Sedert eind april 2000 is mijn echtgenote vermist. Zij was depressief en heeft een briefje achtergelaten met de melding "dat zij het niet meer aankon en naar zee vertrok". Tot nu toe is er geen spoor van haar gevonden. Ondertussen heeft de rechtbank van eerste aanleg een 'vermoeden van afwezigheid' uitgesproken. De rechtbank zal ten vroegste in 2010 een 'overlijdensverklaring onder voorbehoud' uitspreken. Minstens tot dan blijf ik in de echt verbonden. Eind volgend jaar wil ik met pensioen gaan. Mag ik een gezinspensioen aanvragen, of moet ik het houden bij een pensioen als alleenstaande? Word ik door de belastingen na mijn pensioen als een alleenstaande beschouwd? En mocht ik overlijden, naar wie gaat dan het overlevingspensioen?

De pensioendienst beschouwt de 'verklaring van afwezigheid' die de rechtbank van eerste aanleg uitgesproken heeft als een bewijs van overlijden. In dat geval zou u zelfs een overlevingspensioen van uw vrouw kunnen krijgen. Maar zover bent u nog niet. Op dit moment hebt u enkel een 'vermoeden van afwezigheid'. De procedure om een verklaring van afwezigheid te verkrijgen kunt u pas starten als uw vrouw vier jaar vermist is. Zolang u gehuwd bent, beantwoordt u aan de eerste vereiste om een gezinspensioen te ontvangen. Anderzijds stelt de pensioendienst ook als voorwaarde voor een gezinspensioen dat u moet samenwonen. Pas wanneer uw vrouw niet langer in de bevolkingsregisters is ingeschreven op hetzelfde adres als uzelf, is er geen sprake meer van 'samenwonen'. Zolang uw vrouw niet afwezig is verklaard door een vonnis, zal zij wellicht haar domicilie bij u behouden, en kunt u zichzelf tegenover de pensioendienst beschouwen als een samenwonende echtgenoot. Het is mogelijk dat de pensioendienst daar anders over denkt, want eenvoudig is deze zaak niet. Persoonlijk ga ik ervan uit dat de dienst welwillend tegenover uw situatie zal...

De pensioendienst beschouwt de 'verklaring van afwezigheid' die de rechtbank van eerste aanleg uitgesproken heeft als een bewijs van overlijden. In dat geval zou u zelfs een overlevingspensioen van uw vrouw kunnen krijgen. Maar zover bent u nog niet. Op dit moment hebt u enkel een 'vermoeden van afwezigheid'. De procedure om een verklaring van afwezigheid te verkrijgen kunt u pas starten als uw vrouw vier jaar vermist is. Zolang u gehuwd bent, beantwoordt u aan de eerste vereiste om een gezinspensioen te ontvangen. Anderzijds stelt de pensioendienst ook als voorwaarde voor een gezinspensioen dat u moet samenwonen. Pas wanneer uw vrouw niet langer in de bevolkingsregisters is ingeschreven op hetzelfde adres als uzelf, is er geen sprake meer van 'samenwonen'. Zolang uw vrouw niet afwezig is verklaard door een vonnis, zal zij wellicht haar domicilie bij u behouden, en kunt u zichzelf tegenover de pensioendienst beschouwen als een samenwonende echtgenoot. Het is mogelijk dat de pensioendienst daar anders over denkt, want eenvoudig is deze zaak niet. Persoonlijk ga ik ervan uit dat de dienst welwillend tegenover uw situatie zal staan, net zoals de kinderbijslagdiensten die aan de ouders van verdwenen kinderen de kinderbijslag blijven doorbetalen. U mag uw echtgenote blijven opgeven in uw belastingaangifte. U mag wel vermelden dat u feitelijk gescheiden leeft. De fiscus zal u als een alleenstaande aanmerken voor de inkomsten vanaf 1 januari van het jaar dat volgt op het jaar van de verdwijning van uw vrouw. Als u overlijdt en u genoot al een rustpensioen, dan betaalt de pensioendienst automatisch een overlevingspensioen aan de langstlevende echtgenote, er is geen aanvraag nodig. Als uw vrouw op dat ogenblik nog vermist is, zal de pensioendienst dit bedrag uiteraard niet uitbetalen. Als An een tegemoetkoming als mindervalide ontvangt, dan houdt de Dienst Mindervaliden inderdaad