1. HET ZWIN (KNOKKE)

Wie kent het Zwin niet. Vandaag noemt het natuurreservaat zich een internationale luchthaven voor vogels. Het kreeg in 2016 een volledige make-over en werd recent ook uitgebreid. Geen vogelkooien en vijvers met betonnen randen meer, maar vogels spotten in volle vrijheid, vanuit kijkhutten die knap werden ingepast in de herschapen biotopen. Dat is misschien minder spectaculair voor ongeduldige kinderen, maar des te mooier voor natuurliefhebbers, die op ontdekkingstocht kunnen langs koekoeken, ooievaars, zwaluwen en andere rosse grutto's die het Zwin bevolken. Voor kinderen starten vanuit het nieuwe bezoekerscentrum leuke workshops en activiteiten in het park: vliegen als een ooievaar, jutten in de Zwingeul, elektronische eieren uitbroeden in je hand...
...

Wie kent het Zwin niet. Vandaag noemt het natuurreservaat zich een internationale luchthaven voor vogels. Het kreeg in 2016 een volledige make-over en werd recent ook uitgebreid. Geen vogelkooien en vijvers met betonnen randen meer, maar vogels spotten in volle vrijheid, vanuit kijkhutten die knap werden ingepast in de herschapen biotopen. Dat is misschien minder spectaculair voor ongeduldige kinderen, maar des te mooier voor natuurliefhebbers, die op ontdekkingstocht kunnen langs koekoeken, ooievaars, zwaluwen en andere rosse grutto's die het Zwin bevolken. Voor kinderen starten vanuit het nieuwe bezoekerscentrum leuke workshops en activiteiten in het park: vliegen als een ooievaar, jutten in de Zwingeul, elektronische eieren uitbroeden in je hand...Stalactieten hebben eeuwen nodig om enkele centimeters te groeien. Heeft het dan zin om opnieuw naar de overbekende grotten van Han te trekken? Absoluut! Deze trekpleister maakt sinds enkele jaren een gedaanteverandering door. In 2017 nog werden de lichteffecten herdacht, waardoor de grootsheid en de natuurlijke kleuren van de ondergrondse grotten prachtig tot hun recht komen. De immense Wapenzaalgrot ondergaat een metamorfose met Origin, een klank- en lichtspel met de nieuwste laser- en videomappingtechnieken van Luc Petit. Dit spektakel werd in 2019 bekroond met een World Best Event Award. Behalve de grotten is er ook het dierenpark, dat de voorbije jaren knap is uitgebreid. Alles samen goed voor een dagvullende verwondering. Na vijf jaar renovatie heropende het vroegere Koninklijk Museum voor Midden-Afrika in Tervuren in 2018 de deuren. Een broodnodig titanenwerk, want sinds de jaren 50 was het museum nauwelijks veranderd en gaf het nog altijd de indruk het kolonialisme te bewieroken. De grote zalen van het paleis van Leopold II en het park eromheen hebben niets van hun aantrekkingskracht verloren. De museumruimte werd uitgebreid van 6.000 naar 11.000 m2 en dat zorgt voor een betere kijk op een van de meest volledige verzamelingen wereldwijd van natuurlijk en menselijk erfgoed uit Centraal-Afrika. Van verbijsterende rituele maskers tot opgezette dieren: je weet niet waar eerst te kijken. Vandaag toont het museum ook eigentijdse kunst uit Congo en de Congolese diaspora. Het koloniale verleden van België is niet weggegomd, maar wordt objectiever belicht. Te kritisch voor de enen, niet kritisch genoeg voor anderen: de polemiek rond het museum is nog niet gedoofd. Je komt dus beter zelf een oordeel vellen. Voor de 200ste verjaardag van de beroemde veldslag werd het memo-riaal volledig gerenoveerd. Blikvangers blijven nog steeds de heuvel met de Leeuw van Waterloo en het reusachtige cilindrische schilderij (110 m lang, 12 m hoog) dat een panoramisch beeld van de veldslag brengt. De gebouwen ernaast werden evenwel afgebroken en vervangen door een fonkelnieuw ondergronds museum dat het zicht op het landschap niet langer verstoort. Tussen de verzamelobjecten in kan je hier en daar genieten van nieuwe media-technieken: geanimeerde taferelen, spelletjes, een kijk op het slagveld vanuit een virtuele luchtballon en vooral een verbluffende, vierdimensionale kortfilm. Een aanval van de zware Franse cavalerie komt recht op je af, terwijl de aarde beeft onder het geluid van duizenden laarzen en de kogels je om de oren fluiten. In de hoeve van Hougoumont wat verderop wacht een ander multimediaspektakel, bedacht door alweer Luc Petit. Hier ontrolt zich een bijzonder bloedige episode van de veldslag. Sinds de start van het circulatieplan in april 2017 geldt het Gentse stadscentrum als grootste voetgangerszone van Vlaanderen. Je kan je auto kwijt aan de rand van de 'kuip', en de hele stad wordt nu doorkruist door fietspaden. Deze politieke beslissing heeft het aanzien van de middeleeuwse binnenstad grondig veranderd. Schonere lucht, meer groen en minder verkeerslawaai: ze maken het een pak aangenamer om de stadskern te voet of met zacht vervoer (tot een elektrisch vlot toe!) te verkennen. De historische gebouwen zijn uiteraard gebleven, maar je kan ze nu ook bekijken