Op 24 maart ontdekten miljoenen televisiekijkers Kikoro en Morizo, de vreemde mascottes van de Wereldtentoonstelling in Aichi, vlakbij Nagoya. De twee schepseltjes leven in een wereld vol menselijke robots. Ze knappen alle mogelijke klussen op - onder meer het onthaal van de 15 miljoen bezoekers die de tentoonstelling verwacht. De combinatie van fantasie en technologie illustreert het streven van het huidige Japan, dat na tien lange jaren van recessie en economische achteruitgang weer een wereldleider wil worden in technische vooruitgang en duurzame ontwikkeling. De boodschap: de natuur beschermen om de vooruitgang van de mensheid mogelijk te maken. Het is een hele ambitie voor deze eerste wereldtentoonstelling van de XXIste eeuw, die op 23 september zijn deuren zal sluiten. Deze expo is meer dan een technologisch en wetenschappelijk uitstalraam. Het is de gedroomde kans om te proberen de ziel van Japan te vatten, een land dat een van de grote raadsels van onze planeet blijft. Onbegrijpelijke zeden, een onwaarschijnlijke mengeling van traditie en moderniteit, de strakke structuren van een maatschappij die Amélie Nothomb zo schitterend beschrijft in haar roman Met angst en beven. Ze zaaien niets dan verwarring in onze cartesiaanse geest...
...

Op 24 maart ontdekten miljoenen televisiekijkers Kikoro en Morizo, de vreemde mascottes van de Wereldtentoonstelling in Aichi, vlakbij Nagoya. De twee schepseltjes leven in een wereld vol menselijke robots. Ze knappen alle mogelijke klussen op - onder meer het onthaal van de 15 miljoen bezoekers die de tentoonstelling verwacht. De combinatie van fantasie en technologie illustreert het streven van het huidige Japan, dat na tien lange jaren van recessie en economische achteruitgang weer een wereldleider wil worden in technische vooruitgang en duurzame ontwikkeling. De boodschap: de natuur beschermen om de vooruitgang van de mensheid mogelijk te maken. Het is een hele ambitie voor deze eerste wereldtentoonstelling van de XXIste eeuw, die op 23 september zijn deuren zal sluiten. Deze expo is meer dan een technologisch en wetenschappelijk uitstalraam. Het is de gedroomde kans om te proberen de ziel van Japan te vatten, een land dat een van de grote raadsels van onze planeet blijft. Onbegrijpelijke zeden, een onwaarschijnlijke mengeling van traditie en moderniteit, de strakke structuren van een maatschappij die Amélie Nothomb zo schitterend beschrijft in haar roman Met angst en beven. Ze zaaien niets dan verwarring in onze cartesiaanse geest... In Tokio, Nagoya en Yokohama slenteren mooie meisjes met spleetogen en blond geverfd haar door wouden van betonnen torens. Met de gsm tegen het oor geplakt en een glimlach van witte lipstick zijn zij het archetype van een jeugd die thuis is in het virtuele Japan van vandaag. Toch is Tokio alles behalve een virtuele stad. De bruisende wijken verblinden met hun extravagante neonlicht. Zelfs juffertje die lichtjes aangeschoten zijn en oogverblindend lachen naar wie zo vriendelijk is hen in de anonieme massa op te merken, hebben hier niets te vrezen - Japan is de veiligste hoofdstad ter wereld. In het hart van die waanzinnige drukte staat het keizerlijke paleis, omringd door slotgrachten. Het mysterie van de verboden stad, de residentie van de laatste keizer, herinnert eraan dat de eeuwenoude traditie nog altijd een realiteit is in het dagelijkse leven van de Japanners. Net zoals de pagoden van de tempel van Asakusa-Kannon, druk bezocht door duizenden pelgrims, overtuigend bewijzen dat Boeddha nog lang niet vergeten is. Tokio heeft veel verrassingen voor wie ze wil ontdekken. Musea met immense kunstschatten, maar ook de vismarkt van Tsukiji, een onvergetelijke ervaring. Vanaf zes uur 's ochtends krijgt de roes van de handel de visverkopers in hun greep. In een gigantisch gebouw liggen tonnen diepgevroren tonijn op de grond. De veiling is georkestreerd als een ballet. Onder de tevreden blik van een kennerspubliek worden de zaakjes keurig afgerond. Het moet snel gaan want meer dan honderd miljoen Japanse magen wachten ongeduldig op hun dagelijkse portie vis. De loods van Tsukiji is een mooie samenvatting van de verschillende facetten van het moderne Japan: mensen die als robots worden gestuurd, stress, geld... en de passie voor rauwe vis, de sashimi, die al vroeg in de ochtend in de straatjes rond de markt wordt gesmaakt. De omgeving van de hoofdstad is rijk aan schatten. De berg Fuji, de volmaakte vulkaan van de prenten van Hokusai, heeft een plekje in het hart van elke Japanner. Want in dit land wordt de natuur vereerd en wordt elke plek, elke boom, berg of rivier bezield door een geest die eerbied verdient. De archipel is trouwens het rijk van de Kamis, de geesten die worden gevreesd en aanbeden in de shinto-tempels. Het geloof in de kracht van natuurgeesten en de cultus van de voorouders