rekening met haar bezittingen bij het berekenen van het bedrag van haar uitkering. Juridisch is er geen probleem voor een verlengd minderjarige om goederen te bezitten. Maar vermits An zelf weinig plezier heeft aan het bezit van onroerende goederen, zolang het beheer ervan toch door u waargenomen moet worden, zou ik in eerste instantie geneigd zijn te wachten met de overdracht van het huis. U kunt haar perfect een bepaald huis toewijzen in uw testament. Bij de verdeling van uw nalatenschap zullen Peter en Stef moeten inbrengen (dit is fictief aan de nalatenschap toevoegen) wat ze al gekregen hebben, om hun wettelijk aandeel (1/3de voor elk kind) te bepalen. Let op, het wettelijk aandeel is wat elk kind krijgt volgens de 'gewone' regels van het burgerlijk wetboek, wanneer u geen testament zou maken. Het is dus niet hetzelfde als het zogenaamde reservatair deel, waarop elk kind minstens recht heeft. Laat u drie kinderen na, dan bedraagt hun reservatair deel 1/4de per kind. Maar maakt u een testament, dan kunt u iets extra's toekennen aan één of meerdere kinderen, bovenop hun reservatair deel. U hebt immers nog 1/4de van de nalatenschap over die u zou kunnen voorzien voor uw verlengd minderjarige dochter.U kunt uw kinderen niet onterven tenzij ze een moord (-poging) op u zouden gepleegd hebben. U kunt er wel voor zorgen dat er bij uw overlijden niets te erven valt, door alles op te maken. Wanneer u echter samen een onroerend goed zou kopen, blijft het zo dat de kinderen het deel erven van degene die eerst overlijdt. Omdat u niet gehuwd bent, heeft de langstlevende geen recht op vruchtgebruik van de nalatenschap van degene die eerst sterft. Overlijdt uw vriend eerst, dan erven zijn kinderen zijn helft in volle eigendom. Overlijdt u eerst, dan erft uw zoon uw helft in volle eigendom. U kunt elkaar wel bij testament het recht van bewoning van het onroerend goed toewijzen. Is de waarde van dat recht groter dan het beschikbare deel van de nalatenschap van de partner die sterft, dan moet de langstlevende partner aan het kind/de kinderen een opleg betalen, zodat zij hun reservatair erfdeel bereiken. Voor de kinderen van uw vriend is dat samen 3/4de van zijn nalaten- schap, voor uw zoon is dat de helft van de uwe. Vergeet ook niet dat u over erfrechtelijke kwesties kosteloos advies kunt krijgen bij de notaris. De reglementering over de cumul van pensioen en beroepsinkomen is onverbiddelijk. U moet uw bijkomende activiteit aangeven binnen de 30 dagen nadat u ermee gestart bent. Om te vermijden dat uw pensioenbedrag verminderd wordt, mogen uw inkomsten een bepaald plafond niet overschrijden. De bedragen voor iemand die nog niet de pensioengerechtigde leeftijd bereikt heeft, zijn: zonder kinderlast euro 7421,57 en met kinderlast euro 11.132,27. Overschrijdt de gepensioneerde deze bijverdiengrenzen met maximaal 15 %, dan wordt het pensioenbedrag voor de rest van het jaar verminderd met dat bedrag. Gebeurt dit met meer dan 15 %, dan wordt het pensioenbedrag geschorst voor de rest van het jaar.Als uw dochter opgenomen is in een rusthuis en het OCMW moet bijpassen voor haar verblijfkosten, dan mag het zich tot uw kleindochter wenden. Maar dat mag niet onbeperkt. Het OCMW kan maar recupereren als het jaarlijks belastbaar inkomen van uw kleindochter hoger ligt dan euro 15.000, plus euro 2500 per jaar per persoon ten laste. Het is best mogelijk dat de inkomsten van uw kleindochter lager liggen, zeker als ze een groot gezin heeft. Is dat niet het geval, dan kan uw kleindochter nog vragen rekening te houden met het feit dat haar moeder zich zelf in deze moeilijke situatie gebracht heeft. Doet het OCMW dat niet, dan kan uw kleindochter beroep instellen bij de vrederechter. Zelf hoeft u niet ongerust te zijn. Het OCMW recupereert niet bij de ouders. n