Wanneer de winter nadert, maakt Nancy zich nog mooier dan de rest van het jaar. Overal in de stad verschijnen tijdelijke tuinen, ter voorbereiding van het sinterklaasfeest. Want in Lotharingen, een streek van tradities en legendes, is Sinterklaas hét volksfeest bij uitstek.
...

Wanneer de winter nadert, maakt Nancy zich nog mooier dan de rest van het jaar. Overal in de stad verschijnen tijdelijke tuinen, ter voorbereiding van het sinterklaasfeest. Want in Lotharingen, een streek van tradities en legendes, is Sinterklaas hét volksfeest bij uitstek. De hoofdstad van dit oude hertogdom was al lang bekend voor haar architectuur, maar in 2005 onderging de binnenstad enkele spectaculaire renovaties die ze nog meer doet schitteren. Het centrale Stanislasplein blinkt weer als op de dag toen het ingehuldigd werd... in 1755! Dit plein in wit en goud is een verblindend mooie parel van het Franse classicisme. Emmanuel Héré legde het aan in opdracht van Stanislas Leszczynski, de gewezen koning van Polen en de schoonpapa van Lodewijk XV. Het werd een van de mooiste pleinen van Europa, omringd met vergulde hekken van siersmid Jean Lamour en geflankeerd door twee weelderige fonteinen van Barthélemy Guibal. In het midden van het plein pronkt een indrukwekkend beeld van Stanislas. De Poolse vorst leunt op zijn sabel en wijst met zijn rechterwijsvinger naar de triomfboog recht voor hem, een kopie van de boog van Septimus Severius in Rome, maar hier opgedragen aan Lodewijk XV, alias Le Bien-Aimé. Het Stanislasplein is het echte hart van de stad: u vindt er zowel het stadhuis en de opera als de schouwburg en het museum van schone kunsten. De ver-schillende wijken die als een bloemenkrans rond het plein gedrapeerd liggen, vertellen een lange geschiedenis. De oude stad ontstond in de 9de eeuw en heeft tot de dag van vandaag veel middeleeuwse trekjes . Ten noorden van de oude vesting treffen we de Porte de la Craffe, de stevige en kolossale stads-poort uit de 14de eeuw en een eindje verder staat het hertogelijke paleis, de voormalige residentie van de hertogen van Lotharingen, waar sinds 1848 het Musée Lorrain onderdak heeft gevonden. De gevel is even sober als de middeleeuwse stadspoort, maar de portiersloge krioelt van de fleurige ornamenten in gotische en Italiaanse renaissance. De Rue du Haut-Bourgeois heeft haar naam niet gestolen, want ze bulkt van de indrukwekkende herenwoningen. Op het einde van de straat pronkt het Hôtel Ferraris met een rijkelijke trap met een leuning van de meester-smid Jean Lamour. En dan zwijgen we nog over de Rue des Maréchaux, die de mensen van Nancy deRue Gourmande noemen, de straat van de lekkerbekken, vol bars en restaurants met terrassen die hongerige magen ter hulp te snellen. Haast alle gastronomische specialiteiten van de streek worden hier aangeboden: koninginnenhapje (een erfenis van Marie, de dochter van Stanislas), hartige taarten, quiches lorraines, macarons, mirabelpruimen en bergamotes de Nancy, snoepjes op basis van de bergamot citrusvrucht. Even uitblazen kan in de Jardin de la Pépinière, een park van 21 hectare dat eveneens door Stanislas werd aangelegd en dat toegankelijk is via de Place Stanislas. Een rozentuin, een kiosk, beelden (onder meer van Rodin): ze dragen allemaal bij tot de charme van deze groene long in de stad. In feite maakt het Stanislasplein deel uit van de Espace XVIIIe Siècle, een harmonieus architecturaal geheel met ook de Place de la Carrière en de Place de l'Alliance. Samen vormen ze de band tussen de twee steden die samen het centrum van Nancy uitmaken. Want toen in de 16de eeuw de bevolking toenam, ontstond de huidige Ville-Neuve de Charles III. Hier klopt het commerciële hart van de stad, vooral in de Rue des Dominicains, de Rue Saint-Dizier en de Rue Saint-Jean. Het bruist er van het leven en de cultuur, met een prettige drukte en veel originele, sympathieke winkeltjes. Deze nieuwe stad onthult een andere belangrijke culturele blikvanger van Nancy: de art nouveau. Na de Frans-Duitse oorlog van 1870 werden de Elzas en het noorden van Lotharingen bij Duitsland gevoegd en nam een jonge, welgestelde en gecultiveerde bevolking hier haar intrek. In 1901 ontstond de School van Nancy, die kunstenaars samenbracht die een band met de industrie wilden smeden en zich graag door de plantenwereld lieten inspireren. De architecten Emile André en Lucien Weissenburger, de glaskunstenaars Gallé en Daum, de ebenist Majorelle en vele andere artiesten schonken de stad ontelbare meesterwerken, die prachtig bewaard gebleven zijn. Zo is er in de zakenwijk bij het station het gebouw van de kamer van koop-handel, de Chambre de Commerce et d'Industrie (1908): een delicaat kunstsnoepje, met het felblauwe sier-smeedwerk van Louis Majorelle als blikvanger. Op de Avenue Saint-Jean trekken twee hoekgebouwen de aandacht: de Graineterie Génin (1901) en de vroegere Banque Renauld (1910). Even verder, in de Rue Henri-Poincaré, is Brasserie l'Excelsioraan de beurt, één van de mooiste realisaties van de School van Nancy. Om nog meer te weten te komen over de art nouveau is het Musée de l'Ecole de Nancy een aanrader. Het is ondergebracht in het huis van Eugène Courbin, één van de grootste mecenassen die de kunststroming ooit hebben gesteund. De collecties tonen de diversiteit van de technieken die deze kunstenaars beheersten. Glaswerk van Emile Gallé, volledig ingerichte kamers zoals de eetkamer Masson van Eugène Vallin en de slaapkamer van de Villa Majorelle. Die villa, die ook Villa Jikta wordt genoemd, ligt vlakbij het museum en is 's winters op zaterdag geopend. Zowel binnen als buiten is ze in elk detail een feest voor het oog. Het huis van deze bekende meubelmaker werd in 1901 door de Parijse architect Henri Sauvage gebouwd, met de hulp van Lucien Weissenburger. De art nouveau heeft niet alleen haar stempel op het stadsbeeld gedrukt, ze draagt ook bij tot de hedendaagse sfeer in het moderne Nancy. Dat ondervindt iedereen die zich enthousiast in het stadsleven stort, bijvoorbeeld door een van de vele gezellige markten te bezoeken die voor iedereen wel iets te bieden hebben: voor lekkerbekken uiteraard, voor epicuristen, voor nieuwsgierige mensen in het algemeen, en voor hen die op zoek gaan naar de ziel van deze stad aan de oevers van de Meurthe in het bijzonder. Een schitterende stad, van de middeleeuwen tot vandaag. nTekst: Sophie Dauwe / foto's: S. Dauwe & JJ Serol / Pepite Photography