De vreugde kon niet op in Groot-Brittannië toen Catherine Middleton en prins William op 23 juli met de pasgeboren prins George op de trappen van het St Mary's Hospital in Londen verschenen. Maar was iedereen wel onverdeeld blij? Of voelde Camilla zich een beetje onwennig? Zij is tenslotte de stiefgrootmoeder. "Charles zal een fantastische grootvader zijn", liet ze zich ontvallen na de geboorte, maar bleef stil over haar eigen rol. Ze heeft trouwens vijf eigen kleinkinderen. Moet ze zich bij prins George terughoudend opstellen uit respect voor de biologische g...

De vreugde kon niet op in Groot-Brittannië toen Catherine Middleton en prins William op 23 juli met de pasgeboren prins George op de trappen van het St Mary's Hospital in Londen verschenen. Maar was iedereen wel onverdeeld blij? Of voelde Camilla zich een beetje onwennig? Zij is tenslotte de stiefgrootmoeder. "Charles zal een fantastische grootvader zijn", liet ze zich ontvallen na de geboorte, maar bleef stil over haar eigen rol. Ze heeft trouwens vijf eigen kleinkinderen. Moet ze zich bij prins George terughoudend opstellen uit respect voor de biologische grootmoeder Carole Middleton? Of kan ze zich even enthousiast op het grootmoederschap storten? Voor steeds meer mensen een herkenbare situatie. Wij vroegen het aan gespreks-therapeute Martine Mingelinckx. Martine Mingelinckx: U moet in de eerste plaats afspraken maken met uw eigen kind of met de kinderen van uw partner. Met de ouders van uw stiefkleinkinderen dus. Hoe zien zij dat? Welke plaats is er voor u als stiefgrootouder weggelegd? Stel dat u bijvoorbeeld meer kunt instaan voor de opvang dan de biologische grootouders, maak dan duidelijke afspraken met de ouders van de kinderen. Een gesprek met de biologische grootouders is niet slecht. Tenslotte komt u mekaar regelmatig tegen, op verjaardagsfeestjes bijvoorbeeld. Maar voor alle soorten grootouders geldt: betuttel niet. Laat de verantwoordelijkheid bij de ouders. Zij hebben altijd het laatste woord. Probeer gewoon een meerwaarde te zijn in het leven van de kleinkinderen. Wanneer u de geboorte van uw stiefkleinkind meemaakt, weet de baby niet beter dan dat u er altijd bent geweest en kunt u makkelijk een band opbouwen. Komt het kind op een latere leeftijd in uw leven, dan is het wat moeilijker. U hebt dan niet meteen dezelfde gevoelens als bij uw eigen kleinkinderen. Een puber heeft specifieke gewoonten en is daardoor een vreemde die plots in uw leven komt. Dat grootouders dan niet meteen iets voelen voor hun stiefkleinkind is normaal. Daar hoeven ze zich niet schuldig over te voelen. Of het goed loopt, heeft dan veel te maken met het feit of het karakterieel klikt. Als uw partner verwant is met het kleinkind is het een stuk makkelijker. Er is een bloedband. Maar u bent dan wel de enige buitenstaander. Veel hangt af van hoe sterk uw partner u erbij betrekt. Hertrouwt uw kind met iemand die al kinderen heeft, dan is de situatie voor beide grootouders nieuw. Grootouders die de nieuwe relatie van hun kind als blijvend zien, gaan de stiefkleinkinderen na verloop van tijd vaak als hun eigen kleinkinderen beschouwen. Vaak laten stiefgrootouders zich wel oma of opa noemen, maar dan meestal met een bijvoegsel: oma Betty of oma Genk bijvoorbeeld. Als er geen concurrentiegevoel heerst tussen de biologische en de stiefgrootouders hoeft dat geen probleem op te leveren. Ann Heylens