De meeste mensen willen graag zo lang mogelijk in hun huis of appartement blijven wonen, eventueel mits wat hulp van familie, vrienden of buren. Zo ook Jeanine (86). Toen haar zoon deze week de boodschappen binnenbracht, gaf hij haar een vervelende opmerking, op het randje van beledigend. Jeanine zei niets. Dat deed ze ook vorige maand niet, toen ze ontdekte dat er 30 euro uit haar portefeuille was verdwenen.
...

De meeste mensen willen graag zo lang mogelijk in hun huis of appartement blijven wonen, eventueel mits wat hulp van familie, vrienden of buren. Zo ook Jeanine (86). Toen haar zoon deze week de boodschappen binnenbracht, gaf hij haar een vervelende opmerking, op het randje van beledigend. Jeanine zei niets. Dat deed ze ook vorige maand niet, toen ze ontdekte dat er 30 euro uit haar portefeuille was verdwenen. Wanneer we horen praten over mis(be)handeling, denken we spontaan aan fysiek geweld. Maar de misbehandeling van oudere personen is veel ruimer dan dat. Het gaat niet enkel over een bewuste handeling, maar ook over het nalaten om iets te doen. Vandaar dat we spreken over mis behandelen en niet enkel mishandelen. De mis(be)handeling gaat van verwaarlozing (niet de nodige dagelijkse hulp bieden) tot psychologische misbehandeling (chantage, beledigingen, kleinerende opmerkingen,...), financiële misbehandeling (geld stelen, de oudere persoon dwingen om een handtekening te plaatsen, misbruik van volmachten,...) en burgerlijke misbehandeling (identiteitspapieren wegnemen, de privacy niet respecteren,...). Uit een recente studie van de dienst Panel démographie familiale van de Universiteit van Luik blijkt dat in Wallonië meer dan 1/4 (28 %) van de 70-plussers die thuis wonen, reeds slachtoffer geweest is van misbehandeling. Ook uit het jaarverslag 2010 van het Vlaams Meldpunt Ouderenmis(be)handeling blijkt dat vooral mensen tussen 70 en 89 jaar risico lopen op mis(be)handeling. Om het probleem aan te pakken werd tot hier toe enkel gefocust op hulp en preventie. Nu komt daar een extra dimensie bij, in de vorm van een wetsvoorstel om ouderenmis(be)handeling ook strafrechtelijk aan te pakken. De initiatieven op het vlak van hulp en preventie worden regionaal georganiseerd. In Vlaanderen is dat via het Vlaams Meldpunt Ouderenmis(be)handeling en de provinciale steunpunten (Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg). Ook Brussel heeft een meldpunt en in Wallonië is er het agentschap Respect Seniors. Deze organisaties hebben dezelfde doelen: preventie door te informeren en te sensibiliseren (vormingen en studiedagen organiseren) en hulp en begeleiding bieden in situaties van misbehandeling. Ze registreren ook het aantal meldingen en houden statistieken bij over wie de melders zijn, de leeftijd van de slachtoffers, de aard van de interventie,... In Vlaanderen kunnen enkel oudere personen die thuis wonen terecht bij het meldpunt. Voor rusthuisbewoners is er in Vlaanderen wel de rusthuisfoon. In Brussel kunnen zowel thuiswonende als oudere personen die in een rusthuis verblijven terecht bij het meldpunt ouderenmis(be)handeling. Professionele hulpIn Wallonië is er een 'antenne' per provincie en 2 in Henegouwen. In elke antenne is een maatschappelijk werk(st)er en een psycholo(o)g(e) aanwezig die klaarstaan om een luisterend oor te bieden, vertelt ons Dominique Langhendries, directeur van Respect Seniors. "Respect Seniors krijgt oproepen die niet altijd gemakkelijk te behandelen zijn. Daarom werken we niet met vrijwilligers (dat is ook zo in de andere gewesten - nvdr), maar enkel met professioneel opgeleide mensen (psychologen en maatschappelijk werkers)", legt Dominique Langhendries uit. "Om de twee weken komen de ploegen samen om te praten over de gevallen waarmee ze te maken krijgen en één keer per maand ontmoeten ze externe psychologen. Op die manier stellen ze zichzelf opnieuw in vraag, wat belangrijk is. Ook belangrijk: we willen zo dicht mogelijk bij de mensen staan die ons bellen, maar zonder in de plaats te willen komen van de eerstelijnsdiensten die al bestaan. Ons werk is een aanvulling op dat van de rusthuizen, politiediensten, diensten voor familiehulp, de OCMW-diensten,..." Gratis hulplijnHulp bieden door te luisteren is dus een eerste taak van Respect Seniors. Er is dan ook een telefonische permanentie georganiseerd. Het gratis nummer is voor iedereen toegankelijk: slachtoffers, daders, getuigen. (Voor hulp in alle gewesten: zie kader). "Elke situatie die wordt gesignaleerd, wordt onmiddellijk opgenomen in een database, of het nu om een eenvoudige vraag om informatie gaat of een moeilijk concreet geval van misbehandeling", vertelt Dominique Langhendries. "Zo kunnen we de gegevens naar het juiste organisme sturen zonder dat de persoon nog eens opnieuw zijn verhaal moet doen en vinden we gemakkelijk gegevens terug. We sluiten nooit een