor hun verplaatsingen van en naar het werk sowieso gedekt zijn door de arbeidsongevallenverzekering . Zij zullen vergoed worden, ook al zijn ze in fout. Een gepensioneerde is uiteraard nooit op weg naar of van het werk. In het algemeen kunnen we stellen dat mensen die niet gedekt zijn door een arbeidsongevallenverzekering er alle baat bij hebben om een bestuurdersverzekering te nemen. Dat geldt ook voor bestuurders van motorrijtuigen die geen moto of auto zijn, maar die wel via de autoverzekering moeten verzekerd worden. Er bestaan geen grote verschillen tussen de twee. Beide verzekeringen zijn niet verplicht. In het algemeen (of het nu een rolstoel betreft of niet) komt het erop aan goed na te gaan wat er werkelijk gedekt is en wat de uitsluitingen zijn. Zo bijvoorbeeld het luik 'diefstal': soms wordt er geëist dat het voertuig 's nachts in een afgesloten ruimte wordt geplaatst, andere maatschappijen dekken diefstal zelfs als het voertuig 's nachts op de openbare weg geparkeerd staat. Deze zaken verschillen van contract tot contract en de verschillen zijn groter dan deze tussen een 'alle risico's' en een 'omniumverzekering'. Neen, niet op het vlak van de verzekeringen. Misschien wel op het vlak van de homologatie van het voertuig. Het is best mogelijk dat het ministerie criteria qua stabiliteit oplegt waaraan de rolstoelen moeten voldoen eens ze per uur meer kunnen afleggen dan een bepaald aantal kilometer. Het zijn enkel de ouders die geacht worden verantwoordelijk te zijn als hun zoon of dochter met een voertuig rijdt. Het slachtoffer kan zich altijd tegen hen keren. Let wel op, beide ouders blijven verantwoordelijk, ook al zijn ze gescheiden! Hebben ze geen verzekering genomen, dan zal het gemeenschappelijk motorwaarborgfonds tussenkomen, net zoals een verzekeraar dat zou doen. Maar dit motorwaarborgfonds zal zich wel tot de jongere wenden om de vergoeding terugbetaald te krijgen. Grootouders zijn dus nooit verantwoordelijk, zelfs al verblijven hun minderjarige kleinkinderen bij hen, tenzij ze zelf een persoonlijke fout gemaakt hebben. Maar de wet zal hen nooit gelijkstellen met de ouders. Een bromfiets die opgevoerd is om de normale maximumsnelheid te kunnen overschrijden, komt terecht in de categorie van de moto's. Wie daarmee rijdt zou dus een verzekering voor moto's moeten hebben. Zelfs al koopt u de bromfiets van iemand anders en hebt u hem dus niet zelf opgevoerd, dan nog zult u problemen met de verzekering krijgen als u met deze bromfiets een ongeval veroorzaakt. De verzekeraar zal de slachtoffers vergoeden, maar zal zich nadien tegen u keren omdat u de maatschappij niet correct hebt ingelicht over het te verzekeren risico. En omdat de bromfiets opgevoerd is, rijdt u met een voertuig dat niet gehomologeerd is. Het is geen bromfiets meer, maar een moto, waarvoor u een rijbewijs voor moto's nodig hebt. Ook hier kunnen de gevolgen zeer vergaand zijn. Zoiets komt immers meestal aan het licht als er een ongeval gebeurt, in dit geval een ongeval met een niet-verzekerd voertuig. U moet een aparte verzekeringsovereenkomst sluiten, maar het is wel mogelijk dat de verzekeraar u een gunstig tarief voorstelt als u zowel uw auto- als uw motoverzekering bij hem neemt. (*) een 'segway human transporter' is een transportmiddel voor één persoon. Het bestaat uit een plaat op twee wielen en wordt in de wetgeving omschreven als een "batterij aangedreven transportmiddel voor voetgangers".Laurent Feiner, Annemie Goddefroy, Jocelyne Minet