Het gerenoveerde en uitgebreide Musée Garneert, in de oude Prieuré des Chevaliers de Malte, heropent in juni zijn deuren met een schitterende tentoonstelling over de beroemdste zoon van Aix-en-Povence. De liefdesgeschiedenis tussen Cézanne en de Provence wordt verteld in vijfentachtig olieverfschilderijen en tweeëndertig aquarellen, afkomstig uit heel de wereld.
...

Het gerenoveerde en uitgebreide Musée Garneert, in de oude Prieuré des Chevaliers de Malte, heropent in juni zijn deuren met een schitterende tentoonstelling over de beroemdste zoon van Aix-en-Povence. De liefdesgeschiedenis tussen Cézanne en de Provence wordt verteld in vijfentachtig olieverfschilderijen en tweeëndertig aquarellen, afkomstig uit heel de wereld. Donderdagochtend is het markt in Aix. Dan komen de stralende kleuren van de Midi het okergele palet van de stad verrijken. Op de Place de L'Hôtel de Ville staan de bloemenstalletjes in bloei en hebben de caféterrassen geen plaatsje meer vrij, terwijl op de Place des Prêcheurs en de Place de la Madeleine groenteboeren in een gezellige drukte hun waren aan de man brengen. Het beroemde café-brasserie Les deux garçons aan de Cours Mirabeau bruist van het leven. Het is nooit anders geweest. Hier voerden Paul Cézanne en zijn vriend Emile Zola na de lessen in het Collège Bourbon verhitte gesprekken over poëzie en schilderkunst. Een eindje verder, op de hoek, hangt nog het verweerde uithangbord van de Chapellerie du cours Mirabeau, de florissante hoedenwinkel die de vader van Cézanne uitbaatte voor hij bankier werd. Cézanne bracht een groot deel van zijn leven in Aix door, ook al bezocht hij vaak Parijs om Zola te ontmoeten en tevergeefs te trachten binnen te geraken in de Ecole des Beaux-Arts. Na de middelbare school volgde hij tekenlessen, maar zijn vader verplichtte hem rechten te studeren, in de hoop dat hij in de bank zou komen werken. De vaderlijke ambities sneuvelden snel: zoonlief had een hekel aan cijfers en wilde alleen maar schilderen. Om de legerdienst te ontwijken, vluchtte Cézanne naar L'Estaque, in de buurt van Marseille, waar hij landschappen schilderde. Later verhuisde hij naar de vallei van de Oise, om er zijn techniek bij te schaven bij zijn vriend en mentor Camille Pissarro. In de loop van zijn eenzaam leven ruilde Paul Cézanne zijn atelier in het buitenhuis van de familie in Le Jas de Bouffan voor een huis dat hij liet bouwen in Les Lauves maar hij woonde ook lange tijd in Château-Noir en in een hutje in de steengroeven van Bibémus. Zijn "motieven", zoals hij ze noemde, stelden landschappen voor, mensen van de streek, stillevens en vooral gezichten van de berg Sainte Victoire, die hem mateloos fascineerde. De berg is op meer dan tachtig van zijn werken te zien! Onder de invloed van het impressionisme, de voorloper van de moderne kunst, schilderde Cézanne op het einde van zijn leven met veel fijnzinnigheid zijn beroemde reeks baigneuses, naar schetsen uit zijn jeugd, alsof hij een oud geschil met het vrouwelijk geslacht wilde regelen. Ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van het overlijden van de schilder, worden de plaatsen waar hij heeft gewerkt in de kijker gebracht. Zo kunt u de landschappen van Cézanne ontdekken op vijf bewegwijzerde wandelingen. Op dit mooie parcours vindt u ook vijftien informatiezuilen, herkenbaar aan het zelfportret met bolhoed. En in de stad Aix duiden grote messingen spijkers mijlpalen in het leven van de schilder aan. Het einde van de dag is zacht en nodigt uit tot nieuwe ontdekkingen. We wandelen naar de monumentale fontein van de Rotonde, waar de toeristische dienst zijn tenten heeft opgeslagen. Aan de overkant begint de Cours Mirabeau, zeg maar: de Champs-Elysées van Aix. Hoewel de vroegere Provençaalse hoofdstad van koning René nog enkele overblijfselen uit de Romeinse tijd en uit de middeleeuwen bezit, kreeg de stad pas in de XVIIde en de XVIIIde eeuw haar huidige aanblik. In die tijd verdedigde het parlement van