Dit verhaal begon met een bezoek aan de kapper. Terwijl ik zat te wachten, kwam er een dame in een rolstoel binnen, begeleid door een prachtige hond. Haast tegelijk reikten de handen van enkele bezoekers en de kapster naar de hond om hem te aaien. Maar dat mocht niet van de mevrouw. "Alleen ik mag hem aaien. Het is een beloning die hij enkel van mij mag krijgen."
...

Dit verhaal begon met een bezoek aan de kapper. Terwijl ik zat te wachten, kwam er een dame in een rolstoel binnen, begeleid door een prachtige hond. Haast tegelijk reikten de handen van enkele bezoekers en de kapster naar de hond om hem te aaien. Maar dat mocht niet van de mevrouw. "Alleen ik mag hem aaien. Het is een beloning die hij enkel van mij mag krijgen." Tijd om verder te praten hadden we niet, maar mijn nieuwsgierigheid was geprikkeld. Dus nam ik contact op met Hachiko, een vzw uit Merelbeke die assistentiehonden opleidt. Blindegeleidehonden zijn intussen een vertrouwd beeld, hulphonden zijn dat heel wat minder. Wat is hun taak? Hoe worden ze opgeleid? Hoe en wanneer kan iemand een hulphond toegewezen krijgen? Vragen genoeg om voor te leggen aan Caroline Thienpont, hoofdinstructeur en drijvende kracht van de vzw Hachiko. De naam van de vereniging staat voor HondenAfrichtingsCentrum voor Hulp aan Invaliden door middel van Kleine Opdrachten, maar verwijst ook naar een, intussen wereldberoemde, Japanse hond die zijn baasje over de dood heen trouw bleef. Wat het verschil is tussen een assistentiehond en een hulphond? Caroline Thienpont legt het ons uit: "Assistentiehond is de overkoepelende term die wordt gebruikt voor honden die opgeleid zijn om personen met een handicap te assisteren. De eerste - en meest bekende -groep zijn de blindegeleidehonden. Zij worden opgeleid om visueel gehandicapten te begeleiden. Een tweede groep zijn de signaalhonden voor mensen met een auditieve handicap. Maar met Hachiko zijn wij vooral gespecialiseerd in de derde categorie, de hulphonden. Zij worden opgeleid tot persoonlijke assistent van mensen met een motorische handicap, dikwijls rolstoelgebruikers maar dat is geen absolute vereiste. Een hulphond bevordert de autonomie en de zelfredzaamheid van zijn baasje aanzienlijk. Hij kan praktische opdrachten uitvoeren die voor het baasje niet evident of onmogelijk zijn geworden. Dankzij hem zijn onbereikbare plaatsen dat plots niet meer. Gevallen voorwerpen worden weer opgeraapt. Maar ook sociaal speelt een hulphond een belangrijke rol. Voor de gehandicapte persoon en zijn omgeving staat niet meer de handicap in het middelpunt van de belangstelling, maar de mens die erachter schuilt mét zijn trouwe vriend. Dankzij de hulphond is iemand met een handicap nooit meer echt alleen. Mensen spreken het dier aan op straat, bewonderende blikken kijken in zijn richting. Bovendien is de persoon met een handicap niet meer de laatste schakel in de verzorgingsketen. Hij draagt zelf zorg voor een ander. Een vierde categorie van assistentiehonden zijn de meldhonden die personen met epilepsie assisteren. Sinds 2003 leidt Hachiko ook epilepsiehonden op. In Israël en Engeland worden er ook meldhonden opgeleid voor mensen met alzheimer of diabetes, maar in ons land is dat nog niet het geval. Naast al deze categorieën van assistentiehonden zijn er ook sociale honden. Hoe streng de selectiecriteria ook worden gehanteerd, het kan immers gebeuren dat een hond tijdens de opleiding toch niet helemaal voldoet. Dit heeft meestal te maken met medische problemen die niet op jonge leeftijd kunnen worden ontdekt (bijv. te zwakke heupen om veel taken op de achterpoten te verrichten) of met gedragsstoornissen die zich pas later ontwikkelen (bijv. een hond die geen katten in de buurt verdraagt). Die honden hebben hun opleiding geheel of gedeeltelijk afgemaakt, maar voldoen niet aan de criteria om hulphonden te worden. Ze zijn wel perfect gehoorzaam en vertonen prima sociaal gedrag. Bijvoorbeeld in rusthuizen kunnen zij nog een heel zinvolle taak uitoefenen." Caroline Thienpont: Bij het zien van een televisieuitzending over de Franse vereniging