K rasjes die een einde maakten aan bij- of verziendheid waren zo'n twintig jaar geleden een revolutie binnen de oogheelkunde. Maar inmiddels is die al een heel andere weg ingeslagen. "Toen waren die krasjes een goede oplossing", blikt prof. Tassignon, hoofd van de dienst Oftalmologie van het Antwerps Universitair Ziekenhuis terug. "Nu worden nog uitzonderlijk incisies aangebracht om astigmatisme te corrigeren, maar verder zijn ze achterhaald. Krasjes konden de stabiliteit van het hoornvlies in gevaar brengen. Ze zijn verdrongen door de refractieve chirurgie die sinds de jaren 90 furore maakt." Het is lang niet de enige revolutie die zich nu in de oogheelkunde en de optiek afspeelt.
...

K rasjes die een einde maakten aan bij- of verziendheid waren zo'n twintig jaar geleden een revolutie binnen de oogheelkunde. Maar inmiddels is die al een heel andere weg ingeslagen. "Toen waren die krasjes een goede oplossing", blikt prof. Tassignon, hoofd van de dienst Oftalmologie van het Antwerps Universitair Ziekenhuis terug. "Nu worden nog uitzonderlijk incisies aangebracht om astigmatisme te corrigeren, maar verder zijn ze achterhaald. Krasjes konden de stabiliteit van het hoornvlies in gevaar brengen. Ze zijn verdrongen door de refractieve chirurgie die sinds de jaren 90 furore maakt." Het is lang niet de enige revolutie die zich nu in de oogheelkunde en de optiek afspeelt. Wie nieuwe brillenglazen wil bestellen, kan zich daar niet meer op vijf minuten vanaf maken. De keuze beperkt zich immers allang niet meer tot glas of kunststof. Door het gebruik van computers bij het aanpassen van de glazen is het mogelijk om correcties almaar subtieler aan te brengen. Verder spelen glazenproducenten in op specifieke problemen of levensstijlen (lees onze tests op de volgende pagina's). Brillenglazen kunnen nu ook perfect op maat gemaakt worden. De traditionele oogmeting met de typische letter- en cijferkaarten kan aangevuld worden met een laseronderzoek, dat naast de nodige correctie ook onderzoekt welke afwijkingen het oog vertoont. "Een goede opticien is bij de keuze van een bril ontzettend belangrijk, hij moet veel meer zijn dan een verkoper van hippe montuurtjes", vindt prof. Tassignon. "Een bril moet stabiel staan op neus en oren en het montuur moet stevig en niet makkelijk vervormbaar zijn. Niet elk montuur is geschikt voor vrij zware brillenglazen, bijvoorbeeld." Ook voor wie niet van plan is om zijn ogen chirurgisch onder handen te laten nemen, zijn er interessante ontwikkelingen. Vroeger moesten nogal wat contactlensdragers overschakelen op een bril zodra ze last kregen van drogere ogen, maar dat wordt stilaan verleden tijd, nu hoe langer hoe meer merken uit-eenlopende types silicone hydrogel lenzen op de markt brengen. In tegen-stelling tot de oudere generatie hebben de nieuwkomers niet meer zoveel water nodig om zuurstofdoorlatend te zijn, zodat het oog ook bij weinig traanvocht kan blijven ademen. Typische klachten als 'schurende' lenzen worden tot een minimum herleid en meer mensen kunnen langer contactlenzen dragen. Wie jaren geleden noodgedwongen contactlenzen opgaf, kan nu een nieuwe poging wagen. Niet alleen is de hele procedure van het reinigen en bewaren ontzettend eenvoudig geworden, bij het gebruik van daglenzen is ze zelfs overbodig. Maandlenzen zijn door het overschakelen naar hoogzuurstofdoorlatende materialen veel comfortabeler geworden, maar ook de daglenzen evolueren verder naar nog zachtere, soepelere en makkelijker aanbrengbare en verwijderbare exemplaren. Net als in de