dossier, want de beller moet ten allen tijde terug gecontacteerd kunnen worden, zelfs maanden of jaren later." In Vlaanderen geeft het meldpunt vooral advies. Volstaat een advies niet en is er een interventie nodig, dan brengt het meldpunt het provinciale steunpunt op de hoogte. In de provincies zonder steunpunt zal het meldpunt een andere reguliere dienst zoals bijv. een OCMW op de hoogte brengen (West-Vlaanderen) of samenwerken met contactpersonen op het terrein, zoals Centra voor Algemeen Welzijnswerk of thuiszorgdiensten (Vlaams-Brabant). Respect voor het slachtofferIedereen die zich zorgen maakt over een oudere persoon die mis(be)handeld zou worden, kan bij de meldpunten terecht op de hulplijn. Maar hoe gaat het dan verder? Neemt Respect Seniors contact met het slachtoffer? "Dat doen we inderdaad", bevestigt Pascale Broché, psychologe bij de antenne van Namen. "Eerst bekijken we met de beller of hij de persoon waarover hij zich zorgen maakt, kan aanmoedigen om contact met ons te nemen. Hoe dan ook werken we altijd in overleg met het (vermeende) slachtoffer, we doen nooit iets tegen zijn wil. We dringen geen oplossing op, maar proberen samen uit de situatie te raken. We proberen een sociaal netwerk (her)op te bouwen rond de oudere persoon, we begeleiden hem/haar om de zaken aan te pakken waar hij/zij zelf niet toe kan komen, we komen samen met andere hulpverleners (dokter, maatschappelijk werker,... )." Komt er soms politie aan te pas? "Het gebeurt gelukkig zelden, maar soms treffen we mensen aan die werkelijk in gevaar zijn of die zich in extreme situaties bevinden, waardoor een beroep op de politie doen zeker gerechtvaardigd is", antwoordt Pascale Broché. Wie vraagt hulp? Op de vraag wie het initiatief neemt om de hulplijn te bellen, is het antwoord verschillend naargelang het gewest. Uit het jaarverslag 2010 van het Vlaams Meldpunt Ouderenmis(be)handeling blijkt dat de meldingen vooral gebeuren door hulpverleners (46,3 %), gevolgd door de kinderen (14,4 %). Amper 12,7 % van de slachtoffers durft zelf de stap te zetten. In Wallonië liggen deze cijfers anders. Dominique Langhendries van het Waalse Respect Seniors geeft ons volgende cijfers: "In 39 % van de gevallen worden we gecontacteerd door een familielid. En in méér dan 1/4 van de gevallen (29 %) is het het slachtoffer zelf dat ons belt (+ 4 % tegenover het jaar daarvoor). Dit bewijst dat ons 'doelpubliek' onze diensten kent én durft bellen. De oproepen van hulpverleners en vrienden of buren zijn goed voor resp. 15 % en 13 %." In Brussel komen de meldingen vooral van externe diensten (32 %) en familieleden (29 %). Maar net als in Wallonië contacteren ook in dit gewest opvallend veel oudere personen zelf het meldpunt (22 %). Naast deze regionale initiatieven gericht op preventie en hulp was er geen federale maatregel die oudere personen beschermt bij mis(be)handeling. Daar komt verandering in. Senatrice Sabine de Bethune en Kamerlid Sonja Becq dienden een wetsvoorstel in om misbruiken van de positie van kwetsbare ouderen (en meer in het algemeen van elke persoon die kwetsbaar is door ziekte, lichamelijke of geestelijke beperking,.. ) ook strafrechtelijk te kunnen aanpakken. De Kamercommissie keurde het wetsvoorstel goed. Het werd door de Senaat geamendeerd en de Kamer moet er zich nu opnieuw over uitspreken. Daarna kan het wet worden. Het wetsvoorstel grijpt in op verschillende niveaus: 1. het voert een strafverzwaring in voor feiten die gepleegd worden tegen een persoon die zich in een bijzonder kwetsbare situatie bevindt (zoals slagen en verwondingen, diefstal). 2. het heft de straffeloosheid op voor misdrijven gepleegd met betrekking tot eigendom (dus niet m.b.t. de persoon, zoals moord) van een kwetsbaar persoon, als de feiten zich binnen het gezin voordeden. Het gaat hier in essentie over financieel misbruik. Momenteel kan diefstal binnen het gezin enkel leiden tot een burgerrechtelijke procedure, niet tot een strafrechtelijke. 3. het breidt de uitzonderingen op het beroepsgeheim uit. Artsen, paramedici (kinesisten,...) en zorgverleners zijn in principe gebonden door het beroepsgeheim. Eerder al werd het beroepsgeheim versoepeld ten aanzien van minderjarige slachtoffers. Het wetsvoorstel breidt dit uit tot andere kwetsbare slachtoffers, waaronder oudere personen. Artsen en andere hulpverleners zullen in het belang van de bijzonder kwetsbare persoon in geval van een ernstige en dreigende situatie hun beroepsgeheim mogen doorbreken en een melding kunnen doen bij het parket. 4. het laat verenigingen die de belangen van kwetsbare personen behartigen toe om een vordering in te dienen en zo de kwetsbare personen bij te staan (als die daarmee akkoord gaan). Jocelyne Minet en Annemie Goddefroy31,1% psychische mis(be)handeling (Bron: Jaarverslag 2010, Vlaams Meldpunt) 20% financieel of materieel misbruik