LICHT - Op de huskyslee of de sneeuwscooter

Spitsbergen, de meest noordelijke nederzetting op aarde, dompelt ons onder in barre winterkou. Bibberen en beven op 79 graden noorderbreedte. Het is alsof een aanslag wordt gepleegd op al onze zintuigen tegelijk, en toch genieten we ervan!
...

Spitsbergen, de meest noordelijke nederzetting op aarde, dompelt ons onder in barre winterkou. Bibberen en beven op 79 graden noorderbreedte. Het is alsof een aanslag wordt gepleegd op al onze zintuigen tegelijk, en toch genieten we ervan! Het is donker. Enkele vlammetjes proberen met hun grimmige gedans wat leven te brengen in de turfhut. Met een hondenslee zijn we over het Adventsdal hierheen gegleden. Daarna hebben de husky's zich in de sneeuw genesteld, terwijl wij ons binnen opwarmen met een kop warme chocolade. Berit heeft met haar man Karl al ruim twintig jaar negentig honden in dienst op het Noorse pooleiland Spitsbergen. Of op Svalbard, als u wilt, want zo noemden de Vikings het eiland. Het is oud-Noors voor Koude Kust en als zij dat al zeggen... Nadat we de warme chocolade tot in de topjes van onze tenen hebben voelen stromen, laden we onze slede opnieuw, checken we of het geweer geladen is (ijsberen kunnen altijd en overal opduiken) en sturen onze honden de onmetelijke ijsvlakte in, richting Longyearbyen. Het is piekuur in de hoofdstad van Spitsbergen en aardedonker. Maar dat kan de scooterfans hier niet deren. Echte Johnny's zijn het: ze jumpen over brokken ijs en maken een hels lawaai. Longyearbyen lijkt zowaar een drukke stad, al wonen er maar 1500 mensen. De andere 900 Spitsbergenaars hebben zich een vijftigtal kilometer verder gevestigd, in de Russische nederzetting Barentsburg. Op dat eiland hadden Russiche jagers al vroeg in de achttiende eeuw hun zinnen gezet. Voor een stukje walrus of een sneetje zeehond dachten ze wel kopers te vinden op het vasteland. Toen later bleek dat Spitsbergen vol steenkool zat, begonnen de Russen een mijnexploitatie, met toestemming van de Noorse overheid. Tot vandaag toe braakt de energiecentrale van Barentsburg een zwarte walm. Het is nu minus 25 en we glijden terug naar het in slaap dommelende Longyearbyen, waar iedereen op dit ogenblik van de dag binnen zit en rendiersteak eet. Een levend exemplaar in wintervacht - tsjokkend door de hoofdstraat - kijkt lichtjes geïrriteerd op wanneer we met onze scooter voorbij rijden. Een bezoek aan Spitsbergen is een extreme zintuiglijke ervaring. Zo zien we 's nachts het noorderlicht dansen in de ijzige lucht. Het schouwspel is indrukwekkend. Groene slierten in gordijnvorm slepen door de donkere vrieshemel. In de middeleeuwen dacht men dat het legers waren die in de lucht aan het vechten waren met elkaar. De oude Noren geloofden dan weer dat het de zieltjes van dode kinderen waren, en dat je zou worden meegenomen als je er met een witte zakdoek naar wuifde. De Vikings zagen er de weerspiegeling van ijsbergen in. En de eskimo's waren ervan overtuigd dat het hun voorvaderen waren die met een walrushuiden bal aan het voetballen waren. Wij horen al deze verhalen van enkele locals in Kroa, de dorpskroeg. We trekken onze muts diep over de oren, ritsen onze jas dicht en stappen Kroa buiten. De plotse stilte en de bijtende kou overvallen ons. Voorzichtig schuifelen we door de oranje verlichte straten terug naar ons hotel. Tweehonderd kilometer boven ons danst een eenzame streep poollicht, als een kaars