Wie aan een vriend leent, verliest zowel zijn geld als zijn vriend, zegt de volkswijsheid. Je loopt inderdaad het risico om je geld nooit meer weer te zien en ruzie te krijgen. Om dit soort geschillen te voorkomen is het belangrijk de zaken volgens het boekje aan te pakken, vooral omdat een vriend die jou om een lening vraagt, vaak al heeft bot gevangen bij de traditionele kredietverleners en je hulp inroept om tijdelijke moeilijkheden te overbruggen: gezondheidsproblemen, een echtscheiding, een tegenslag in het leven. Maar je kan ook geld lenen aan familie, zoals een kleinkind dat een eerste woning wil kopen.
...

Wie aan een vriend leent, verliest zowel zijn geld als zijn vriend, zegt de volkswijsheid. Je loopt inderdaad het risico om je geld nooit meer weer te zien en ruzie te krijgen. Om dit soort geschillen te voorkomen is het belangrijk de zaken volgens het boekje aan te pakken, vooral omdat een vriend die jou om een lening vraagt, vaak al heeft bot gevangen bij de traditionele kredietverleners en je hulp inroept om tijdelijke moeilijkheden te overbruggen: gezondheidsproblemen, een echtscheiding, een tegenslag in het leven. Maar je kan ook geld lenen aan familie, zoals een kleinkind dat een eerste woning wil kopen. Niets verplicht beide partijen om de overeenkomst schriftelijk vast te leggen. Sommigen voelen zelfs schroom om alles zwart op wit op papier te zetten. Toch laat je de angst voor een striemende opmerking als 'Wat! Vertrouw je me dan niet?' beter los. Met een goed opgesteld document vermijd je discussies, misverstanden en klachten. Woorden vervliegen, geschriften blijven. Gaat het om een bedrag van minder dan 375 euro, dan volstaat een eenvoudige handgeschreven schuldbekentenis, een ondertekend schrijven van het type: 'De heer/mevrouw X erkent de som van Y euro te hebben ontvangen van de heer/mevrouw Z. Gedaan op (datum). Goedgekeurd voor de som van Y euro.' Voor grote bedragen is het echter absoluut aangewezen om een formeel leencontract op te stellen, dat in geval van een geschil rechtsgeldig is. Artikel 1.326 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt welke informatie in dit contract moet worden opgenomen. Zo'n schuldbekentenis moet altijd schriftelijk gebeuren, gedateerd zijn en ondertekend door de schuldenaar. Het moet de familienamen, voornamen en geboortedata van beide partijen bevatten. De wet bepaalt ook hoe de schuldenaar zich ertoe verbindt zijn schuld te verreffenen: met de handgeschreven vermelding 'goed voor', het bedrag in woorden, enz. Om geldig te zijn hoeft het contract niet volledig getypt te zijn. Hiernaast vind je een modeldocument. Je kiest best voor een bankoverschrijving om het geld dat je leent over te maken. Zo heb je meteen een onbetwistbaar bewijs: als schuldeiser kan je aantonen dat je het geld inderdaad op de rekening van de schuldenaar hebt overgeschreven, met een nuttige mededeling als aanvulling. Hetzelfde geldt voor de schuldenaar, die via zijn overschrijvingen kan bewijzen dat hij de terugbetalingsverplichtingen en de vervaldagen (al dan niet maandelijks) heeft gerespecteerd. Een voorbeeld van zo'n mededeling is: terugbetaling lening Mario 08/2020. Tip. Stel altijd een zeer nauwkeurige afbetalingskalender op. De ontlener voorstellen om pas terug te betalen wanneer hij/zij het zich kan veroorloven, is om problemen vragen. Hoe bewaar je het document van de leenovereenkomst? Je kan het gewoon in een lade opbergen, maar veiliger en verstandiger is het om het te laten registreren bij het kantoor Rechtszekerheid (voorheen registratiekantoor) in je buurt. Dat kost