De naam Skimmia staat voor groenblijvende sierstruikjes die we zowel in volle grond als in potten kunnen houden. Hier interesseren ons de soorten Skimmia japonica en Skimmia reevesiana, omdat zij (althans de vrouwelijke planten) in het najaar rode bessen vormen die mooi afsteken tegen de puntige groene bladeren en die zeer lang aan de plant blijven. Beide soorten zijn gemakkelijk te vinden bij kwekers van sierheesters. De Skim-mia reevesiana (onze foto) heeft d...

De naam Skimmia staat voor groenblijvende sierstruikjes die we zowel in volle grond als in potten kunnen houden. Hier interesseren ons de soorten Skimmia japonica en Skimmia reevesiana, omdat zij (althans de vrouwelijke planten) in het najaar rode bessen vormen die mooi afsteken tegen de puntige groene bladeren en die zeer lang aan de plant blijven. Beide soorten zijn gemakkelijk te vinden bij kwekers van sierheesters. De Skim-mia reevesiana (onze foto) heeft de dikste bessen, vooral dan de variëteit Ruby King. Bij de japonica zijn de bessen het fraaist bij de variëteiten Rubella en Veitchii. Terwijl hulst makkelijk kan uitgroeien tot een hoge boom, blijven onze skimmia's compact: de reevesiana wordt niet hoger dan 80 cm, de japonica hooguit 120 tot 150 cm. Dat maakt ze, samen met hun trage groei, zeer geschikt voor potten en kuipen, ook al omdat ze het liefst (half)schaduw verkiezen. Nog een troef: in de lente tooien ze zich met witte of witroze bloempjes die klein blijven maar erg aangenaam geuren. Wilt u bessen, dan moet u altijd minstens één mannelijke plant naast één of meer vrouwelijke planten plaatsen. Bij aankoop moet u daar bij de kweker uitdrukkelijk naar vragen. U kunt het onderscheid ook zien bij bloeiende planten: de mannetjes dragen meeldraden in hun bloem, de vrouwtjes hebben stampers. Een goede verhouding is één mannelijke voor zeven vrouwelijke planten. Tijdens de bloeitijd moeten de planten samen staan (maximaal 1,5 meter tussen iedere pot). Eens de bessen zich gevormd hebben, kunt u de potten verspreiden op de plaatsen waar u sfeer wilt scheppen. Zet ze echter nooit in volle zon, want dan kunnen de bladeren lelijke gele vlekken krijgen. Wilt u de bessen gaaf bewaren tot in de kersttijd, dan moet u de potten op een plaats zetten die tegen de wind beschut blijft, zeker bij hevige vorst (Skimmia's zijn winterhard tot ongeveer -10 °C). Van vogels zult u weinig last hebben, want de bessen zijn (licht) giftig. Om de vorm compact te houden is het goed de struikjes in maart wat terug te snoeien. Strooi daarna wat koemestkorrels rondom de voet, dan zal de bloei en het aantal bessen nog rijker worden. In volle grond in de tuin doen groepjes Skimmia's het zeer goed in perkjes, in rotstuintjes, onder klimplanten en hoge bomen en tussen rododendrons en azalea's. nA Ludo Hugaerts