Sorry pa, sorry ma, maar ik ben écht niet geïnteresseerd. Meer en meer 50-plussers die een eigen zaak hebben opgebouwd, worden vroeg of laat (en tegenwoordig steeds vroeger) met deze reactie geconfronteerd, wanneer ze bij hun opgroeiende of volwassen kinderen polsen of iemand de familiezaak wil overnemen. Natuurlijk beseffen ze dat ze hun kinderen niet kunnen verplichten en gunnen ze hen dat eigen geluk graag, maar diep in hun binnenste blijven de teleurstelling en de onzekerheid groot. Hebben we daarvoor dertig of veertig jaar zo enthousiast gewerkt? Wat gaat een vreemde overnemer van onze zaak maken? Stel (de ergste nachtmerrie) dat onze eeuwige concurrent ons wil overnemen?
...

Sorry pa, sorry ma, maar ik ben écht niet geïnteresseerd. Meer en meer 50-plussers die een eigen zaak hebben opgebouwd, worden vroeg of laat (en tegenwoordig steeds vroeger) met deze reactie geconfronteerd, wanneer ze bij hun opgroeiende of volwassen kinderen polsen of iemand de familiezaak wil overnemen. Natuurlijk beseffen ze dat ze hun kinderen niet kunnen verplichten en gunnen ze hen dat eigen geluk graag, maar diep in hun binnenste blijven de teleurstelling en de onzekerheid groot. Hebben we daarvoor dertig of veertig jaar zo enthousiast gewerkt? Wat gaat een vreemde overnemer van onze zaak maken? Stel (de ergste nachtmerrie) dat onze eeuwige concurrent ons wil overnemen? "Het is echt opvallend hoeveel familiale bedrijfsleiders ik tegenwoordig in mijn spreekkamer krijg die het heel moeilijk hebben met het feit dat ze in hun eigen gezin geen opvolging vinden", zegt gezondheidspsycholoog Fons Verhoelst. "Voor de buitenwereld verbergen ze dat echter onder andere klachten: stress, relatieproblemen, hartklachten... In werkelijkheid maken deze mensen een rouwproces door. Eerst gaan ze zich verzetten en boos worden. Ze gaan zelfs ruzie maken met hun kinderen. Later worden ze depressief en uiteindelijk moeten ze het toch op een of andere manier loslaten." Ook Karel Van Eetvelt, de topman van Unizo (Unie van Zelfstandige Ondernemingen) trekt aan de alarmbel: "De babyboomgeneratie onder de zelfstandigen komt nu langzaam op de leeftijd dat ze aan stoppen en overlaten denken. Elke maand komen er op Overnamemarkt, onze online databank voor overnames, zo'n 1000 bedrijven bij. Een onthutsend cijfer zagen we in een studie van het financiële adviesbureau Pricewaterhouse Coopers: 50% van alle familiale bedrijfsleiders in België is ouder dan vijftig jaar, 15% zelfs ouder dan zestig. En dan spreken we niet alleen over eenpersoonszaken maar ook over kmo's tot 50 werknemers. Als alle familiebedrijven die in het eigen gezin geen opvolging vinden, zouden sluiten dan mogen we van een economische en sociale ramp spreken. Om nog maar te zwijgen van het verlies van al die ervaring. Het stopzetten van de activiteit is dan ook geen valabele optie. Daarom pleiten wij voor voordeliger leningen voor kandidaat-overnemers en voor een nultarief voor de successierechten tussen ouders en kinderen." "Wie de fakkel niet in het eigen gezin kan doorgeven, moet zeker op tijd gaan zoeken naar een goede en vertrouwen-wekkende overnemer buiten de familie, en uiteraard naar een interessante financiële overeenkomst", pleit Van Eetvelt nog. "Al ken ik vele zelfstandigen die in dat geval liever blijven doorwerken tot ze erbij neervallen. Het probleem is dan echter vaak dat ze jarenlang niet meer in vernieuwing geïnvesteerd hebben. Dat maakt het bedrijf voor een kandidaat-overnemer veel minder interessant." Bouwbedrijven, dienstverlenende bedrijven in informatie en goedgelegen horecazaken blijken in de praktijk het makkelijkst een overnemer buiten het gezin te vinden. Kleinhandels in schoenen en kleding, fotozaken en winkels van binnen-huisinrichting en huishoudapparaten zijn het moeilijkst over te laten, omdat die moeten opboksen tegen de grote ketens. Ook