Een paar weken geleden lachten we er nog mee, toen we over de grenzen van de privacy zaten te praten. "Als de supermarkt mijn klantenkaart analyseert, zullen ze denken dat het bij mij thuis een vieze boel is want sinds ik microvezeldoekjes gebruik, koop ik bijna geen detergent meer", grapte een collega-journaliste. En we amuseerden ons met het bedenken van profielen die Big Brother uit onze kaarten zou kunnen afleiden. Sinds begin februari lijkt dat niet zo grappig meer. Een supermarkt ontcijfert uw aankopen om u persoonlijke korti...

Een paar weken geleden lachten we er nog mee, toen we over de grenzen van de privacy zaten te praten. "Als de supermarkt mijn klantenkaart analyseert, zullen ze denken dat het bij mij thuis een vieze boel is want sinds ik microvezeldoekjes gebruik, koop ik bijna geen detergent meer", grapte een collega-journaliste. En we amuseerden ons met het bedenken van profielen die Big Brother uit onze kaarten zou kunnen afleiden. Sinds begin februari lijkt dat niet zo grappig meer. Een supermarkt ontcijfert uw aankopen om u persoonlijke kortingbonnen te sturen. Efficiënt. Nu kan het de computer natuurlijk niets schelen of u veel of weinig detergent gebruikt - hij zal u gewoon geen reclame sturen voor producten die u niet koopt. Maar toch zet het aan het denken over het feit dat ons doen en laten almaar meer in de gaten wordt gehouden. De kleinste uitgave met uw bankkaart wordt vastgelegd. Via uw gsm en gps wordt u gelocaliseerd. Bewakingscamera's op openbare plaatsen registreren u. Webcams die hun beelden op het internet spuien doen dat ook - en ze zijn zo krachtig dat u door in te zoomen zelfs de titels kunt ontcijferen van de krant die iemand op een terrasje zit te lezen. Veel mensen maken zich zorgen over al die controles en registraties, ook omdat we er zo weinig tegen kunnen doen, behalve naar een onbewoond eiland verhuizen. Maar paradoxaal genoeg zijn het vaak dezelfde mensen die de deuren van hun privéleven wagenwijd openzetten. Via socialenetwerken als Facebook, via blogs, commentaren en foto's die ze op internetsites plaatsen. Het lijkt wel of de mogelijkheid om zelf content te produceren sommige mensen elk wantrouwen overboord doet gooien, tot op het naïeve af. De man die schrijft dat hij zijn vrouw bedrogen heeft, de werknemer met ziekteverlof die over zijn middag op de tennisclub vertelt, de schooljongen die de spot drijft met de leerkrachten of die vertelt hoeveel de juwelen van zijn moeder waard zijn en waar zij ze bewaart, de sollicitant die vergeet dat er op het web compromitterende foto's van hem te vinden zijn... en allemaal schrikken ze nadien van de gevolgen. Dat alles is geen reden om paranoïde te worden. Maar wel voorzichtig, want het internet is voor iedereen toegankelijk en heeft een olifantengeheugen. Blogs bijvoorbeeld, zijn een maatschappelijke fenomeen (zie ook blz. 26). Als ze goed worden gebruikt, kunnen ze een waardevolle rol spelen. Een spoor achterlaten, een gemeenschap scheppen, schrijven als therapie, met elkaar in contact blijven of massaal in actie komen zoals na de aardbeving in Haïti. Zoals uit uw vele reacties blijkt, kan bloggen een fantastisch instrument zijn! Anne Vanderdonckt, hoofdredacteurAnne Vanderdonckt