Aix vurig de rechten van zijn notabelen tegen de centraliserende politiek van Lodewijk XIV. Nadat de oude wallen waren gesloopt, legde men een koetsweg aan die de herenhuizen van de magistraten aandeed. Deze elegante verkeersdader, de slagader van de stad, kreeg de naam van een personaliteit uit de streek met een niet-onbesproken reputatie: graaf Mirabeau. Het Pavillon de Vendôme, omgeven door een park, is een mooi voorbeeld van een chique woning uit het Aix van de XVIIde eeuw. Later werd de wijk Mazarin gebouwd met sobere lijnen, lichte motieven en veel fonteinen. Aix-en-Provence heeft zijn burgerlijke karakter niet verloren. Het is de zetel van het tweede Beroepshof van Frankrijk en van een belangrijke universiteit. Bijna een derde van de 150 000 inwoners van de stad zijn studenten! De kathedraal van Saint-Sauveur, op de Place des Martyrs de la Résistance, toont de verschillende historische perioden van de stad. Bezoek verplicht! De huidige architectuur van de stad blijft heel homogeen, in de warme kleur van de steen uit de streek die door het licht van de late middagzon wordt verwarmd. Eerbiedwaardige deuren met houtsnijwerk buren soms met een andere en modernere expressievorm, de tags, die heus niet alleen in de voorsteden te zien zijn. Ergens in een straatje stalt een snoepwinkel met een scharlakenrode pui een waterval van calissons uit, de onweerstaanbare lekkernij van amandelen en gekonfijte meloen. Ten slotte bereiken we de kleine Place Ramus, want vanavond dineren we bij Maxime: tapenades, vissoep met aïoli, daube à la provençale, rijkelijk begoten met een Château Calissanne van de hellingen van de Sainte Victoire... Na de drukte van het mooie Aix is het tijd voor de natuur, want alleen op de wegeltjes en paden van de Provence ontdekt u de diepere ziel van de streek. In het begin van mei huiveren de tere klaprozen in de wind en verspreidt de brem zijn typische geuren. Vanaf einde juni is het de beurt aan de lavendel om het land overvloedig te parfumeren. Wie van het werk van Cézanne houdt, zal beslist de Sainte Victoire willen beklimmen, de berg die de schilder zo na aan het hart lag. Vertrek aan de zuidflank, langs de Route du Tholonet, en rijd de berg rond om al zijn facetten te bewonderen. Afhankelijk van de stand van de zon veranderen de vormen en de kleuren van de rots. Soms trots en charmant, soms dreigend als het onweer rommelt. Op de terugweg steekt u langs de brug van Le Pertuis de Durance over en komt u in het Parc du Lubéron. De schattige dorpjes Cucuron, Vaugines, Cabrière d'Aigues, Grambois, Ansouis (met zijn beroemde tuinen), allemaal in de buurt van Lourmarin, zijn een omweg dubbel en dik waard. Hoog op het plateau wijst een bord de weg naar het pittoreske bergdorpje Gordes, een van de mooiste plekjes van Frankrijk. Het middeleeuwse kasteel is zorgvuldig gerestaureerd. En de oude vesting heeft drie verdiepingen met werken van de Vlaamse schilder Pol Mara, die lang in Gordes heeft gewoond. Niet ver van Gordes ligt Roussillon, het kleurigste dorp van de Provence, aan de rand van okergroeven. Een bewegwijzerd pad loopt door een hallucinant landschap van rotspieken en canyons met verschillende lagen stenen in een waaier van kleuren, van bleekgeel tot roodbruin. De gelijkenis met de steengroeven van Bibémus van Cézanne is treffend. Het is er sprookjesachtig wandelenen in de oude fabrieken maakt het Conservatoire des Ocres weer natuurlijke pigmenten en kunnen de liefhebbers van kleuren boeken kopen en stages volgen. Van midden juni tot september laat het Internationale Festival voor Strijkkwartetten het dorp bruisen van het leven. In de schaduw van de kerk van Roussillon zorgen caféterrassen en restaurants voor de gezelligheid. Op de rugleuning van een stoel toont een krekel wat leven echt betekent: genietend van de zon, zonder zich iets aan te trekken van de eerste klanten voor het aperitief. Nu nog een kleine pastis en het geluk is compleet... nA Tekst & foto's: Guy Van de Berg