Er zijn maar weinig mensen die blijven werken tot 65 jaar - sedert dit jaar de wettelijke pensioenleeftijd voor mannen én vrouwen. Toch is dit de enige manier om voldoende loopbaanjaren bij elkaar te sprokkelen voor een volledig pensioen. Dat wordt pas bereikt na 45 gewerkte jaren. Loontrekkenden en zelfstandigen zijn echter niet verplicht met pensioen te gaan op hun 65ste. Zij kunnen doorwerken na 65, bijvoorbeeld om zo aan 45 gewerkte jaren te komen. Dat geldt niet voor ambtenaren: eens 65, worden zij vriendelijk bedankt voor bewezen diensten. In het kader van dit dossier bekijken we de mogelijkheden voor loontrekkenden en zelfstandigen.
...

Er zijn maar weinig mensen die blijven werken tot 65 jaar - sedert dit jaar de wettelijke pensioenleeftijd voor mannen én vrouwen. Toch is dit de enige manier om voldoende loopbaanjaren bij elkaar te sprokkelen voor een volledig pensioen. Dat wordt pas bereikt na 45 gewerkte jaren. Loontrekkenden en zelfstandigen zijn echter niet verplicht met pensioen te gaan op hun 65ste. Zij kunnen doorwerken na 65, bijvoorbeeld om zo aan 45 gewerkte jaren te komen. Dat geldt niet voor ambtenaren: eens 65, worden zij vriendelijk bedankt voor bewezen diensten. In het kader van dit dossier bekijken we de mogelijkheden voor loontrekkenden en zelfstandigen. Vroeger stoppen dan op 65 jaar kan ook, maar daar zijn voorwaarden aan verbonden. Via het brugpensioen (dat de laatste tijd behoorlijk is afgebouwd) kunt u uw looopbaan zelfs beëindigen voor u 60 bent. Dit alles in de veronderstelling dat u zélf uw moment kiest waarop u het werkende leven vaarwel zegt. Voor wie ontslagen wordt, maakt het een groot verschil of dat voor of na de zestigste verjaardag gebeurt. Het pensioen gaat in vanaf de maand volgend op die van uw 65ste verjaardag. Vergeet echter niet dat het laatste gewerkte jaar niet meegerekend wordt bij de pensioenberekening! Het kan daarom de moeite lonen om het pensioen nog even uit te stellen, tot het begin van het volgende kalenderjaar (meer hierover in Plus magazine juli/augustus 2008 nr. 240, p. 82 of op de site: www. plusmagazine.be/pensioenuitstellen . Hoe langer u blijft werken, hoe meer loopbaanjaren u hebt en hoe dichter u dus bij een volledige loopbaan (van 45/45ste) komt. Maar werken na 60 jaar heeft nog andere voordelen: als u werkt tot 65 jaar betaalt u minder belastingen op het bedrag van de groepsverzekering en voor elke gewerkte dag vanaf het jaar waarin u 62 wordt, hebt u recht op de pensioenbonus (euro2,1224). Loontrekkenden vergeten wel eens dat iedereen die met pensioen gaat, ontslagen moet worden. Dat geldt ook voor degenen die werken tot hun 65ste. Als loontrekkende bent u immers niet verplicht met pensioen te gaan op 65. Uw contract blijft doorlopen zolang u niet wordt ontslagen of zelf uw ontslag geeft. Meer nog: een eventueel beding in uw arbeids-overeenkomst dat zegt dat de over-eenkomst automatisch eindigt wanneer u de pensioenleeftijd bereikt, is nietig! Let wel, wie doorwerkt na 65 jaar en dan ontslagen wordt, zal automatisch met pensioen worden ge-steld. Werkloosheidsuitkeringen na 65 jaar zijn niet mogelijk. Uw arbeidsovereenkomst kan beëindigd worden in onderling akkoord. Maar uzelf (of uw werkgever) kunt (kan) ook ontslag nemen (of geven), met een verkorte opzegtermijn. Tenminste, als u tewerkgesteld bent als bediende. Voor arbeiders gelden geen verkorte opzegtermijnen. Gaan zij met pensioen, dan moet hun werkgever altijd de normale opzegregels naleven. n Neemt u zelf ontslag als bediende, dan bedraagt de verkorte opzegtermijn 3 maanden als u een