brillenglazensector proberen de fabrikanten in te spelen op specifieke behoeften van de klant: omdat niet meer alleen jonge mensen contactlenzen gebruiken, heeft nu de eerste silicone hydrogel lens tegen presbyopie haar intrede gedaan: de leeslens als vervanger voor de leesbril (lees de test op p. 60). "Contactlenzen zijn eigenlijk de beste oplossing om het gezichtsvermogen te verbeteren", vindt prof. Tassignon. "De fysiologie van het oog wordt immers het best bewaard, er wordt niets gewijzigd aan de vorm van het oog en de kwaliteit van het beeld is optimaal. Bij een bril ligt dat anders omdat de corrigerende lens niet echt op het oog zit, maar er verloren ruimte bestaat. Door die afstand krijg je ook bijbeelden. Aan de andere kant zijn er ook op het gebied van brillenglazen grote verbeteringen." Niet alles kan opgelost worden door het bewerken van de kromming door het verwijderen van corneaweefsel. In zo'n gevallen kan een kunstlens ingeplant worden. Ook hier zijn twee mogelijkheden. Ofwel wordt een corrigerende kunstlens voor de eigen lens geplaatst, ofwel wordt die vervangen door een kunstlens. Die laatste ingreep kan onder plaatselijke verdoving gebeuren, ze wordt al haast routinematig uitgevoerd bij mensen met cataract. "Daarnaast is ook een combinatie mogelijk van een kunstlens met een bewerking van het hoornvlies", vertelt prof. Tassignon. "Zo komen we tot een behandeling op maat voor elke patiënt, door uit te zoeken welke combinatie het best zal werken." De laserchirurgie telt twee hoofdrichtingen. De ene optie is om de gewenste kromming te slijpen op de oppervlakte van het hoornvlies, de tweede om eerst een flapje aan de voorkant van het hoornvlies los te maken en daaronder de kromming te bewerken door een dun laagje dieper gelegen hoornvliesweefsel weg te branden. Het flapje zuigt zichzelf nadien weer aan. "Beide methoden hebben hun voor- en nadelen. De ingreep aan het oogoppervlak is pijnlijker en het zicht is niet meteen optimaal, maar je blijft wel aan de oppervlakte van het oog. De behandeling met het flapje is minder pijnlijk en heeft sneller effect, maar levert meer risico op voor de stabiliteit van het hoornvlies." Het grote voordeel van de verfijning van beide technieken is, dat ze steeds beter kunnen aangepast aan elk specifiek probleem. Een nadeel van beide methodes blijft een lichte daling van de contrastgevoeligheid, omdat de transparantie van het hoornvlies verandert. Die refractieve chirurgie bestaat uit een aantal technieken met als doel de breking van het licht in het oog te optimaliseren en zo een scherper gezichtsvermogen te creëren. "Die worden almaar verfijnder en specifiek aangepast aan individuele patiënten", legt prof. Tassignon uit. "Maar het belangrijkste is dat de focus van die ingrepen verlegd is van enkel correctie naar contrast. We wegen nu af welke veranderingen op lens en/of hoornvlies het meest geschikt zijn om een individuele patiënt in staat te stellen om zo duidelijk mogelijk contrast waar te nemen." Het gezichtsvermogen verbeteren bij een cataractoperatie door een kunstlens te plaatsen die meteen ook bij- of de verziendheid corrigeert, kan nu al. "In de toekomst hopen we echter ook medicatie bij die lens te kunnen plaatsen", zegt Marie-José Tassignon die onder meer koning Albert II tot haar patiënten mag rekenen. "Dat zou bijvoorbeeld inspuitingen tegen leeftijdsgebonden macula-degeneratie overbodig kunnen maken. Voorlopig is dat nog toekomstmuziek." n Lees nog meer op onze website: www.plusmagazine.be/dossierogenAriane De Borger