ANECAH, begin '93, dacht ik: dat is mijn roeping, dat wil ik doen! Ik had helemaal geen voorgeschiedenis met honden maar vond enkele mensen die bereid waren mee te stappen in die droom en we zijn in Frankrijk een opleiding van 6 maanden gaan volgen. Op 14 december '93 werden Hachi en Chiko geboren en in september '95 waren zij de eerste twee volledig in België opgeleide hulphonden. Intussen was, in februari 1994, de eerste Belgische vereniging voor de opleiding van hulphonden opgericht, de vzw Hachiko. Dat is nu een goed draaiende machine: we hebben veel ervaring opgedaan, veel zelf uitgezocht, een eigen trainingsmethode ontwikkeld,... Ik geef inderdaad niet alleen workshops in Spanje, er komen stilaan van overal ter wereld vragen voor opleidingen. We hebben hier net nog twee mensen uit Zwitserland een spoedcursus gegeven. Zo'n goede acht jaar geleden werd ik gecontacteerd door Christine, een mevrouw met epilepsie die doodgraag honden zag, maar haar hond ging helemaal door het lint wanneer ze een aanval deed. Zij vroeg of we geen afgekeurde hond hadden die wel met haar aanvallen overweg zou kunnen. Christine deed en doet typische tonisch-clonische aanvallen, waarna ze in een diepe slaap valt. Zo is ze al enkele keren in de tuin blijven liggen waardoor ze een longontsteking opliep. Ze wordt pas wakker als ze iets hoort of als iemand haar aanraakt. Dus begon ik te denken dat ik de hond zou kunnen aanleren de aanvallen te herkennen en te blaffen om haar wakker te maken. Dat lukt echter pas na 3 tot 4 minuten. Dus moest ik iets vinden om de tijd tussen het commando (de aanval) en het moment waarop de hond blafte, te overbruggen. Dus hebben we Maybe aangeleerd, bij een aanval eerst Christines noodmedicatie te gaan halen en dan te blaffen. Daardoor wordt Christine gewekt en heeft ze meteen haar medicatie bij de hand. Maybe combineert op deze manier de taak van wat een seizure respons dog wordt genoemd met deze van seizure alert dog. Dit betekent dat ze ook de aanvallen voelt aankomen en Christine daarvoor verwittigt. Hoe dat precies werkt, weten we niet en we kunnen het dus niet aanleren omdat we niet weten welke zintuigen het dier hiervoor gebruikt. Maar het werkt! Intussen hebben we al 8 meldhonden opgeleid, waarvan er 6 nog aan het werk zijn. Vier van hen zijn alert dogs. De opleiding van meldhonden is zeer individueel omdat de aanvallen bij elke patiënt anders zijn. Meldhonden krijgen dezelfde basisopleiding als hulphonden, maar daarna wordt hen individueel aangeleerd hoe ze op een aanval moeten reageren. Dat kan zijn door medicatie of de telefoon te gaan halen, door op een alarmknop te drukken, door op de patiënt te gaan liggen tot die weer volledig bewust is... Er zijn hier altijd 32 honden in opleiding, maar in verschillende stadia. In theorie wordt om de zes maanden gestart met 8 nieuwe pups: labradors, golden retrievers, soms witte herders of labradoedels (een kruising tussen een poedel en een labrador). Rond hun zevende week worden die getest op hun geschiktheid voor dit werk en eventueel aangekocht. Daarna krijgen ze gedurende achttien maanden een basisopvoeding bij een gastgezin (zie ook p. 48). De gastgezinnen werken vrijwillig, enkel de kosten voor de hond worden vergoed. Hun hulp is onontbeerlijk, vooral voor de socialisatie van de hond. Na deze periode komen alle honden terug naar het centrum waar ze gedurende zes maanden een intensieve opleiding tot hulphond volgen. Ze worden dan dagelijks getraind op het rolstoelwerk. Aan het eind van de opleiding kennen ze een vijftigtal commando's. Daarna start de laatste, maar zeer belangrijke fase: de toewijzing. Tijdens een tiendaagse stage leren hond en kandidaat-baasje samenwerken. De baasjes krijgen lessen in psychologie, biologie, verzorging van de hond en praktische oefeningen, mét toetsen en examens. We kijken dan tussen welke hond en welk baasje het het best klikt. Daarna volgt een nazorg bij het nieuwe baasje thuis, waar een trainer soms nog enkele finale aanpassingen begeleidt. Uiteindelijk, na twee jaar, mag het gastgezin dat de puppy opleidde, de