"Dat is toch niet meer voor mij!" "Ik heb het altijd al gered zonder therapeut." Aan excuses om niet bij een therapeut aan te kloppen geen gebrek, eenmaal de 50 voorbij. Maar waarom zou het dan te laat zijn om aan onszelf te werken? Gelukkig komt er een mentaliteitswijziging op gang en raakt psychotherapie stilaan ingeburgerd. We beginnen in te zien dat mensen niet in therapie gaan omdat ze gek zijn, maar omdat ze zich beter willen voelen, niet telkens dezelfde fouten willen maken. En daarbij vormt leeftijd geen obstakel meer omdat onze perceptie van ouderdom intussen sterk veranderd is. "Vandaag leeft een vijftiger niet met de gedachte dat hij er morgen niet meer zal zijn", zegt Patrick De Neuter, professoremeritus en psychoanalyticus (UCL).
...

"Dat is toch niet meer voor mij!" "Ik heb het altijd al gered zonder therapeut." Aan excuses om niet bij een therapeut aan te kloppen geen gebrek, eenmaal de 50 voorbij. Maar waarom zou het dan te laat zijn om aan onszelf te werken? Gelukkig komt er een mentaliteitswijziging op gang en raakt psychotherapie stilaan ingeburgerd. We beginnen in te zien dat mensen niet in therapie gaan omdat ze gek zijn, maar omdat ze zich beter willen voelen, niet telkens dezelfde fouten willen maken. En daarbij vormt leeftijd geen obstakel meer omdat onze perceptie van ouderdom intussen sterk veranderd is. "Vandaag leeft een vijftiger niet met de gedachte dat hij er morgen niet meer zal zijn", zegt Patrick De Neuter, professoremeritus en psychoanalyticus (UCL)."Leeftijd als een obstakel zien, is een fatalistische instelling: men denkt dat niets ooit verandert, wat men ook doet. Het wijst op angst voor verandering: men houdt vast aan wat men vandaag heeft, zelfs al schenkt dat geen voldoening, liever dan zich aan het onbekende te wagen", aldus nog De Neuter.Volgens gezinspsychotherapeute Marie-Christine de Saint-Georges verdwijnt het excuus 'leeftijd' wanneer de nood het hoogst is. "In therapie gaan is niet iedereen gegeven: je moet in staat zijn om de stap te zetten. Vooral mensen jonger dan 40 jaar blijken daartoe bereid. Al schuiven sommigen hun leeftijd wel aan de kant wanneer in therapie gaan voor hen een zaak van leven of dood wordt."Op 60 jaar zijn de levensvragen nu eenmaal dwingender dan wanneer we 20 zijn. De drang om te leven - en goed te leven - is niet langer enkel een subjectief gevoel, het wordt een realiteit. De tijd die ons nog rest, is objectief minder lang dan de tijd die al achter ons ligt. En dus stellen we ons vragen over de zin van ons leven, over onze successen en mislukkingen, over de weg die we hebben afgelegd en over wat we nog kunnen verwachten. "Op 30 jaar is de dood een ver-van-ons-bedgedachte. Maar op 50, 60 of 70 kampen de meeste mensen al met ouderdomskwaaltjes en met angst voor de dood. Psychotherapie kan ouder wordende mensen helpen om zich daarmee te verzoenen", vindt De Neuter.Want ook al is het tijd voor een eerste balans, we beseffen ook dat we nog een eind te gaan hebben! Die existentiële crisis wordt overigens vaak uitgelokt of versterkt als we met pensioen gaan en ons leven grondig overhoop wordt gehaald. We kunnen ons niet langer verstoppen achter de verplichtingen van ons beroepsleven. Plots staan we oog in oog met onszelf. "Met pensioen gaan is een beproeving", weet Patrick De Neuter. "Plots hebben we veel meer tijd en vragen we ons af wat we ermee gaan aanvangen. Ook binnen de relatie verandert de dynamiek. Van de ene dag op de andere leven we 24 uur op 24 samen."En dan is er nog de komst van de kleinkinderen. Ook al ervaren we dit als een blijde gebeurtenis, het is ook - en dat wordt vaak niet gezegd - een emotionele mokerslag. "Grootouder worden brengt ons een stapje dichter bij de dood. Het