die ons onderweg wat innerlijke warmte wil brengen. Waar het lot ons naartoe leidt? Wie zal het zeggen? Hier is de reis duizend keer interessanter dan de bestemming. Scandinavian Airlines vliegt van België naar Oslo, en van daaruit verder naar Longyearbyen: www.flysas.com ( tel. 02 643 69 79). Toeristische info: www.svalbard.net (tel. 00 47 79 02 55 50). België kent twee gespecialiseerde touroperators: www.bureauscandinavia.be (tel. '02 521 77 70) en www.gallia.be (of via uw reisagent). Er mag geen twijfel over bestaan: de Kerstman komt uit Lapland en van nergens anders! In Rovaniemi, pal op de poolcirkel, woont hij in een gloednieuw Santa Park, net naast het postkantoor waar jaarlijks honderdduizenden brieven uit de hele wereld binnenvallen. Glijdt u mee op de slee van Santa Claus, door het blauwe licht van de Lapse winter? De man met de witte baard ontvangt ons zoals het een oude, wijze man past: minzaam en begripvol voor al onze vragen, zelfs als ze bijvoorbeeld over de vermeende concurrentie met Sinterklaas gaan. "Ik probeer niet langer te begrijpen waarom ik zo nodig een concurrent zou moeten zijn voor mijn collega uit Spanje", zegt hij dan. "Bij de kinderen is er toch geen verwarring. Zij voelen alleen maar vreugde en geluk, zowel bij Sinterklaas als bij mij. Dus., waarom zouden we concurrenten moeten zijn?" Over een gebrek aan werk kunnen ze in Rovaniemi alvast niet klagen. In het postkantoortje vlakbij het huis van de Kerstman worden jaarlijks meer dan 700 000 brieven van kinderen beantwoord. Rond de kerstperiode passeren er 32 000 per dag! Met dank aan de Finse posterijen. Gelukkig is de Kerstman niet de enige sterkhouder in het winterse Lapland. Köpi begeleidt ons op een tochtje met een huskyslede nabij Muonio: een andere toeristische attractie die hij handig weet uit te spelen. Zes honden worden voor de slee gespannen. De beesten huilen nerveus, tot we het anker uit het ijs trekken en ons span vooruitschiet. Snel blijkt dat de basiscursus Hoe overleven op een huskyspan die we gevolgd hebben, niet overbodig is geweest. Honden hebben blijkbaar weinig inzicht in de zwaartekracht. In de eerste bochten moeten we heksentoeren uithalen om niet in de diepe sneeuw te belanden. En ze hebben al evenmin inzicht in hoogte. Zo beseffen ze blijkbaar niet dat zij wél onder een omgevallen berkenstam door geraken, maar wij iets minder makkelijk. Na enkele minuten echter, beginnen we elkaar beter aan te voelen. Het gehuil heeft plaatsgemaakt voor een monotoon gehijg. Het span is op kruissnelheid. Zelfs om te drinken stoppen de dieren niet: lopend schrapen ze met hun onderkaken wat sneeuw mee. Dat moet volstaan om de eerste dorst te lessen. Pas uren later houden we een stop in een tepi, een Lapse tent van rendierhuiden. Binnen brandt de kachel en krijgen we - naast de obligate koffie - een glas Tervaviina aangeboden. Het is een likeur die gemaakt is door vodka te versnijden met een soort van teer, afkomstig uit de wortels van sparren. Het resultaat is een rokerig smakend alcoholdrankje van 35 %. De Lappen - in vol ornaat - kijken toe en zwijgen. Het vuur knettert. " In Finland, people speak not many words", klinkt het plots. Een wereldschokkende onthulling is dit niet. Hier wordt de stilte gekoesterd. Het is 15 uur. Buiten valt de blauwe duisternis in. Zou de Kerstman nog aan ons denken? Bezoek de Kerstman op het internet: www.santaclausvillage.info Finnair biedt dagelijkse