Het geduld van de fans van Ford wordt behoorlijk op de proef gesteld. Pas in december krijgen ze de C-Max te zien, de compacte monovolume uit de Ford-Focusfamilie. Daarmee komt er voor de Amerikaanse autoreus een einde aan een lange en zware bevalling. Drie jaar geleden werden de eerste schetsen al onthuld maar ze belandden nadien in de papiermand. Intussen zijn zowat alle autoconstructeurs op dit marktsegment gesprongen. Waarom Ford zo lang gewacht heeft, blijft een mysterie. "Maar de C-MAX wordt écht de beste!", is het enige wat Ford daarop te zeggen heeft.
...

Het geduld van de fans van Ford wordt behoorlijk op de proef gesteld. Pas in december krijgen ze de C-Max te zien, de compacte monovolume uit de Ford-Focusfamilie. Daarmee komt er voor de Amerikaanse autoreus een einde aan een lange en zware bevalling. Drie jaar geleden werden de eerste schetsen al onthuld maar ze belandden nadien in de papiermand. Intussen zijn zowat alle autoconstructeurs op dit marktsegment gesprongen. Waarom Ford zo lang gewacht heeft, blijft een mysterie. "Maar de C-MAX wordt écht de beste!", is het enige wat Ford daarop te zeggen heeft. Eerst even over het uiterlijk. Volgens hoofddesigner John McLeod moet de C-Max de dynamische stijl van de Focus berline voortzetten, maar met iets vloeiender lijnen en een harmonieuzere vormgeving. Een minibusje mocht het niet worden, zo klinkt het. En Ford is ook niet van plan een versie met 7 zitplaatsen op de markt te brengen. Een beetje eigenaardig, want het gros van de concurrenten doet dat wel. In vooraanzicht is er geen twijfel mogelijk. De C-Max heeft dezelfde vrolijke blik als de Focus berline. Er zijn ook andere gelijkenissen. De koplampen, de wielen en het radiatorrooster, dat voor de gelegenheid in een chroomkleurtje gestoken werd. Aan de achterkant kreeg de C-Max een gestileerd hoekje en hoog geplaatste achterlichten die doen denken aan de Nissan Tino. Grappig. In zijn geheel bekeken ziet de auto er behoorlijk sportief uit. Binnenin zitten de zetels stevig maar ze zijn een beetje kort. Ze zorgen wél voor een rechte en niet te hoge rijhouding. Het interieur ademt een uitgesproken kwaliteitsgevoel. Het is moduleerbaar, sober en doordacht, met een haast vanzelfsprekend oog voor ergonomie. De enige valse noot: de middelste achterzetel staat een stuk rechter dan de andere en biedt net iets te weinig plaats voor één volwassene. De koffer vertelt dan weer een mooier verhaal. De drempel is laag genoeg om makkelijk in- en uit te laden en de ruimte kan u laten variëren van 550 tot 1620 liter. Op de weg koppelt de C-Max een grote daadkracht aan veel gezond verstand. Soepelheid en vinnigheid zijn de sleutelwoorden. Wie er graag de beuk inzet, kiest voor het sportchassis. Wie vooral comfort op prijs stelt en zich liever als een bezorgde huisvader over de weg beweegt, zal al heel tevreden zijn met het basischassis, dat erg doeltreffend is. Bovendien heeft de C-Max een goede wegligging, beschikt hij over een nauwkeurig besturingssysteem, een uitstekende schokdemping en krachtige, veilige remmen. Onder de motorkap stopte Ford twee benzinemotoren: de 1.6 l van 100 pk en de 1.8 l van 120 pk. Daarnaast werden in samenwerking met PSA twee nieuwe diesels ontwikkeld: de 1.6 l TDCi van 109 pk en de 2.0 l TDCi van 136 pk. Die laatste is uiterst dynamisch, erg soepel maar ook geruisloos en vooral erg efficiënt. Wat we niet kunnen zeggen van de 1.8 l, wiens prestaties bij hogere snelheid toch wat teleurstellen. Alle motoren zijn uitgerust met vijf mechanische versnellingen, behalve de 2.0 TDCi die er zes heeft. Een automatische versnellingsbak is enkel beschikbaar bij de 1,6 benzineversie. De C-Max is verkrijgbaar in drie uitvoeringen: Ambiante (basis), Trend (sport) en Ghia (luxe). Prijs: van euro 17.150 (Ambiante 1,6 l benzine) tot euro 24.400 (voor de Ghia 2.0 TDCi). A Arnaud Dellicour