Glaucoom wordt meestal veroorzaakt door een verhoogde druk in het oog. Wanneer die geruime tijd aanhoudt, wordt de oogzenuw aangetast. Daardoor sterven zenuwbundeltjes af, wat leidt tot een afname van het gezichtsvermogen. Langzaam vallen dan kleine stukjes van het gezichtsveld in de periferie weg. Dit gebeurt echter zo geleidelijk dat de patiënt er meestal pas hinder van ondervindt als er al grote delen van het gezichtsveld zijn verdwenen. Men spreekt dan van kokerzicht. Ook het zicht bij schemerlicht of in het donker vermindert. De beschadiging van de oogzenuw is onomkeerbaar en kan ...