verandert bovendien de relatie met onze eigen kinderen, want vanaf nu moeten we onze status delen. Wie grootvader wordt, moet zijn status van vader leren delen met zijn zoon", aldus De Neuter. En dat is behoorlijk verwarrend omdat het vaak een hele familiale voorgeschiedenis oprakelt.Vandaar dat psychotherapeuten almaar vaker zestigers over de vloer krijgen, vooral dan voor een relatietherapie: "Ik krijg veel koppels van 60 jaar en ouder over de vloer die nog verlangen naar een hechte relatie, die niet willen dat het slecht tussen hen gaat of elkaar niets meer te zeggen hebben", stelt Marie-Christine de Saint-Georges vast. Oudere koppels nemen vandaag absoluut geen genoegen met een vorm van vreedzaam samenleven. Ze verwachten nog veel van hun leven als koppel: opa en oma worden is OK, maar wel als minnaars! "We stellen hoge verwachtingen aan onze relatie. Vanaf een bepaalde leeftijd zijn relatieproblemen een krachtige drijfveer om samen in therapie te gaan", aldus de psychotherapeute.Veranderingen op seksueel gebied zorgen eveneens voor belangrijke existentiële vragen. Kan ik nog wel verleiden? Kan ik mijn partner nog bevredigen? Waar blokkeren we? Wat frustreert ons? "Die vragen kunnen er komen omdat hun seksleven vroeger meer bevredigend was, maar evengoed omdat ze nooit een bevredigend seksleven hebben gehad. En net in de fase waarin deze vragen opduiken, dienen zich door de andro- en menopauze ook fysiek storende, maar vaak miskende factoren aan", legt seksuologe Esther Hirch uit. Bovendien is niemand immuun voor verliefdheid op middelbare leeftijd, voor een late passie die alle zekerheden onderuithaalt. "Heel wat mannen en vrouwen raken flink in de knoop door hun eigen midlifecrisis of die van hun partner. Late verliefdheid kan angst aanjagen als ze je in haar macht heeft", merkt Patrick De Neuter op.Hoe ouder we worden, hoe crucialer de duur van de therapie. Velen vragen zich op 60 af of het nog zinvol is om met psychotherapie te starten omdat dit vaak een lange periode in beslag neemt. "Het klopt dat, ongeacht het soort therapie dat men kiest, men niet vooraf kan bepalen hoelang ze zal duren", zegt Marie-Christine de Saint-Georges.Patrick de Neuter denkt er net zo over: "Sommige mensen maken in zes maanden tijd een ongelofelijke evolutie door; anderen doen daar jaren over. Maar de therapie stopt wanneer de persoon zelf vindt dat hij/zij voldoende vooruitgang heeft geboekt." Tal van psychotherapeuten wijzen erop dat de tijd die men in een therapie investeert meteen winst oplevert, met als bonus een grotere sereniteit en meer grip op het leven. "Het is nooit te laat om de dingen die ons overkomen anders én beter te beleven dan vroeger. Tijd bestaat niet voor ons onbewuste. Integendeel, naarmate we ouder worden, wordt ook het kind in ons opnieuw wakker. Psychotherapie kan helpen om de beproevingen van het leven en dus ook veroudering serener te doorstaan. Ze kan ook helpen om een betere ouder of grootouder te worden", aldus nog Patrick De Neuter.Ook bij het levenseinde kan psychotherapie nuttig zijn, stellen de diensten voor palliatieve zorg vast. Niet alleen voor de persoon zelf, maar ook voor de familie die achterblijft en vaak trauma's en onopgeloste conflicten erft. "Of zoals de Franse kinderarts en psychoanalytica Françoise Dolto (1908-1988) het stelde: door een grootmoeder in therapie te nemen, help je drie generaties sterker in het leven te staan. Zelfs als de dood al aan de deur klopt, kunnen therapeutische gesprekken zinvol zijn", besluit Patrick De Neuter. Er staat geen leeftijd op een reis naar de kern van onszelf maken, met of zonder de hulp van een psychiater.JULIE LUONGPsychotherapie kan helpen om het leven en het ouder worden serener te doorstaan.