warme bakkers, loodgieters en slagers vinden nog nauwelijks overnemers, omdat zowel hun eigen kinderen als buitenstaanders deze ambachtelijke beroepen niet meer willen leren. Al lijkt hierin vandaag een heel schuchtere kentering te komen. Waarom zijn kinderen steeds minder bereid het familiebedrijf over te nemen? De kleinere gezinnen met één of twee kinderen vormen alvast één verklaring. In gezinnen met vier of vijf kinderen had je nu eenmaal meer kans dat minstens één van hen zich geroepen voelde om de fakkel over te nemen. Onze kinderen hebben nu ook meer gestudeerd, gereisd en soms al in het buitenland gewerkt en ze surfen via het internet over de hele wereld. Ze willen niet zo hard werken als ze hun ouders hebben zien doen en zien niet zelden dat ze elders makkelijker geld kunnen verdienen. Maar er is nog meer aan de hand, meent psycholoog Fons Verhoelst. "De huidige babyboomers hebben een veel minder autoritaire verhouding met hun kinderen. Ze willen ze alle kansen geven om hun eigen weg te zoeken en hen zeker niet moreel verplichten in het bedrijf te treden. Bovendien heeft elk familiebedrijf zijn geheimen en bij een crisismoment kunnen die aan de oppervlakte komen." Zelfs in de beste scenario's zal het overlaten van het familiebedrijf aan vreemden voor pijn en rouw zorgen. Fons Verhoelst: "Dat moet je aanvaarden. Elk gezond bedrijf maakt nu en dan een crisis door, bijvoorbeeld bij een uitbreiding of bij het aantrekken van een nieuwe vennoot. Een bedrijf dat nooit een crisis kent, stagneert. Familiale bedrijfsleiders die altijd al een goede relatie met hun kinderen hebben gehad, zullen zich makkelijker over hun teleurstelling heen kunnen zetten. Ook als het bedrijf bloeit, zal het loslaten makkelijker verlopen. Als de relatie van de ouders met de volwassen kinderen echter niet goed is en als het familiebedrijf ook nog eens minder goed draait, dan wordt het loslaten veel moeilijker. Natuurlijk kun je de verkoop van je zaak zien als een kans om een nieuw levensproject te zoeken. Maar dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan wanneer je dertig jaar met niets anders dan je bedrijf bezig bent geweest." Toch heeft de psycholoog nog deze goede raad voor familiale bedrijfsleiders: "Natuurlijk moet je niet aarzelen om aan je kinderen uitdrukkelijk de vraag te stellen of ze de zaak willen overnemen. En natuurlijk mag je daarbij zeggen dat die oplossing je gelukkig zou maken. Maar misschien kun je die vraag beter niet stellen wanneer ze pubers of pas twintig zijn. Als je kind dertig wordt, heb je meer kans op een positief antwoord. Op die leeftijd treedt er vaak rust op in de relatie tussen ouders en kinderen. Ze hebben dan al iets opgebouwd, een diploma gehaald, misschien zelfs in het buitenland gestudeerd of gewerkt. De leeftijd van dertig is vaak een scharniermoment in hun leven: nu kunnen ze nog iets heel anders gaan doen. En als ze dan in het familiebedrijf komen, doen ze dat al vanuit hun eigen ervaring, niet als vaders zoontje of dochtertje." Wanneer kun je de overname van een familiebedrijf buiten het gezin een succes noemen? "Als de continuïteit gewaarborgd wordt en als de overname de betrokkenen psychisch en fysiek tevreden stelt", zegt Luc Van Laere van Overnamemarkt. "Wie zijn zaak verkoopt, moet financieel comfortabel kunnen leven voor de rest van zijn leven. En het moet klikken tussen hem en de overnemers: hij moet het gevoel hebben dat zijn zaak in goede handen terecht is gekomen. Een overname is voor tachtig percent een kwestie van emotie en voor twintig percent van centen." Aan vijftigplussers die voor hun bedrijf geen opvolging in hun eigen gezin vinden, geeft hij deze gouden regels mee voor een succesvolle overdracht: 1. Begin er tijdig mee. Zeven jaar voor u echt wil stoppen is geen overbodige luxe. Bij het overlaten van een zaak komen nu eenmaal veel aspecten kijken en elke overname is anders. In die tijd kunt u ook op zoek gaan naar een nieuw project in uw leven. 