Je kan er niet naast kijken: vanop alle lanen en straten naar het stadscentrum wordt je blik gevuld met kathedraaltorens. De daken eromheen lijken te verzinken in het niets. Wanneer de zon op het einde van de winter door de wolken breekt, licht de grijze natuursteen op en krijgen 1001 details vorm. Een indrukwekkend beeld, zoveel is zeker. In de schaduw van die vijf reusachtige torens voelt een mens zich nietig, bijna duizelig. Het gebouw - 134 m lang en 50 m hoog, meer dan 80 m als je de torens meetelt - moet niet onderdoen voor zijn rivalen in Parijs of Amiens. De restauratie die in 2000 werd gestart, is nog niet afgerond, maar vandaag straalt de voorgevel alweer de grandeur van weleer uit. Een schitterend huwelijk van romaanse en gotische bouwkunst.
...

Je kan er niet naast kijken: vanop alle lanen en straten naar het stadscentrum wordt je blik gevuld met kathedraaltorens. De daken eromheen lijken te verzinken in het niets. Wanneer de zon op het einde van de winter door de wolken breekt, licht de grijze natuursteen op en krijgen 1001 details vorm. Een indrukwekkend beeld, zoveel is zeker. In de schaduw van die vijf reusachtige torens voelt een mens zich nietig, bijna duizelig. Het gebouw - 134 m lang en 50 m hoog, meer dan 80 m als je de torens meetelt - moet niet onderdoen voor zijn rivalen in Parijs of Amiens. De restauratie die in 2000 werd gestart, is nog niet afgerond, maar vandaag straalt de voorgevel alweer de grandeur van weleer uit. Een schitterend huwelijk van romaanse en gotische bouwkunst. En dan kan je niet om de vraag heen: hoe komt het dat een relatief kleine provinciestad zulk een meesterwerk herbergt? Sic transit gloria mundi: meer dan een bruisend centrum uit het verleden is in de loop der eeuwen stilaan weggekwijnd en veranderd in een rustig stadje. Zo ook Doornik, samen met Tongeren en Aarlen een van de oudste steden van ons land. Onder de eerste Merovingers groeide deze Gallo-Romeinse nederzetting uit tot de hoofdstad van het Frankische rijk. Childerik ligt hier begraven. En dankzij de Schelde die door het stadscentrum stroomt, werd Doornik in de middeleeuwen een welvarende handelsstad. "Het is ook de enige Belgische stad die gedurende enkele jaren, ten tijde van Hendrik VIII, in Engelse handen was", zegt stadsgids Marie-Line Masquelier. Hoe belangrijk Doornik toen was, blijkt uit het feit dat ze als een volwaardig Britse stad werd beschouwd. De Doornikenaren mochten zelfs twee afgevaardigden naar het Lagerhuis in Londen sturen. Toch volstaat deze welvaart niet om de omvang van de kathedraal te verklaren. De reden ligt eerder bij het ontelbare aantal kerktorens dat ooit over de stad uitkeek. "Doornik was ook een religieus centrum", benadrukt Marie-Line Masquelier. Ooit herbergde de stad tal van abdijen. En vandaag is ze nog steeds de zetel van een zeer oud bisdom. "De bisschoppen en kannuniken hier hadden veel macht en de kathedraal weerspiegelt in zekere zin hun machtswellust". Voor de Franse revolutie haalde het bisdom heel wat inkomsten uit de economische activiteit van de stad. Het maakte aanspraak op de kleinste tol die hier werd geheven. Een exclusief recht dat ooit door koning Childerik himself, een kleinzoon van Clovis, aan de geestelijken was toegekend, zo beweerden ze zelf. Als bewijs zwaaiden ze zonder verpinken met een oude koninklijke oorkonde, die in werkelijkheid uit de pen van een erg bedreven middeleeuwse vervalser was gevloeid. Niet bepaald een christelijke houding. Ondanks de kathedraal, werd de stad verder uitgebouwd. Doornik werd beroemd voor zijn wandtapijten, zijn natuursteen en zijn porselein. Die rijkdom komt het best tot uiting op de Grote Markt, waar de huizen van kooplui, de lakenhalle en het fraaie belfort - het oudste van ons land - een indrukwekkend geheel vormen. "De markt hier doet denken aan sommige steden in Noord-Frankrijk", vindt de gids. "Alleen jammer dat veel toeristen niet verder kijken dan de kathedraal en de Grote Markt." Jammer inderdaad, want het is best aangenaam kuieren door de binnenstad van Doornik. Voor wie niet gehaast is, liggen de verrassingen hier voor het grijpen. Zoals de overdekte boogbrug in een kasseisteegje: via deze overgang kon de bisschop zich naar zijn paleis begeven zonder zijn kleren te bevuilen aan de uitwerpselen op straat. Want de gewone mensen schepten er blijkbaar genoegen in zich onder de boog te ontlasten... Verderop vind je een zeldzame romaanse woning uit de 12de eeuw, maar ook een verrassend zentuintje waar vroeger een klooster stond. Of nog, het enige museum voor schone kunsten dat ontworpen werd door Victor Horta. Onze tip: aarzel vooral niet om binnen te lopen in een van de vele musea van de stad. Ze ogen misschien bescheiden, maar bieden onderdak aan een verbazingwekkend rijke collectie. Achter de ingang van een vroeger pandjeshuis of achter het portaal van een herenhuis kom je oog in oog te staan met wandtapijten uit de renaissance, marionetten van over de hele wereld, de enige schilderijen van Manet die ons land rijk is, maar ook antieke schatten die uniek zijn in de wereld. Een bezoek aan Doornik is pas af als je ook afdaalt naar de Scheldekaaien en een terrasje doet op een pleintje, zodra het weer mag. Maar waar je je ook bevindt, de kathedraal blijft altijd je richtpunt.