Een hartaanval of myocardinfarct doet zich voor wanneer de hartspier (het myocard) plotseling onvol- doende bloed krijgt omdat een bloedklonter de kransslagaders (de slagaders die het hart van bloed voorzien) verstopt. Als gevolg daarvan krijgt het hart te weinig zuurstof, waardoor het weefsel afsterft. Behalve leeftijd, geslacht en erfelijkheid, spelen nog tal van andere factoren een rol bij hart- en vaataandoeningen. Factoren waar we zelf vat op hebben: roken, hoge bloeddruk, een te hoog cholesterolgehalte, diabetes, overgewicht, een zittend bestaan...
...

Een hartaanval of myocardinfarct doet zich voor wanneer de hartspier (het myocard) plotseling onvol- doende bloed krijgt omdat een bloedklonter de kransslagaders (de slagaders die het hart van bloed voorzien) verstopt. Als gevolg daarvan krijgt het hart te weinig zuurstof, waardoor het weefsel afsterft. Behalve leeftijd, geslacht en erfelijkheid, spelen nog tal van andere factoren een rol bij hart- en vaataandoeningen. Factoren waar we zelf vat op hebben: roken, hoge bloeddruk, een te hoog cholesterolgehalte, diabetes, overgewicht, een zittend bestaan... Een hartinfarct manifesteert zich door een beklemmende pijn in de borst, die uitstraalt richting schouders, linkerarm, kaak, tanden, halsstreek, enz. De pijn houdt langer dan 20 minuten aan en/of treedt minstens twee keer in één uur tijd op, ondanks de eventuele inname van specifieke medicatie. De pijn wordt omschreven als beklemmend omdat ze de indruk geeft dat het hart in een bankschroef geklemd zit of een branderig gevoel geeft. Maar er zijn nog andere symptomen waarmee rekening moet worden gehouden om tot de juiste diagnose te komen: overvloedig zweten, een angstaanval, ademnood, duizelingen, enz. Toch begint een hartinfarct niet altijd met hartklachten. Soms heeft de patiënt eerder maagklachten: misselijkheid, maagpijn, braken, enz. Bij vrouwen zijn de symptomen bovendien dikwijls erg vaag: een grieperig gevoel, chronische vermoeidheid, angst, koud zweet,... Het gevoel is soms zo sterk dat het slachtoffer helemaal ontredderd is waardoor men al eens de diagnose van een paniek- of angstaanval stelt. Een specialist aan het woord: "De meeste mensen weten dat een beklemmende pijn in de borststreek en pijn in de linkerarm alarmsignalen zijn voor een hartinfarct", legt dr. Freddy Van de Casseye, algemeen directeur van de Belgische Cardiologische Liga, uit. "De andere symptomen zijn helemaal niet gekend." "Nochtans is het van het grootste belang dat men ook deze signalen herkent zodat men snel medische hulp kan inroepen. Hoe sneller de patiënt in het ziekenhuis geraakt, hoe groter de kans dat hij/zij een hartinfarct overleeft. Al te vaak denkt men niet aan een hartaanval en gaat men ervan uit dat het na wat rust beter zal gaan. Intussen gaan kostbare minuten verloren." Hebt u ook maar enige twijfel en zodra een of meer symptomen opduiken, bel meteen het nummer 112. In Europese noodnummer geldt voor alle landen van de EU, al kunt u in BelBelgië kunt u uiteraard ook nog de 100 bellen. Zijn de hulpdiensten verwittigd, dan kunt u er in afwachting van de komst van de ziekenwagen voor zorgen dat de patiënt rustig blijft, geen inspanningen meer doet, een comfortabele houding aanneemt (zittend of halfzittend). Als de patiënt het bewustzijn verliest, leg hem dan in een comfortabele zijligging en start met reanimeren als hij/zij niet meer normaal ademt of een hartstilstand heeft. Panikeer niet en laat u bijstaan: als u naar het noodnummer belt, krijgt u iemand aan de lijn die terdege opgeleid is en u nauwkeurige instructies kan geven om de patiënt te reanimeren tot de Mug ter plaatse is. Bevindt u zich op een openbare plaats waar een automatische externe defibrillator (AED) voorhanden is, wees dan niet bang om hem te gebruiken. Alles wijst zichzelf uit, u moet enkel de instructies volgen die het toestel geeft. Een AED zal pas een elektrische schok toedienen als het echt nodig is. Een specialist aan het woord: "Wordt de patiënt in de allereerste minuten na een hartstilstand gereanimeerd, dan zijn de overlevingskansen hoog. Nadien dalen ze gevoelig", aldus dr. Ivan Blankoff, cardioloog van het CHU van Charleroi. "Na een hartstilstand dalen de overlevingskansen naar schatting met 10 % per minuut die verstrijkt. Na vijf minuten zonder reanimatie bedraagt de overlevingskans nog maar 50%. Na 10 minuten - de tijd die professionele hulpdiensten nodig hebben om ter plaatse te komen en met reanimeren te beginnen - bedraagt ze nog slechts 15%. En 90% van de plotse overlijdens (natuurlijke dood die binnen het uur na de eerste symptomen intreedt) is te wijten aan hartproblemen." De cardioloog moet zoveel mogelijk vermijden dat de hartspier afsterft en complicaties voorkomen. Eenmaal de patiënt in het ziekenhuis is, heeft de arts, afhankelijk van de resultaten van het elektrocardiogram, de keuze tussen trombolyse en angioplastiek. Bij trombolyse spuit de arts een geneesmiddel in om het bloedstolsel dat de slagader verspert, op te lossen. Angioplastiek maakt gebruik van een mechanische techniek om de slagader vrij te maken. Via de lies (of de arm) brengt men een katheter in tot bij de aangetaste kransslagaderzone. Eenmaal op de juiste plaats, blaast de katheter een ballonnetje op dat de slagader die door vetafzetting vernauwd is, open rekt. Vervolgens wordt het ballonnetje behoedzaam verwijderd. Deze ingreep gebeurt - soms in verschillende stappen - onder plaatselijke verdoving in een katheterisatiezaal (of cathlab). Ballondilatatie levert goede resultaten op indien de ingreep snel, d.w.z. minder dan twee uur na opname, plaatsvindt. Lang niet alle ziekenhuizen beschikken over een katheterisatiezaal. Soms moet de patiënt worden overgebracht naar een ziekenhuis dat beter is uitgerust. Kan dit vervoer niet binnen de twee uur na opname gebeuren, dan verricht men eerst trombolyse om eventueel nadien nog te dotteren. Een kwart van alle hartinfarcten in België wordt op deze manier behandeld. Indien de aandoening niet verbetert door behandeling met geneesmiddelen, kan de arts via de hartkatheter ook een stent inbrengen. Stents zijn eigenlijk minuscule veertjes die in de slagader blijven zitten om hem open te houden. Een andere mogelijke behandeling is bypasschirurgie. In dat geval wordt een overbrugging gemaakt tussen twee slagaders om de vernauwde zone te omzeilen. Voor die overbrugging gebruikt de chirurg vaak een ader die hij uit het been of de borst van de patiënt neemt. Michèle Rager