2. Zoek professionele begeleiding, zeker voor de bepaling van de waarde van het bedrijf. Er bestaan twee types van professionele overnamebegeleiders: financiële adviseurs en bemiddelaars. Financiële adviseurs (boekhouders, bedrijfsconsulenten, revisoren...) zijn interessant voor de waardebepaling van de zaak en voor juridische en fiscale aspecten. Zij sturen een factuur voor hun werk. Bemiddelaars (vastgoedmakelaars, banken enz.) helpen zoeken naar een overnemer en werken op commissie. 3. Stel een profiel op van de ideale overnemer. Maak zelf een beschrijving van de man, de vrouw, het koppel of het bedrijf waaraan u uw levenswerk wilt toevertrouwen. Steeds meer familiebedrijven stellen ook een charter op over hun filosofie. 4. Gebruik gespecialiseerde diensten om kandidaat-overnemers te vinden. Om doelgericht te zoeken kunt u een beroep doen op websites zoals www.bvob.be (Nederlandstalig) of www.sowalfin.be (Franstalig). U kunt het profiel van uw zaak ingeven en het staat u vrij al dan niet contact te zoeken met kandidaat-overnemers die reageren. Ook beroepsverenigingen van zelfstandigen bieden een dergelijke bemiddeling aan (zie verder: Wie kan u helpen?). 5. Wees niet haastig in onderhandelingen. Gaat de discussie over de overnameprijs, zorg dan dat uw boekhouder daarbij aanwezig is. Zijn de onderhandelingen daarentegen vooral emotioneel een zware zaak, durf ze dan overlaten aan de accountant of de overnamebemiddelaar. 6. Zet al uw vooroordelen opzij. Het kan zijn dat een buitenlandse overnemer het beste aan het profiel van de ideale overnemer beantwoordt. So what? 7. Ga met een ernstige overnamekandidaat persoonlijk op bezoek bij uw belangrijkste klanten en leveranciers. Wil de zaak na u blijven bloeien, dan is het van groot belang dat de overnemer het door u langdurig opgebouwde vertrouwen erft. 8. Laat een ernstige overnamekandidaat een tijdje meedraaien in het bedrijf. Al was het maar enkele uren per week, het is een ideale gelegenheid om uit te vinden of het klikt tussen u beiden en of hij de juiste drive heeft. 9. Heb vertrouwen in de overnemer. Zegt hij plannen te hebben om dingen te veranderen, dan is dat niet noodzakelijk een slechte zaak voor de toekomst. 10. Laat los. Probeer niet de baas te blijven spelen na de overname. Geef achteraf alleen advies als de overnemer het u uitdrukkelijk vraagt. "Als u het er emotioneel moeilijk mee hebt dat u geen opvolging vindt bij uw kinderen, probeer dan niet stoer te doen ("Zelfstandigen zijn nooit ziek!") maar zoek hulp bij een psychotherapeut in plaats van in een depressie weg te zinken", adviseert Fons Verhoelst. Voor meer praktische hulp hebben de beroepsverenigingen van kmo's en zelfstandigen een dienstverlening ontwikkeld. Enkele voorbeelden. n Overnamemarkt is een dienst van Unizo. De website www.overnamemarkt.be biedt veel praktische info voor overnemers en overlaters. U kunt een anonieme beschrijving van uw zaak op de website plaatsen en ontvangt de reacties op uw e-mailadres. Info: tel. 02 238 05 15. n Binnenkort start Unizo met overnamecoaches die een overname gedurende twee jaar begeleiden. n Voor land- en tuinbouwbedrijven biedt SBB , een onderdeel van de Boerenbondgroep, een servicepakket aan: waardebepaling, analyse van de sterkten en zwakten, het opmaken van een pachtovereenkomst of van een contract, de fiscale aspecten, de verplichte meldingen bij de overheid enz. Info: tel. 070 22 26 73. n De Syndicale Unie voor het Broodbedrijf, een Antwerpse organisatie van bakkers, komt bij de leden gratis de toestand van het bedrijf bekijken en kondigt de over te laten zaak anoniem aan in het ledenblad. Wanneer de bakker dat wenst, zal de beroepsvereniging ook aanwezig zijn bij de onderhandelingen. Info: tel. 03 339 55 00. n Ludo Hugaerts