Toen mijn vrouw de vlinderorchidee in juni 2006 kreeg, zat de plant (en daar zit ze nog steeds) in een kleine pot gevuld met een kiezelmengsel. Een groot deel van de vlezige wortels bevindt zich niet in het mengsel, maar er net boven. Begrijpelijk, want van nature is de plant een epifyt: ze groeit niet in de aarde, maar hecht zich als een parasiet met haar wortels vast aan de takken van bomen.
...

Toen mijn vrouw de vlinderorchidee in juni 2006 kreeg, zat de plant (en daar zit ze nog steeds) in een kleine pot gevuld met een kiezelmengsel. Een groot deel van de vlezige wortels bevindt zich niet in het mengsel, maar er net boven. Begrijpelijk, want van nature is de plant een epifyt: ze groeit niet in de aarde, maar hecht zich als een parasiet met haar wortels vast aan de takken van bomen. Eind augustus waren alle bloemen uitgebloeid. Toen heeft mijn vrouw de stengels op een goede 20 cm boven de wortels afgesneden, net boven een knoop, en de pot naar de keuken gebracht: veel licht maar geen direct zonlicht, een redelijk hoge temperatuur overdag (rond de 21°C) en wat lager 's nachts (16°C) en nu en dan een hoge luchtvochtigheid. Verder gaf ze de plant eens per week een glas lauwwarm water. Ze liet ze daarbij telkens goed uitlekken, want een orchidee staat niet graag met haar voeten in het water. En zie: vanaf december ontpopten zich scheuten die uitgroeiden tot stengels en daaraan verschenen in het vroege voorjaar bloemknoppen. Ook in het wortelgestel groeiden nieuwe vingers. Eind april 2007 stond de orchidee weer mooi te wezen in al haar pracht. Ze verhuisde toen naar de zithoek, zij het ook nu weer buiten het directe zonlicht. Eens per week kreeg ze een badje, eens per maand wat vloeibare voeding in het badwater. Eind augustus was de bloei voorbij en kon de operatie opnieuw beginnen. Toch even mijn licht opgestoken bij een orchideespecialist. De Phalaenopsis is wellicht de gemakkelijkste orchideesoort om over te houden, zegt hij. Ook bij Cattleya, Cymbidium en Paphiopedilum (venusschoentje) kan het best lukken, maar soorten als Miltonia, Dendrobium en Bulbophyllum zijn al moeilijker. Op onze werkwijze heeft de kenner maar twee opmerkingen: de uitgebloeide stengels kunnen we beter net boven de derde knop afsnijden en in de herfst en in de winter staan de meeste orchideesoorten liefst wat koeler. Ideaal is een lichte plek buiten het directe zonlicht en bij een temperatuur rond de 12 tot 14°C. Hij adviseert ook om na de volgende bloei eens de methode van de totale verwaarlozing te proberen: tussen september en maart geen druppel water en zeker geen voeding! Ludo Hugaerts