Idaho ligt in het noordwesten van de VS en heeft een ongewone, grillige vorm. In het zuiden leunt de staat op de schouders van Nevada en Utah, het noorden heeft hij zicht op Canada. In de hoofdstad Boise pikken we de huurmotoren op. Brede boulevards lopen in keurig dambordpatroon naar het hart van de stad. Boise oogt modern en trendy: leuke cafés, koffiebars, winkels en restau-rantjes liggen in de buurt van het imposante State Capitol (parlementsgebouw). Hier kunnen we wel even vertoeven zonder dat de verveling toeslaat, maar we moeten er vandoor.
...

Idaho ligt in het noordwesten van de VS en heeft een ongewone, grillige vorm. In het zuiden leunt de staat op de schouders van Nevada en Utah, het noorden heeft hij zicht op Canada. In de hoofdstad Boise pikken we de huurmotoren op. Brede boulevards lopen in keurig dambordpatroon naar het hart van de stad. Boise oogt modern en trendy: leuke cafés, koffiebars, winkels en restau-rantjes liggen in de buurt van het imposante State Capitol (parlementsgebouw). Hier kunnen we wel even vertoeven zonder dat de verveling toeslaat, maar we moeten er vandoor. In noordelijke richting verlaten we de stad. Het asfalt trekt een pikzwarte streep door een landschap van kale bergen. Het gele, uitgedroogde gras op de bergflanken danst heen en weer op het ritme van de wind. In het dal stroomt de Payette River. Langs de kant van de weg meldt een reusachtig bord dat we de 45ste breedtegraad kruisen. We rijden halfweg tussen noordpool en evenaar. En dan lijkt het alsof plots een gordijn opengaat. De bergen maken plaats voor een enorme grasvlakte, de perfecte plek voor de ranches met duizen-den koeien. Een spandoek draagt een niet mis te verstane boodschap: nowolves.com. Veeboeren zijn niet gelukkig met de stijgende wolvenpopulatie. De wolven werden enkele jaren geleden uitgezet in het Yellowstone National Park. Maar ze hebben lak aan de grenzen van het park en verspreiden zich in alle windrichtingen. We klimmen uit het dal van de Sna-ke River tot op het plateau met goudgele graanvelden. We rijden een poos-je door wat je de graanschuur van Ida- ho kunt noemen. Naarmate we vor-deren, wordt het reliëf brutaler. De graanvelden dijen uit en maken langzaam plaats voor bergen met naaldwouden. Via de idyllische stadjes Coeur D'Alene en Sandpoint, beiden aan de oevers van een meer, tuffen we verder en verdwijnen in een eindeloze prairie, niet gemaakt op mensenmaat. We naderen de grens met Montana. Overal zien we verlaten woningen. Een roestige tractor flankeert een scheefgezakte schuur. Een benzinestation staat te koop, de blauwe truck voor de pomp ook. Maar er komen geen kooplustigen op af. Daarvoor is de streek te onherbergzaam, het leven in de bergen te hard, de toekomst te onzeker. En zo zakken we dieper af in Montana. Een reusachtig bord langs de weg meldt: land for sale. Hoe groot doet er niet toe. Hier kijken ze niet op een hectare. Intussen volgt de weg de kronkelende loop van een rivier. En dan, achter een flauwe bocht, gebeurt iets totaal onverwachts: een bruine beer steekt de weg over. We remmen, leggen de motor stil. De beer wankelt over de straat. We graaien naar ons fototoestel. Het dier is vlakbij, op niet eens 20 meter. Wat als hij ons in de gaten krijgt? Je weet niet wat in zo'n berenhoofd omgaat. Onze vrees blijkt ongegrond. De beer knabbelt aan een bessenstruik en trekt zich geen moer aan van wat er rondom hem gebeurt. Enkele ogenblikken later verdwijnt hij in de begroeiing, ons achterlatend met open mond. We trekken verder en rijden via Missoula terug Idaho binnen. Intussen zijn we omringd door een aaneenschakeling van bizarre rotsformaties. Naast het wegdek baant de Salmon River zich een weg tussen een doolhof van rotsblokken. Plots zien we enkele mannen die te voet met een rubberboot door de rivier waden. Met een elektrische lans lijken ze vissen te doden. "Aan het vissen?", vragen we nieuwsgierig. "We tellen het visbestand", roepen de mannen terug. We volgen nog een tijdje de loop van de rivier tot we in het toeristische stadje Salmon aankomen. Het is een heerlijke plek om even te pauzeren. We rijden verder naar het zuiden. De hoogvlakte is slechts begroeid met kort, uitgedroogd gras. Het is een landschap zonder schaduwen waar de wind vrij spel heeft. We rijgen de miles aan elkaar tot we in de buurt komen van Arco, ooit de thuisbasis van een militair nucleair testcentrum. Maar sinds het militaire kernprogramma halfweg vorige eeuw werd opgeschort, lijkt Arco bevroren in de tijd. Alleen twee reusachtige vliegtuigmotoren en de koepel van een met kernenergie aangedreven onderzeeër blijven achter als stille getuigen van het eens zo prestigieuze project. Na Arco gaapt alweer de grote leegte. We rijden Craters of the Moon National Park binnen. Het is een landschap van gestolde, zwarte lavastromen dat vermoedelijk voor de maan bestemd was, maar door een foutje van de Schepper op aarde is terecht gekomen. De volgende halte op onze weg is Sun Valley, het eerste skioord (1936) op Amerikaanse bodem. Al wie naam en faam had in Hollywood kwam er op vakantie. Ook schrijver Ernest Hemingway was er een vaste gast. Zijn graf vind je in het naburige plaatsje Ketchum. Highway 75 leidt ons naar het prachtige Redfish Lake, een wondermooi bergmeer waarin de toppen van de Bitterroot Mountains zich spiegelen. We trekken een laatste streep door het landschap naar het diepe zuiden van Idaho. In de zinderende woestijn liggen her en der spookstadjes verspreid. In ghost town Silver City houden we halt. Het is een volledig verlaten mijnstadje. De klok staat er al 150 jaar stil. We hebben Idaho volledig uitgekamd. Het enige wat ons nu nog rest, is zachtjes terug naar Boise te tuffen. Tekst en foto's: Erwin Kennis