vluchten naar Rovaniemi en Kittilä, allebei te bereiken na een stop-over in Helsinki: www.finnair.com en tel. 070 25 30 09. Algemene toeristische info over Finland: www.visitfinland.com en tel. 00 358 10 605 80 00.Onze sneeuwscooter, een Polaris 550, jankt als een wolf met chronische maag-darmproblemen. Of als een Fin die het niet kan verkroppen dat de Russen na de Tweede Wereldoorlog met een stuk van zijn mooie land zijn gaan lopen. Tussen Salla in Finland en Kovdor in Rusland ontdekken we twee totaal verschillende werelden. Het is acht uur in Salla, een eind boven de Finse poolgrens. En acht graden ook. Minus, welteverstaan, maar dat epitheton laten de Finnen meestal weg. Tegen zo'n zestig kilometer per uur scheuren we over de bevroren meren tot aan de Russische grens. Aan Finse zijde staat een supermodern designgebouw: ontvangst met een glimlach, een verplichte alcoholtest (de Finnen zijn niet tolerant voor wie rijdt onder invloed). De Russische zijde van de grens vertelt een heel ander verhaal. De clichés uit het Breznjev-tijdperk staan hier nog stevig overeind. Om de administratieve storm te verwerken die onze aankomst hier veroorzaakt, heeft een legertje Russen met kiespijn meer dan een uur nodig. Het is alsof de glasnost en de perestrojka het te onherbergzaam hebben gevonden om hun ideeën tot hier te verspreiden. De tocht gaat verder over een kaarsrechte weg. Dertien kilometer scheiden het grenskantoor van het stalen hek aan de echte grens. Net voor de Tweede Wereldoorlog vochten Finnen en Russen hier hun winteroorlogje uit. Na honderd dagen schoof de grenslijn tussen beide landen vijfenzeventig kilometer westwaarts op... Bijtanken doen we in Kairala, het eerste dorp over de Russische grens. Vandaag wonen hier nog tweehonderd mensen, houthakkers vooral. En Lisa, een Oekraïense die eten maakt voor het dorp en kaneelkoeken met koffie voor ons. Haar vriend zet de pneumatische pomp in gang waarmee hij benzine in onze dorstige scooters giet. Ondanks de kou is Lisa's navel bloot. Méér maar minder knap volk zien we in Kovdor, het noord-oostelijke eindpunt van onze Russische safari. Hier woonden ooit meer dan dertigduizend Russen. Vandaag nog 23.500. Eén van hen is Leonid Dombrovskii. Hij is burgemeester, en ontvangt ons met stijl én met vodka in zijn grauwe kantoor. "Mijn stad is vijftig jaar oud. Ze is opgericht omdat men hier ijzererts en bakeliet vond. Ik wil graag toosten... opdat mijn mensen zich minder vaak zouden moeten afvragen hoe ze in de toekomst de eindjes aan elkaar zullen knopen." De terugrit verloopt zoals gepland, tenminste nadat een kind achteraan op de motor is gestapt en ons de weg heeft gewezen naar de gammele garagebox waar we onze motoren opnieuw kunnen voltanken. De verroeste poort hangt scheef, en de pomp werkt niet meer. De benzine wordt uit grote bidons in het brandstofreservoir gegoten. Traag glijden we daarna weer over de hoofdweg, filosoferend over het desolate boerengat dat ooit een welvarende mijnstad is geweest. Dromend over de hagelwitte toendra die we met onze scooter in stukken rijten, weg van Kovdar, terug naar Finland. Mijmerend over Lisa ook. Over haar kaneelkoeken met koffie. Finnair vliegt via Helsinki naar Kuusamo: www.finnair.com (tel. 070 25 30 09) Bureau Scandinavia biedt meerdaagse sneeuwcootertochten naar de grens. www.bureauscandinavia.be ( tel. 02 521 77 70). Aart De Zitter, foto's: Jerry De Brie & Thomas De Boever