je 50 euro. Die registratie is niet verplicht, maar hierdoor verkrijgt dit onderhandse privécontract wel een datum, die niet kan worden betwist. Met een authentieke akte kan je het contract juridisch nog bindender maken, maar daarvoor moet je bij de notaris langs. Een authentieke akte heeft een bewijskracht die nauwelijks in twijfel kan worden getrokken. Vraag je als lener interest aan de ontlener, dan word je belast op de interest die je ontvangt. De FOD Financiën is duidelijk: fiscaal ben je verplicht om een aangifte van roerende voorheffing te doen voor een lening die interest oplevert. Deze aangifte doe je met formulier 273 (aangifte in de roerende voorheffing van inkomsten uit kapitaal en roerende goederen) dat je kan downloaden. Technisch gezien betaalt degene die het geld heeft ontvangen de roerende voorheffing. Deze belasting van 30% op de interest is bevrijdend, ze wordt aan de bron afgehouden. Met andere woorden: de ontlener betaalt slechts 70% van de interest aan de geldschieter. De resterende 30% gaat naar de belastingen. Gevolg? De ontlener zal de interesten in zijn belastingaangifte moeten opnemen. Is de interest die de ontlener betaalt voor hem/haar dan fiscaal aftrekbaar? Soms wel, bijvoorbeeld als de lening bedoeld is om een eerste woning te verwerven. De interest kan ook een aftrekbare beroepsuitgave zijn als de lening dient om beroepsactiviteiten te financieren. Tot zover het algemene principe, maar het kan uiteraard nooit kwaad om hierover een accountant te raadplegen. De wet verbiedt woekerpraktijken. "De lener mag geen misbruik maken van de zwakheden of onwetendheid van de kredietnemer door een interestvoet aan te rekenen die duidelijk hoger is dan de gangbare tarieven." Het heeft dus geen zin om een interest van 27% te vragen, stellen juristen. "Op verzoek van de kredietnemer kan de rechter dan de terugbetalingsverplichtingen van het geleende kapitaal terugschroeven en de interest tot het wettelijke tarief terugbrengen." Als de ontlener sterft voor de lening is afgelost, dooft de schuld niet zomaar uit. De erfgenamen die de nalatenschap aanvaarden moeten de lening verder afbetalen, tenzij anders bepaald. Dezelfde logica geldt bij de dood van de geldschieter: de ontlener betaalt zijn schuld verder af aan diens erfgenamen. De lening maakt wel deel uit van de activa van de nalatenschap en is dus onderworpen aan het erfrecht. En als je geld aan je kinderen hebt geleend? "Wil je niet dat zij daarop erfrecht moeten betalen, dan zet je de lening beter om in een onrechtstreekse schenking, door middel van een kwijtschelding van schuld", legt fiscalist Adrien Biquet van het maandblad MoneyTalk uit. "Om te ontsnappen aan het erfrecht, betalen de begunstigden van het geld in rechte lijn op deze schuldkwijtschelding 3% schenkingsrechten (3,3% in het Waalse Gewest) tenzij de schenking drie jaar voor het overlijden van de schenker heeft plaatsgevonden." En wat als de ontlener zich niet aan de afbetalingstermijnen houdt of betwist het bedrag te hebben ontvangen? Dan is het tijd om de volgende, wellicht pijnlijke, maar broodnodige stappen te zetten. Neem eerst informeel contact op met de ontlener en vraag hem/haar waarom de betaling niet is doorgegaan. Als de betaling, na een aangetekende brief met ontvangstbevestiging, nog steeds uitblijft, dan zit er niets anders op dan een juridische vordering op te starten om je geld terug te krijgen. Het is niet ongewoon dat de vereffening van een schuld tussen individuen in de rechtszaal eindigt. Als je van een vriend af wil, leen hem dan geld, is nog zo'n volkswijsheid.