anciënniteit hebt bij uw werkgever van min-stens 5 jaar. Hij bedraagt 1,5 maand als u er minder lang werkt. n Ontslaat uw werkgever u, dan bedraagt de opzegtermijn 3 (minder dan 5 jaar anciënniteit) of 6 maanden (meer dan 5 jaar). Hij moet er alleen voor zorgen dat de opzegtermijn ten vroegste verstrijkt op de eerste dag van de maand ná die waarin u 65 bent geworden. Stel dus dat u 65 wordt op 15 september 2009 en al 30 jaar in hetzelfde bedrijf werkt, dan moet de opzegging ingaan op 1 april 2009 en aflopen op 30 september 2009. Een werkgever kan er echter voor kiezen geen opzegtermijn te geven, maar een verbrekingsvergoeding te betalen. WEETJE Geeft de werkgever ontslag, dan wordt de termijn verlengd met de dagen dat u ziek bent, de jaarlijkse vakantie, enz. Dat is niet het geval als u zelf uw opzeg geeft. Deze regels gelden ook voor de verkorte opzegtermijn. Wordt de (door uw werkgever gegeven) opzegtermijn verlengd omdat u tijdens de periode van 3 of 6 maanden vakantie genomen hebt en/of ziek geweest bent, dan blijft uw arbeidsovereenkomst wat langer doorlopen en zal uw pensioen op een latere datum ingaan. U moet in dit geval ook de pensioendienst verwittigen! U mag immers maar in beperkte mate een pensioen cumuleren met een loon. Ontslaat uw werkgever u niet met een opzegtermijn, maar wel met een verbrekingsvergoeding die gelijkstaat met 3 of 6 maanden loon, dan is er geen probleem. Deze vergoeding is wél cumuleerbaar met een pensioen. Vanaf 65 jaar kan iedereen die ooit gewerkt heeft met pensioen, ook wie slechts een héél korte carrière heeft. Elk gewerkt jaar (behalve het laatste! - zie eerder) levert een stukje pensioen op. Al deze stukjes worden samengeteld en leveren het uiteindelijke pensioenbedrag op. Wie werkt tot zijn 65ste hoeft geen pensioenaanvraag te doen. Een jaar voor uw 65ste verjaardag krijgt u een document van de Rijksdienst voor Pensioenen met de mededeling dat zij een ambtshalve onderzoek zullen instellen. U moet het terugsturen met de mededeling dat u inderdaad met pensioen zult gaan. Zonder uw bevestiging kan het pensioen in principe niet uitbetaald worden. Wilt u nog wat langer werken (tot het begin van het volgende kalenderjaar om uw laatste gewerkte jaar te laten meetellen of nog langer om aan het maximum of een zo hoog mogelijk aantal loopbaanjaren te komen), dan stuurt u het document terug met de mededeling dat u nog niet met pensioen gaat op uw 65ste. U kunt de datum al aanduiden waarop u dan wél met pensioen zult gaan. LET OP! Duidt u geen datum aan, dan zult u later zelf uw pensioen moeten aanvragen, en wel één jaar op voorhand. WEETJE U moet toch zelf een pensioenaanvraag indienen: n als u een beroep hebt met een aparte pensioenleeftijd (bijv. 60 jaar voor zeevarenden, 55 jaar voor het vliegend personeel van de burgerluchtvaart) n als u uw hoofdverblijfplaats in het buitenland hebt. Als ze voldoende jaren gewerkt heb-ben, kunnen loontrekkenden en zelfstandigen met vervroegd pensioen ten vroegste in de maand die volgt op die van hun zestigste verjaardag. Ook een vervroegd pensioen kan pas ingaan nadat de werknemer ontslagen is. LET OP! Ook hier is een verkorte opzegtermijn mogelijk voor bedienden, maar alleen in het geval dat u zélf uw arbeidsovereenkomst opzegt. Wanneer uw werkgever een einde maakt aan de arbeidsovereenkomst, moet hij de gewone opzegregels respecteren. Dit houdt in: 3 maanden per begonnen schijf van 5 jaar dienst voor werknemers met een jaarloon van minder dan euro 28.580 (bedrag 2009). Boven deze loongrens moet de opzegtermijn in overleg tussen werkgever en werknemer