hulphond officieel overhandigen aan zijn nieuwe baasje. Assistentiehonden worden nooit verkocht, ze worden gratis ter beschikking gesteld. Contractueel blijven ze eigendom van Hachiko. Dat geeft ons de garantie dat de hond goed terechtkomt, ook als er met het baasje iets gebeurt. De aankoop en opleiding van een hulphond kost zo'n 16.000 euro en daarvoor krijgen we geen cent subsidie. We hangen dus volledig af van de steun van particulieren, groeperingen, serviceclubs en enkele bedrijven. Iedereen die een hulphond krijgt, dient wel een dossier in bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, maar de meeste dossiers worden afgewezen. Een hulphond staat namelijk niet op de referentielijst van erkende hulpmiddelen. Dat betekent dat het dossier moet behandeld worden door de Bijzondere Bijstandscommissie en die vindt in de meeste gevallen de functionele meerwaarde van zo'n hulphond te beperkt! Onbegrijpelijk is dat! Probeer mij maar eens een hulpmiddel te noemen dat meer functionele meerwaarde geeft! Een hond kent een vijftigtal commando's, opent deuren, raapt voorwerpen op, helpt in tal van situaties en is altijd en overal beschikbaar... Vergelijk dat maar eens met een deur die elektrisch open en toe gaat... en die wordt wél gesubsidieerd! Iedereen met een motorische handicap maar dat hoeft niet noodzakelijk te betekenen dat die persoon in een rolstoel zit. We bekijken dat individueel. De kandidaat-baasjes moeten graag honden zien en ze mogen er niet allergisch voor zijn. Ze moeten de hond kunnen verzorgen, er de verantwoordelijkheid voor kunnen opnemen en ermee buiten kunnen. Ze moeten in principe ook minstens één bruikbare hand hebben en een bruikbare stem, ook al is die zwak. Voor kinderen of personen met een mentale handicap bestaan er zogenaamde duohonden. In dit geval komt de verantwoordelijkheid voor de verzorging van het dier op de schouders van een van de ouders van de persoon met een mentale handicap terecht. De hond heeft overal toegang zoals een hulphond maar enkel wanneer de verantwoordelijke ouder erbij is. Hij zal bijvoorbeeld niet mee naar school gaan. Wanneer het kind ouder wordt, kan zo'n duohond wel promoveren tot een hulphond. In het begin zeker. Gelukkig is er sedert 2007 de antidiscriminatiewet die elke vorm van directe en indirecte discriminatie verbiedt. Laat een eigenaar of een uitbater geen assistentiehonden toe, dan is dat een vorm van indirecte discriminatie en dat is dus verboden. Hij benadeelt immers personen die omwille van hun handicap een assistentiehond gebruiken. Deze wet geldt niet voor assistentiehonden in opleiding. En natuurlijk moet je altijd je gezond verstand laten spreken. Met een hulphond ga je bijvoorbeeld niet naar een zwembad of een brandwondencentrum. Een belangrijk koninklijk besluit is dat betreffende de levensmiddelenhygiëne (2005). Het verbiedt dieren in lokalen waar voedingswaren worden verkocht maar de wetgever maakt heel uitdrukkelijk een uitzondering voor assistentiehonden én assistentiehonden in opleiding. Zo'n dier is dus welkom bij de bakker, de slager of in het restaurant op voorwaarde dat het zijn jasje draagt en het baasje in het bezit is van zijn toegankelijkheidspasje. In maart 2009 kwam er dan een Vlaams decreet dat een persoon vergezeld van een geattesteerde assistentiehond het recht geeft op toegang tot publieke plaatsen. Onder assistentiehond wordt dan verstaan: een hond die getraind werd of wordt om een persoon met een handicap of ziekte te begeleiden en die de zelfredzaamheid van die persoon verruimt. Maar natuurlijk is niet iedereen op de hoogte van deze wetten en besluiten. Daarom leggen wij alle mensen met assistentiehonden uit dat ze steeds rustig en geduldig op hun rechten moeten wijzen. Mochten ze toch nog problemen ondervinden, dan kunnen ze dat bij Hachiko melden. Wij nemen dan contact op met de personen in kwestie en proberen hen uit te leggen hoe de vork aan de steel zit." Hachiko, Hundelgemsesteenweg 722, 9820 Merelbeke, tel. 09 230 66 81, e-mail: info@hachiko.org, www.hachiko.org Leen Baekelandt - foto's: Benny De Grove