vanuit het gezichtspunt van Jan Van Eyck. Naar aanleiding van het Van Eyckjaar werden twee fietsroutes en een wandelroute uitgestippeld. Zij doorkruisen het hart van de stad en de omgeving zoals de schilder ze nog heeft gekend. We hebben het dan over de grote monumenten die er in de 15de eeuw al stonden - de Sint-Baafskathedraal, Gerard de Duivelsteen... -, maar ook over tal van onbekende gebouwen van toen, die vandaag een restaurant, winkel of kantoor huisvesten. Toen de laatste steenkoolmijnen van Limburg eind jaren 80 de deuren sloten, vreesden velen dat het mijnerfgoed van de provincie zou verloederen tot industriële kankers. Dat gebeurde gelukkig niet: sinds begin deze eeuw zijn behoorlijk wat gebouwen gerestaureerd en een nieuw leven gaan leiden onder de naam be-Mine in Beringen en C-Mine in Genk. Beide sites blijven de jongste jaren verder uitbreiden. In be-mine vind je niet alleen een mijnmuseum, sommige voormalige mijngebouwen zijn omgetoverd tot een duikcentrum met tropische vissen en een groot klimcentrum. Een oude terril werd in 2016 omgevormd tot een speel- en avonturenberg. In C-Mine blijft C-Mine Expeditie de voornaamste attractie. Hier beleef je met al je zintuigen en dankzij virtual reality het dagelijkse leven van de mijnwerkers. In 2019 kreeg het parcours er vier nieuwe installaties bij. In een ervan onderga je zelfs een aanval van mijngas. In 2011 ging het vroegere Museum voor Moderne en Hedendaagse Kunst (Mamac) in Luik dicht. Vijf jaar later heeft het plaats geruimd voor het gloednieuwe Musée de la Boverie in het park met dezelfde naam. In een paar jaar tijd heeft het museum al mooie internationale bekendheid verworven. Het gebouw - opgericht voor de wereldtentoonstelling van 1905 - is volledig gerenoveerd en heeft niets van zijn uitstraling verloren (wel integendeel!). Vandaag kan je hier in de beste omstandigheden genieten van werken uit de vaste collectie: Gauguin, Ingres, Chagall, Picasso, Evenepoel, Delvaux, Magritte en andere ronkende namen. Een andere ruimte is gewijd aan belangrijke tijdelijke tentoonstellingen, die het museum organiseert in samenwerking met het Louvre. Als je ooit je schoenen hebt versleten in de jeugdbeweging, dan is de kans groot dat dit op een wandeltocht over de Kalmthoutse Heide was, een van de oudste natuurreservaten van ons land. Misschien herinner je je nog het landschap, dat vrij uniek is voor België: bloeiende heidevelden zo ver je kan kijken, afgewisseld met duinen en vennen, bevolkt door duizenden vogels. Dat landschap en dat uitzicht zijn er vandaag nog steeds, maar toch onderging het natuurreservaat recent een aantal aanpassingen. Het maakt nu deel uit van het grotere Grenspark Kalmthoutse Heide, dat zich aan beide kanten van de Belgisch-Nederlandse grens uitstrekt. Een wachttoren moet snel alarm kunnen slaan bij een heidebrand en sinds 2016 telt het park ook een driesterren stiltegebied - een van de weinige plekken in ons land waar je enkel natuurgeluiden hoort. Vorige winter herdacht Bastenaken met veel luister de 75ste verjaardag van de Slag om de Ardennen. De herdenking vormde ook het orgelpunt van de rond 2010 gestarte renovatie van het erfgoed dat met deze historische gebeurtenis verbonden is. In 2014 ging het Bastogne War Museum open. Hier kan je je via drie scenische animaties volledig inleven in het heetst van de veldslag. Al je zintuigen worden aangesproken en de 3D-voorstellingen dompelen je onder in de geschiedenis en in de ijzige Ardense winter van toen, ook als het buiten hartje zomer is. Ook de moeite: de Bastogne Barracks. De kazerne waar generaal McAuliffe zijn beroemd antwoord 'Nuts!' uitsprak, is nu een onderdeel van het War Heritage Institute, dat onder meer het Koninklijk Legermuseum beheert. Sinds 2010 herbergen de Barracks het Interpretatiecentrum Tweede Wereldoorlog en het Vehicle Restoration Center, dat een tweede jeugd geeft aan oldtimer pantserwagens. De meren van Eau d'Heure vormen vandaag het grootste kunstmatige merencomplex van ons land. Ze ontstonden in de jaren 70 door de bouw van twee stuwmeren. Alles samen goed voor 600 ha water, omgeven door 1.200 ha weiden en bossen. Een heerlijke plek voor watersportbeoefenaars en voor wie graag midden in de natuur aan rustige ontspanning doet. De jongste jaren is het toeristische aanbod gestaag toegenomen. Behalve allerlei vormen van waterpret - kano, kajak, windsurfen, zwemmen, zeilen, stand-up paddle... - vind je hier ook een klimparcours tussen de bomen, een vakantiedorp (Golden Lakes Village), een waterskibaan (Spin Cablepark, waterskiën zonder boot, langs een kabelbaanparcours), 100 km wandel- en fietspaden en een waterpark met wellness (Aquacentre). Uiteraard is een bezoek aan de stuwdam van Eau d'Heure, de grootste van België, een must. Je kan er ook in en met een lift naar een skywalk op 100 m hoogte zoeven. Wat een uitzicht!