bepaald worden. Wie wil stoppen tussen zijn zestigste en vijfenzestigste moet minstens 35 jaar gewerkt hebben. Loontrekkenden moeten bovendien elk van die jaren ten minste één derde van een voltijdse tewerkstelling hebben. Er wordt daarbij ook rekening gehouden met gewerkte jaren in andere stelsels, bijvoorbeeld dat van de zelf-standigen of de ambtenaren. LET OP! Als u aan de loopbaanvoorwaarden voldoet, kunt u met vervroegd pensioen maar uiteraard zult u wat moeten inleveren. Er is daarbij een opmerkelijk verschil tussen loontrekkenden en zelfstandigen. n Loontrekkenden. Het is mogelijk om op uw 60ste al een volledige loopbaan te hebben, maar de overgrote meerderheid zal niet aan 45 loopbaanjaren komen. Per jaar dat u vroeger stopt, verliest u 1/45ste van uw pensioenbedrag, maximaal 5/45ste. CONCREET Stel dat uw loopbaan begonnen is op de leeftijd van 20 jaar en u gaat met pensioen op 60 jaar. Dan zal uw loopbaanbreuk 40/45 bedragen. Bij een gelijk loon zult u ongeveer 12,5% minder pensioen hebben dan wanneer u tot 65 jaar had gewerkt. n Zelfstandigen. Als zelfstandige wordt u nog steeds zwaarder gestraft als u met vervroegd pensioen gaat. Hoe dichter u de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar nadert, hoe lichter de sanctie. Nieuw Sinds 1 januari 2009 krijgt u geen procentuele vermindering wegens vervroeging meer als u een loopbaan van 42 jaar kunt bewijzen. In 2008 was dit bij een loopbaan van 43 jaar. Het doel is om vanaf 2011 geen sanctie meer op te leggen aan de vervroegd gepensioneerde bij een loopbaan van 40 jaar. Omdat u er voor 65 jaar de brui aan geeft, moet u uw pensioen aanvragen: ofwel op het gemeentehuis van uw hoofdverblijfplaats, ofwel op een zitdag georganiseerd door de Rijksdienst voor pensioenen. U kunt ook persoonlijk naar de Zuidertoren of één van de gewestelijke kantoren van de RVP gaan. Neem uw identiteitskaart en/of uw SIS-kaart mee. WEETJE Wie de aanvraag zelf niet kan indienen, mag zich laten vertegenwoordigen door een meerderjarige persoon die in het bezit is van een volmacht én de aanvraag. Wilt u uw loopbaan stopzetten voor uw zestigste, dan is het te vroeg voor een echt pensioen maar er zijn andere mogelijkheden. Nadert u als loontrekkende de 60, dan kunt u uw werkgever vragen of u een volledig tijdskrediet kunt nemen. Voor deze vorm van tijdskrediet be-staat er echter geen specifieke (lees: gunstige) vorm voor 50-plussers. Die bestaat enkel voor een loopbaanvermindering met 1/5de of tot 1/2de. Wilt u volledig op non-actief, dan moet u voldoen aan de anciënniteits- en loopbaanvoorwaarden van het voltijds tijdskrediet. U kunt dit doen gedurende minimaal 3 maanden en maximaal 1 jaar, of langer als in uw bedrijf een cao geldt waarin de duur verlengd wordt tot maximaal 5 jaar. LET OP! Voor het pensioen wordt enkel het eerste jaar volledig tijdskrediet sowieso gelijkgesteld met een gewerkte periode. De volgende 2 jaren kunnen ook gelijkgesteld worden als u een uitkering van de RVA ontvangen hebt. Dat is maar mogelijk als het tijdskrediet wordt genomen voor een specifieke reden (bijvoorbeeld de verzorging van een ziek familielid). Het vierde en vijfde jaar worden nooit gelijkgesteld. Let ook op als u na een periode van tijdskrediet met brugpensioen zou willen gaan. Ook hier is er slechts een beperkte gelijkstelling met gewerkte jaren. Zo is het mogelijk dat het tijdskrediet ervoor zorgt dat u niet aan voldoende loopbaanjaren komt! Wie nog geen 60 jaar is heeft geen recht op brugpensioen. Of u al of niet met brugpensioen kunt, hangt af van het feit of uw onderneming of