Het beperkte vertrouwen dat de burger heeft in justitie is een oud zeer. Decennialang hebben wij met z'n allen immers de indruk gehad dat justitie gepleegd werd in een ivoren toren, achter gesloten deuren. Met de witte mars, in oktober 1996, maakten we duidelijk dat er dringend nood was aan openheid en de minister luisterde! Naast de gesloten justitiepaleizen werden open justitiehuizen ingericht, waar iedereen terecht kan voor een eerste advies. De zeer hooggespannen verwachtingen worden niet helemaal ingelost (de kwaliteit van de antwoorden laat soms wat te wensen over, vooral door personeelsgebrek) maar dit neemt niet weg dat de justitiehuizen een goede aanzet zijn om de burger met zijn talrijke vragen vooruit te helpen.
...

Het beperkte vertrouwen dat de burger heeft in justitie is een oud zeer. Decennialang hebben wij met z'n allen immers de indruk gehad dat justitie gepleegd werd in een ivoren toren, achter gesloten deuren. Met de witte mars, in oktober 1996, maakten we duidelijk dat er dringend nood was aan openheid en de minister luisterde! Naast de gesloten justitiepaleizen werden open justitiehuizen ingericht, waar iedereen terecht kan voor een eerste advies. De zeer hooggespannen verwachtingen worden niet helemaal ingelost (de kwaliteit van de antwoorden laat soms wat te wensen over, vooral door personeelsgebrek) maar dit neemt niet weg dat de justitiehuizen een goede aanzet zijn om de burger met zijn talrijke vragen vooruit te helpen. In een justitiehuis kunt u grosso modo terecht voor vier soorten zaken: 1. eerstelijnsbijstand: praktische inlichtingen, juridische informatie, een eerste advies, een verwijzing naar de meest geschikte dienst of instantie. 2. verwijzing naar tweedelijnsbijstand3.slachtofferonthaal 4. bemiddeling in strafzaken. De doorsnee cliënt van een justitiehuis is een burger die geconfronteerd wordt met het recht in het algemeen of de gerechtelijke wereld in het bijzonder en wiens vragen onbeantwoord blijven. Daarom hebben de justitiehuizen vooral de taak gekregen om een open huis te zijn voor de gewone burger en een eerstelijnsbijstand te verschaffen voor de vele vragen die hij zich kan stellen in het kluwen van wetten. In justitiehuizen zijn daarom advocaten aanwezig die op geregelde basis een antwoord geven op juridische vragen. Zijn er geen advocaten aanwezig, dan kunnen ook justitieassistenten informatie verschaffen en doorverwijzen naar de bevoegde diensten. Maar wie bij een justitiehuis aanklopt, dient te beseffen dat de dienstverlening die verleend wordt een loutere loketdienst is. U mag geen volledig uitgewerkt advies verwachten en dus ook geen kant en klare oplossing voor het gestelde probleem. Justitiehuizen zullen uw zaak niet zelf behandelen of uw dossier onderzoeken. Evenmin is een justitiehuis een dienst die u een tweede advies zal geven of die een brief voor u zal opstellen (in een zeer eenvoudige zaak zal dit uitzonderlijk wel eens gebeuren, maar het is zeker geen algemene regel). In een ingewikkelde zaak mogen justitiehuizen u geen advies verschaffen en mogen zij u zelfs geen naam van een advocaat doorgeven. U kunt wel een lijst krijgen van advocaten die gespecialiseerd zijn in een bepaalde materie. Justitiehuizen helpen u enkel op weg. Ze vervangen geen advocaten, zij vervangen geen procedures en ze verschaffen geen uitgewerkte, degelijke adviezen. Hun doel is de hoge drempel van de justitiepaleizen te verlagen, zodat elke burger beter geïnformeerd raakt om zijn rechten te laten gelden. Een greep uit de meest frequente vragen leest u in het kaderstuk Vragen voor het justitiehuis. Naast de eerstelijnsbijstand die justitiehuizen verlenen is er ook een tweedelijnsbijstand (het vroegere pro-Deosysteem). Justitiehuizen kunnen perfect uitleggen op welke wijze u een beroep kunt doen op tweedelijnsadvies (maar zij bieden het zelf niet). Bij tweede lijnsbijstand wordt een uitgebreid juridisch advies verleend, eventueel gevolgd door een procedure. Tweedelijnsadvies kan geheel of gedeeltelijk gratis zijn. Hebben onder andere recht op gratis tweedelijnsbijstand: personen die een leefloon ontvangen en personen die een inkomensgarantie voor ouderen krijgen (het vroegere