Bellevue des Alpes ligt als een schip in een zee van sneeuw, aan de voet van de beruchte noordwand van de Eiger (3970 m). In de 19de eeuw poogden veel Britten deze indrukwekkend strenge berg te beklimmen, gekleed in kniebroek en wollen trui. Bij hun terugkeer in het hotel kregen ze gratis champagne en een warm bad.
...

Bellevue des Alpes ligt als een schip in een zee van sneeuw, aan de voet van de beruchte noordwand van de Eiger (3970 m). In de 19de eeuw poogden veel Britten deze indrukwekkend strenge berg te beklimmen, gekleed in kniebroek en wollen trui. Bij hun terugkeer in het hotel kregen ze gratis champagne en een warm bad. De Mönch en de Jungfrau vormen de rest van de buitenwacht. De geschiedenis van het Bellevue gaat terug tot 1840, toen worstelkampioen Seiler hier herberg Zur Gemse opende. De eerste dag is het of ik me de trappen moet opslepen. De hoogte doet me duidelijk de das om, maar het uitzicht is evenzeer adembenemend: vanuit mijn kamer zie ik skiërs over de verse sneeuw zoeven, aan de voorkant tuft het treintje van de Jungfraubahn voorbij en minderen skiërs hun vaart in een wolk van opvliegende sneeuw. Het is zo koud (- 26°C) dat de Zwitserse vlag wordt binnengehaald voor ze stukvriest. Op elke kamer ligt een briefje met het verzoek om bitte nicht de ramen open te zetten. Binnen heerst traditie: het zou er evengoed 1920 als 1950 kunnen zijn. De voorvaderen van eigenaar Andreas von Almen brachten de gasten en goederen aan met ezelkaravanen, een klim van 1000 m. Wagner en Tsjaikovsky logeerden hier en in de jaren '20 was het hotel zo in trek dat er 's winters een societyjournalist logeerde voor Tatler Magazine. Per gang was er een gouvernante en twee bedienden. De dienstbellen hangen er nog. Er lijkt amper iets veranderd: de gin fizz in de bar, het diner in de balzaal of de langgerekte eetzaal bekleed met donkerhouten panelen, het uitzicht op de Mönch onder de heldere maan. Ik ontmoet Andreas von Almen in de grote lounge, waar secretaires uitnodigen tot brieven schrijven. "Ik bracht hier de eerste zeven winters van mijn leven door, een gelukkige tijd. De gasten kleedden zich toen nog op voor het diner en elke avond werd er gedanst. Er speelde een quintet en het salon was de plek voor cocktails en sigaren. 's Ochtends deed ik met opa de ronde van het hotel. Toen mijn vrouw en ik het hotel van mijn tante kochten, was het in niet zo'n beste staat. Maar we wisten er opnieuw iets bijzonders van te maken." In 2011 werd het Bellevue des Alpes uitgeroepen tot beste historische hotel van Zwitserland. Op 1 augustus 1912 werd het Jungfraujoch (3454 m) in gebruik genomen als hoogste station van Europa, na jaren van hard labeur. Industrieel Adolf Guyer-Zeller had het wilde plan opgevat voor een tandradbaan vanuit Kleine Scheidegg, die via een tunnel door de Eiger en de Mönch tot aan de top van de Jungfrau zou lopen. De werken begonnen in 1896 en duurden 16 jaar. Door financiële problemen werd Jungfraujoch echter het eindstation en niet de top. Maar het blijft een staaltje van technisch vernuft en ook een betoverend mooie plek. In het eindstation Top of Europe kan je lunchen mét uitzicht. Vanuit Kleine Scheidegg loopt door sparrenbossen en langs de besneeuw-de vallei een wandelpad dat regelmatig het treinspoor naar Wengen kruist. Ik loop tussen schouderhoge, grillige sneeuwmuren. In de sneeuw tekenen zich hertensporen af. Greet van Thienen