sector een CAO Brugpensioen heeft gesloten en zo ja, of u voldoet aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden. Zie : En wat als u ontslagen wordt?WEETJE Zes maanden voor de vermoedelijke datum van uw ontslag met het oog op brugpensioen kunt u bij uw uitbetalingsinstelling (uw vakbond of de Hulpkas) een aanvraag indienen voor een Berekening Beroepsloopbaan. U kunt ook het formulier C17-Beroepsverleden downloaden van de website van de RVA (www.rva.be, klik op Formulieren). Dan zijn er nog de Canada Dry's of pseudo-brugpensioenen. Hoewel deze systemen ontmoedigd worden, bestaan ze nog. De ontslagen werknemers krijgen bovenop een werk-loosheidsuitkering een vergoeding van hun werkgever. Ze krijgen niet het statuut van bruggepensioneerde. Voor loontrekkenden die ontslagen worden op het einde van hun loopbaan is het heel belangrijk of zij op dat moment al 60 zijn, of niet. Recht op brugpensioen. Op basis van CAO nr. 17 (een nationale, genummerde cao die van toepassing is voor alle sectoren) hebben werknemers die ontslagen worden vanaf 60 jaar een recht op brugpensioen voor zover zij: n recht hebben op werkloosheidsuitkeringen. Daarvoor moeten ze voldoende dagen gewerkt hebben: 624 dagen in de laatste 36 maanden. n voldoende aantal jaren gewerkt hebben. Het Generatiepact heeft de loopbaanvoorwaarden behoorlijk verstrengd. Tot 2012 volstaat een carrière van 30 jaar voor mannen en van 26 jaar voor vrouwen, nadien worden de voorwaarden strenger. Voldoet u aan de voorwaarden, dan kunt u na een ontslag op brugpensioen. Het zal voordeliger zijn om tussen 60 en 65 op brugpensioen te gaan dan een vervroegd pensioen te nemen op 60. Tijdens de 5 jaar brugpensioen krijgt u een werkloosheids-uitkering én een aanvullende vergoeding van uw ex-werkgever, die minstens de helft van het verschil bedraagt tussen het laatste nettoloon (maar het brutoloon waarop dit wordt berekend, is wel begrensd) en de werkloosheidsuitkering. Voor de berekening van uw pensioen, worden de jaren brugpensioen bovendien gelijkgesteld met gewerkte jaren. Als basis voor de berekening wordt het laatste effectief verdiende loon in aanmerking genomen. Alternatieven. Uiteraard bent u niet verplicht om met brugpensioen te gaan. U kunt er ook voor kiezen om vervroegd met pensioen te gaan, maar dit zal minder voordelig zijn. En niets belet u om nieuw werk te zoeken! In dat geval hebt u bovendien recht op outplacement (professionele begeleiding bij het zoeken naar een nieuwe job). Brugpensioen onder voorwaarden. Voor 60 jaar bestaat er geen recht op brugpensioen. Wordt u ontslagen op uw 59ste of vroeger, dan hangt het ervan af of er een CAO-brugpensioen bestaat in de onderneming of de sector waar u werkt. Zo ja, dan moet nog worden nagegaan of u voldoet aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden van de cao. Het Generatiepact heeft deze voorwaarden verstrengd. n Om met brugpensioen te kunnen gaan op 58 jaar moeten mannen 35 loopbaanjaren tellen en vrouwen 30. Vanaf 2010 worden de voorwaarden nog strenger. Tegen 2014 zullen mannen én vrouwen 38 loopbaanjaren moeten tellen. n Er bestaan cao's met een brugpensioenleeftijd onder de 58 jaar, maar deze zijn alleen van toepassing op sommige belastende beroepen (CAO's 56 jaar) of bepaalde sectoren (CAO's 55, 56 of 57 jaar). De laatste categorie zal geleidelijk uitdoven. Meer info over het brugpensioen: www.rva.be (klik op Volledige werk-loosheid) of telefonisch: % 02 515 41 11. Alternatief. Uiteraard kunt u er ook voor kiezen een nieuwe job te zoeken. Dan hebt u recht op outplacement. Annemie Goddefroy