gewaarborgd inkomen). Buiten deze categorieën wordt naar het inkomen gekeken om te bepalen of u in aanmerking komt voor gratis rechtshulp. U richt daarvoor een aanvraag tot de orde van advocaten. U krijgt dan een vragenlijst over uw inkomen. De advocaten of justitieassistenten in het justitiehuis kunnen u alle voorwaarden bezorgen en u helpen om dit tweedelijnsadvies te krijgen. De inkomensgrenzen die momenteel gelden, zijn de volgende (laatste aanpassing op 1 januari 2006). Het maximale nettoinkomen per maand bedraagt: n voor volledig kosteloze bijstand: A 780 voor alleenstaanden, A 1004 voor gehuwden, samenwonenden of alleenstaanden met personen ten laste. Per persoon ten laste komt hier A 83,40 bij met een maximum van A 1254,20. n voor gedeeltelijk kosteloze bijstand tussen A 780 en A 1004 voor alleenstaanden, tussen 1004 en A 1224 voor gehuwden, samenwonenden en alleenstaanden met personen ten laste (+ A 83,40 per persoon ten laste, maximaal A 1474,20). Bij de dienst Slachtofferonthaal van het justitiehuis kunnen slachtoffers in de eerste plaats hun verhaal kwijt aan justitieassistenten die luisteren en doorverwijzen naar een bevoegde dienst, zoals de dienst Slachtofferhulp. Justitiehuizen wijzen op de rechten van de slachtoffers en op de mogelijkheid tot bijstand van een advocaat. U mag echter niet verwachten dat u er een gespecialiseerd advocaat zult toegewezen krijgen. U kunt er wel de namen van de advocaten krijgen die gespecialiseerd zijn in strafrecht en het adres van de dienst Slachtofferhulp in uw gemeente. Sommige kleine vergrijpen verdienen onmiddellijk de aandacht van de strafrechter. In een poging om via een overeenkomst een oplossing te vinden, eerder dan bestraffend op te treden, kan een bemiddeling in strafzaken geschieden. Onder bepaalde voorwaarden kan een dader van een misdrijf aan de procureur vragen te worden toegelaten tot het voordeel van de bemiddeling in strafzaken. Dit initiatief kan ook uitgaan van de procureur des Konings. Wanneer tot een bemiddeling in strafzaken wordt overgegaan, wordt het dossier overgemaakt aan een justitieassistent. Bedoeling van deze bemiddeling is een strafrechterlijke veroordeling te vermijden en in plaats daarvan naar een overeenkomst tussen dader en slachtoffer te streven. Het is hierbij de bedoeling dat de dader de materiële, morele en/of emotionele schade (waar mogelijk) herstelt. Deze bemiddeling gebeurt op vrijwillige basis en vereist het akkoord en de medewerking van zowel dader als slachtoffer. In deze bemiddeling zal de justitieassistent van het justitiehuis bemiddelend optreden. Hij zal in een aantal uitvoerige gesprekken de dader en het slachtoffer actief in de onderhandelingen betrekken. De procureur kan bij deze bemiddeling begeleidende maatregelen voorstellen. In stalkingdossiers bijvoorbeeld, of in dossiers met gewelddaden kan de procureur voorstellen dat de dader een bepaalde therapie volgt. Ook een dienstverlening aan de gemeenschap of een vorming behoort tot de mogelijkheden. De justitiehuizen zijn de ideale plaats om in een open gesprek na te gaan in hoeverre de voorgestelde maatregelen haalbaar zijn en in hoeverre zij het doel (correctie van de dader en herstel van het leed) kunnen realiseren. Bovendien kan de justitieassistent waken over de uitvoering en de naleving van een overeenkomst terzake. De bemiddeling in strafzaken probeert een strafrechterlijke veroordeling te vermijden. In andere gevallen zullen de justitiehuizen de strafrechter helpen bij de uitvoering van de straf. Sinds lang erkennen de criminologen dat een geldboete of een gevangenisstraf vaak weinig bijdraagt tot de verbetering van het gedrag van de dader. Dus heeft men een arsenaal aan alternatieve maatregelen en begeleidingsformules opgesteld. Het justitiehuis houdt de rechter op de hoogte van de begeleiding en therapeutische opvolging van gestraften. Tot slot wordt het vaak ook in burgerlijke geschillen door de rechtbank gelast met sociale onderzoeken, bijvoorbeeld naar de familiale situatie in het kader van een procedure over de uitoefening van het ouderlijk gezag en/of het recht op contact met de kinderen na een echtscheiding. nA Elfri De Neve, advocaat