zijn de pijlers van het shintoïsme. De rituelen van deze animistische godsdienst leven probleemloos samen met het uit het verre China ingevoerde boeddhisme. Net zoals er plaats is voor de invloeden van de westerse cultuur (pak en das, Europese bruidsjurken, fastfood), die er toch nooit in slagen de fundamenten te vervangen van een duizendjarige beschaving die de ene cultuurschok na de andere heeft overleefd. Op 150 km van Tokio, te midden van uitgestrekte cipressenbossen, wonen de geesten van de shoguns in de tempels van Nikko. Deze krijgsheren, die het land van de XVde tot de XVIIste eeuw bestuurden, waren de eeuwige rivalen van de keizers. Ze hadden een echte passie voor rijkdom en macht, zoals ook uit de extravagantie van hun bouwkunst blijkt. Hun grafmonumenten staan heel ver van de traditionele soberheid die de eeuwige Japanse ziel kenmerkt, een betoverend kader voor de herfstceremonies waarin geharnaste soldaten en hoogwaardigheidsbekleders in hun mooiste kimono's een processie vormen rond een wit paard dat de insignes van de voorouderlijke godsdienst draagt. Kyoto, in het centrum van Japan, was elf eeuwen lang de hoofdstad van het land en is de meest fascinerende stad van heel de archipel. De stad, omsloten door de bergen, telt niet minder dan 1700 boeddhistische tempels en 300 shintoïstische heiligdommen! De gouden tempel, Kinkaku-ji, is een van de mooiste. Hij is bekleed met zuiver bladgoud en werd tot in de details herbouwd nadat een waanzinnige monnik hem had afgebrand. Kyoto heeft geen gebrek aan charmante plekjes. De bloeiende kersenbomen, de rijke stoeten waarin duizenden samoerai, priesters en courtisanes paraderen, geven het culturele leven van de stad zijn ritme. De wijk Gion herbergt een overvloed van schatten, van de schoonheid van de geisha's tot mooie houten huizen en een antiekmarkt in de schaduw van de pagode van To-ji... Ten oosten van de stad, aan de voet van de bergen die de oude hoofdstad omringen, ontdekt de reiziger een paternoster van zen-tuinen, exotische tempels en theehuizen. Vlakbij rust de tempel van Kiyomizu op een woud van houten palen - bedevaarders drinken hier het zuiverende water van een heilige bron. De tempel domineert de wijk Sannen Zaka, een wirwar van romantische straatjes met houten huizen en ambachtelijke winkels waar nog echte schatten te vinden zijn: oude prenten, zijden kimono's, geraffineerde waaiers. In de noordelijke wijk, bij de zen-tempel van Ryoan-ji, ontvangt een oude herberg al sinds vele generaties pelgrims. Er wordt alleen tofu opgediend, sojakaas met een bouillon van algen en wat ingelegde groente. De gasten zitten op tatami's van geurig rijststro, het voedsel wordt op een lage tafel gezet en de geuren mengen zich met de subtiele smaken van een geraffineerde keuken. In Kyoto proeft u antieke recepten in het romantische licht van lampions, twee getuigen van een heel aparte levensstijl. De streek van Yamato, niet ver van Kyoto, is de historische wieg van Japan. Hier ligt Nara, waar een reusachtig boeddhabeeld beschermd wordt door het Todaï-ji, het grootste houten bouwwerk ter wereld en een schitterend bewijs van het vakmanschap van de Japanse timmerlieden. Nara was ooit de eerste vaste hoofdstad van Japan en kreeg Koreaanse gezanten op bezoek die de leer van Boeddha verspreidden tot op de kleinste eilandjes van de archipel. Toch is Nara ook een centrum van shintoïsme. 3000 heilige damherten zwerven er in alle vrijheid door de parken. De charmante dieren worden vanouds als de boodschappers van de goden beschouwd... Een ander symbool van de vreemde verstrengeling van godsdiensten is de berg Koya, ten zuiden van Nara. Hier spreiden bijna 150 kloosters van de boeddhistische shingon-sekte een drukke activiteit ten toon. Het bos rond het graf van Kobo Daichi, de stichter van de shingon-school, is bezaaid met een miljoen lantarens. De monniken roepen occulte machten op door gebedsplaatjes te verbranden in zuiverende vuren, op de obsederende tonen van eindeloos herhaalde mantra's. Japan is meer aan de oude gewoonten gehecht dan u zou denken. Elke tempel, elke stad en elk dorp viert nog oude rituelen, ceremonies uit de nacht der tijden. Deze tradities verenigen de hypermoderne Japanner met de aarde en de geest van de voorouders. Westerlingen kunnen die realiteit moeilijk begrijpen. Onlangs nog toonde Sophia Coppola's film Lost in Translation op een briljante manier de culturele kloof die het Westen van Japan onderscheidt. In dit land is zelfs het moderne verbijsterend! Kijk maar naar de stroom van virtuele kuikentjes en hondjes, de extravagante kleding, het vaak onbegrijpelijke gedrag... Maar los van al dat overspannen gedoe heeft Japan een massa verrassingen in petto voor de zeldzame bezoeker die zich in dit hoekje van het Verre Oosten waagt, verloren als het is tussen China en de Stille Oceaan... n Paul Lorsignol