ONGEREPTE STRANDEN EN KRISTALHELDER WATER

Mallorca, het grootste eiland van de Balearen, staat bekend om zijn prachtige stranden en kristalhelder water. Aangezien we hier op een eiland wonen, moeten Mallorcanen nooit ver gaan voor het strand, aldus Leentje. Wij hebben bijvoorbeeld al een strandje op een kwartier wandelen. Bovendien hebben we hier altijd een blauwe vlag, het internationale keurmerk voor zwemwater van uitstekende kwaliteit en schone stranden.
...

Mallorca, het grootste eiland van de Balearen, staat bekend om zijn prachtige stranden en kristalhelder water. Aangezien we hier op een eiland wonen, moeten Mallorcanen nooit ver gaan voor het strand, aldus Leentje. Wij hebben bijvoorbeeld al een strandje op een kwartier wandelen. Bovendien hebben we hier altijd een blauwe vlag, het internationale keurmerk voor zwemwater van uitstekende kwaliteit en schone stranden. Je hebt stranden met veel voorzieningen, waar je kan sporten, eten, makkelijk parkeren. En je hebt er ongerepte. Dat zijn de mooiste. Het zijn ietwat wilde stranden, waar je niet zomaar bij kan met de auto. Es Trenc aan de zuidkust van het eiland, is een van de mooiste van Mallorca: twee kilometer enkel fijn wit zand, zonder bebouwing. Daar gaan we graag naartoe. De stranden met veel voorzieningen zijn dan weer zeer goed toegankelijk voor rolstoelgebruikers en buggy's, dankzij de houten vlonderpaden tot aan zee. Gasten nemen we zeker mee naar Pal- ma, niet groot, maar erg mooi. Het bekendst is de 13de-eeuwse Gotische kathedraal La Seu (foto onderaan de pagina). Begin 20ste eeuw werd haar interieur gerestaureerd door architect Antoni Gaudí. Vlakbij ligt het Parc de la Mar met aangename tuinen, vijvers en palmbomen. La Almudaina, de zomerresidentie van de Spaanse koninklijke familie, ligt tegenover de kathedraal. Maar de stad wordt gevormd door talloze architectuurparels uit de art nouveau en andere periodes. Het gaat vaak om heel karakteristieke huizen van rijke Mallorcanen. Vergeet dus niet naar boven te kijken wanneer je door de met palmbomen omzoomde lanen flaneert. Meestal zijn deze huizen gebouwd rond patio's. Het leuke is dat je die binnentuinen kan bezoeken. De toeristische dienst van Palma biedt zulke tour aan. Niet te missen in Palma zijn de overdekte markten. Mallorca heeft een sterke gastronomische traditie en alle verse producten - vis, vlees, fruit, groenten - vind je hier. Op de mercado kan je aperitieven en tapas proeven. De grootste is de Mercat de l'Olivar. Wat kleiner, maar bijzonder aangenaam is de Mercat de Santa Catalina, in de vroegere vissersbuurt. En een topper is de Mercat Gastronòmic de Sant Joan. De markten bevinden zich vaak in de buurt van een kerk, waar veel passage is. En bij de Ramblas heb je alle bloemenkraampjes en een biomarkt. Wij gaan graag op uitstap naar de noordkust. We varen er naartoe, want vanop zee is dat deel van de kust verbluffend mooi. We bezoeken dan bijvoorbeeld het authentieke bergdorpje Valldemossa (foto onder) of Port de Pollença, in een prachtige baai met fijne zandstranden en azuurblauw zeewater. Of we trekken de bergen in, want ook dat heeft Mallorca. In de Serra de Tramuntana kan je wandelen langs uitgestippelde routes. In de bergen heb je indrukwekkende vergezichten op het eiland en de zee. Een wandeling waar we erg van houden is die van het dorpje Caimari, bekend voor zijn olijfbomen en olijfolie, tot Lluc, vrij hoog in het gebergte. Het klooster van Lluc huisvest een zangschool voor kinderen. Ze heeft een eigen koor en je kan er geregeld concerten bijwonen. Van Caimari tot Lluc is het ongeveer twee uur stappen. Veel toeristen gaan naar huis met de typische schoenen van hier, de avarcas de Menorca. Het zijn zeer eenvoudig gemaakte sandaaltjes, in alle mogelijke kleuren. Ze zijn niet zo duur en Mallorcanen dragen ze graag in de zomer, om naar het strand te gaan of thuis mee rond te lopen. Majorica-parels kunnen een heel mooi souvenir zijn. Weet wel dat ze niet afkomstig zijn van oesters, maar door mensenhanden zijn gemaakt. En verder is keramiek hier een typisch product, net als de Telas de Lenguas, ambachtelijk textiel in strandhuisstijl. De Mallorcaanse keuken telt wel 101 typische gerechten, waar ik door mijn schoonmoeder ben in ingewijd. De keuken is ook erg seizoensgebonden. Rond Pasen bijvoorbeeld zijn er veel gerechten met schapenvlees. In de nieuwjaarsperiode staat steevast hutsepot met kip, gedroogde abrikozen en pruimen op het menu. In de zomer wordt veel gekookt met zwarte aubergine. Sobrasada, de gezouten varkensworst, is erg populair. En op dit eiland kan je natuurlijk veel vis proeven. Een favoriet van mijn ouders is vis op Mallorcaanse wijze, met andijvie, spinazie, tomaat en pijpajuintjes. We nemen gasten graag mee voor een glaasje wijn in een echte bodega of naar een tapasbar. Tast (Avenidas en El Náutico) in Palma staat bekend voor zijn uitstekende tapas. Restaurant Fera in hartje Palma heeft een verfijnde inrichting en dito mediterrane keuken. Verder in het centrum bevindt zich het sterrenrestaurant van Adrian Quetglas (foto boven), waar je een menu kan proeven voor 20 euro. Een absolute topper zijn ensaimadas, typisch lokale, zoete en luchtige broodjes. In Ca'n Joan de s'Aigo in Palma kan je ze proeven met artisanaal ijs! Af en toe gaan we met onze bezoekers op hotel. Dan is het voor iedereen vakantie. Onze adresjes? Las Gaviotas Suites (****) aan het hagelwitte Playa de Muro vinden we erg goed. Het ligt aan de noordoostkust en je hebt er een prachtig uitzicht op de baai van Alcúdia. In het binnenland is agro-boetiekhotel Ca's Xorc in Sóller een aanrader, net als het kleinschalige S'Olivaret in Alaró, beide vier sterren. Ook Hotel rural Es Riquers in Porreres (***) biedt goede kwaliteit. Mallorcanen vinden het vreemd dat buitenlandse bezoekers in Palma rondlopen in bikini en op slippers. Een Mallorcaan die naar de hoofdstad gaat, doet dat niet. Vakantiegangers gedragen zich natuurlijk nonchalanter, en gaan zelfs in korte broek dineren. Mallorcanen daarentegen trekken 's avonds op restaurant een lange broek aan, kleden zich netjes. Voor de lunch kan het al wat informeler. Ook de siësta is iets waar je best rekening mee houdt. In het buitenland wordt er soms nogal denigrerend over gedaan. Siësta, fiësta, weet je wel. Maar die siësta valt op de heetste uren van de dag, wanneer de zon het schadelijkste is voor je huid. Dat is het moment waarop je eet en rust. Toch sluiten enkel kleine zaken over de middag. De meeste grote ketens zijn zelfs veel langer open dan in België. Tot 21 uur 's avonds, en daarna kan je nog rustig op restaurant.