De fiscaliteit van woonkredieten die vanaf 1 januari 2005 worden afgesloten, is ingrijpend hervormd. Bij het ter perse gaan van dit artikel was het wetsontwerp nog niet volledig rond, maar de grote lijnen zullen waarschijnlijk niet meer veranderen. Volgens de overheid zouden de nieuwe belastingregels voordeliger zijn voor iedereen. Sommige experts beweren dat ze in bepaalde gevallen vrij nadelig zullen uitvallen. Maar dat geldt alleen voor een minderheid: de meeste mensen zullen dankzij het nieuwe stelsel geld besparen.
...

De fiscaliteit van woonkredieten die vanaf 1 januari 2005 worden afgesloten, is ingrijpend hervormd. Bij het ter perse gaan van dit artikel was het wetsontwerp nog niet volledig rond, maar de grote lijnen zullen waarschijnlijk niet meer veranderen. Volgens de overheid zouden de nieuwe belastingregels voordeliger zijn voor iedereen. Sommige experts beweren dat ze in bepaalde gevallen vrij nadelig zullen uitvallen. Maar dat geldt alleen voor een minderheid: de meeste mensen zullen dankzij het nieuwe stelsel geld besparen. Het belangrijkste doel van de hervorming is de fiscaliteit van het woonkrediet rechtvaardiger te maken. Eerst enkele voorafgaande opmerkingen: om te beginnen heeft de hervorming vooral betrekking op de eigen en enige woning van de belastingplichtige. Er verandert niets voor leningen voor de financiering van een tweede woning of van een huis dat u verhuurt. er verandert evenmin iets voor leningen die voor 2005 zijn aangegaan. Het stelsel geldt alleen voor nieuwe leningen, dus leningen die vanaf 1 januari 2005 worden afgesloten. Het belangrijkste praktische gevolg van de hervorming is dat het belastingvoordeel wordt losgekoppeld van het niveau van de beroepsinkomsten. Elke belastingbetaler kan voortaan tot 1860 euro per persoon en per belastingjaar aftrekken. De 10 eerste jaren van de lening (het jaar waarin de lening is aangegaan telt voor een volledig jaar) wordt het maximum van 1860 euro automatisch vermeerderd met 620 euro. Als de leners minstens 3 kinderen ten laste hebben, stijgt de vermeerdering van 620 naar 680 euro. Dit aftrekbare bedrag, vermeerderd tot 2480 euro (1860 + 620) of 2540 euro (1860 + 680) is van toepassing zolang de woning het enige eigendom van de leners is. In het andere geval daalt het aftrekbare basisbedrag weer naar 1860 euro. Het gaat hier om bedragen per persoon, in het klassieke geval van een gezin dat leent moet u ze dus verdubbelen. Het nieuwe systeem vervangt de belastingvoordelen die vroeger aan hypothecaire leningen waren verbonden. Het zou (minstens) de afgeschafte voordelen van het oude systeem (gewone en bijkomende aftrek van de interesten) moeten compenseren. Wie een huis koopt en de registratierechten betaalt zal bijna altijd voordeel hebben bij het nieuwe stelsel. Toch wordt dat doel niet altijd bereikt. De nieuwe regeling is bijvoorbeeld relatief ongunstig voor echtgenoten en samenwonenden met kinderen en een hoog inkomen. Vrijgezellen worden eveneens benadeeld in vergelijking met de oude regeling. Ten slotte nog dit: als de aftrek voor de eigen woning kleiner is dan 1860 euro, heeft de belastingplichtige nog altijd recht op belastingvermindering in het kader van het langetermijnsparen (dus ook de leningen die u aangaat voor bijv. 20 jaar). Deze vermindering (30 tot 40 % van de jaarlijkse uitgave) geldt voor de afbetalingen van kapitaal en voor de verzekeringspremies die gekoppeld zijn aan leningen voor een woning die niet eigen en enig is (bijvoorbeeld een verhuurde of een tweede woning).Roger Sartet, Jocelyne Minet