Vroeger bereidde de apotheker de meeste geneesmiddelen zelf. Door de uitbreiding van de farmaceutische industrie werd die taak echter met de dag minder belangrijk en de verkoop van diverse producten steeds belangrijker. De herwaardering van het beroep krijgt nu stilaan vaste vorm.
...

Vroeger bereidde de apotheker de meeste geneesmiddelen zelf. Door de uitbreiding van de farmaceutische industrie werd die taak echter met de dag minder belangrijk en de verkoop van diverse producten steeds belangrijker. De herwaardering van het beroep krijgt nu stilaan vaste vorm. De verplichte basis farmaceutische zorg moet erover waken dat een apotheker niet enkel geneesmiddelen en gezondheidsproducten verkoopt, maar er mee voor zorgt dat ze correct worden gebruikt. Bovendien moet hij aan gezondheidsvoorlichting en preventie doen, door bijvoorbeeld vaccinaties te adviseren, diabetes-patiënten ertoe aan te zetten regelmatig hun voeten en ogen te laten controleren en zo meer. Hoofdmoot van deze basis farmaceutische zorg is het verstrekken van informatie en gericht advies over het juiste gebruik van geneesmiddelen: hoe moeten ze toegediend worden, hoeveel moet de patiënt ervan gebruiken, hoe vaak, op welk moment van de dag, tijdens of buiten de maaltijden... Al deze elementen zijn immers bepalend voor de doeltreffendheid van de behandeling. De apotheker moet uitleggen of er voorzorgsmaatregelen moeten worden genomen en of het geneesmiddel eventuele bijwerkingen kan hebben. Zeker wanneer de patiënt het geneesmiddel voor de eerste maal gebruikt, is dit advies zeer belangrijk. Bedoeling is dat uw apotheker een vertrouwenspersoon wordt die u kan adviseren en begeleiden bij uw geneesmiddelengebruik. Hij heeft ook de taak na te gaan of er geen ongewenste wisselwerkingen kunnen optreden tussen de geneesmiddelen die u neemt. Uw arts zal dit ongetwijfeld nagaan voor de geneesmiddelen die hij voorschrijft, maar misschien schrijft een specialist u iets anders voor en neemt u bovendien pijnstillers die vrij te koop zijn. Aan de apotheker om te checken of dit allemaal probleemloos combineerbaar is. Samen met het verstrekken van basis farmaceutische zorg heeft de apotheker nu ook de verplichting van elke persoon aan wie hij voorschriftgebonden medicatie aflevert, een farmaceutisch dossier aan te leggen. Dit is een computerbestand dat wettelijk minstens uw identiteitsgegevens moet bevatten en de historiek van alle voorgeschreven geneesmiddelen (datum, naam, dosering, voorschrijvende arts) die u de afgelopen 12 maanden in de apotheek gekocht hebt. Om u nog beter te helpen, kan hij dit aanvullen met extra informatie (wie uw huisarts is, producten die u koopt waarvoor u geen voorschrift nodig hebt,...). Pas dan heeft hij immers een totaalbeeld van wat u gebruikt. Bepaalde vrij verkochte pijnstillers kunnen bijvoorbeeld de werking van medicatie tegen hoge bloeddruk verminderen. Erg belangrijk voor de apotheker is ook te weten of u allergisch bent voor bepaalde geneesmiddelen (antibiotica, aspirine,...), of u in het verleden slecht gereageerd hebt op bepaalde medicatie en of u een chronische aandoening hebt (diabetes, glaucoom, hoge bloeddruk, astma, epilepsie, prostaathypertrofie, lever- of nierinsufficiëntie, ziekte van Parkinson,...). U hebt er dus alle belang bij dit te melden aan uw apotheker. In uw farmaceutisch dossier wordt immers enkel informatie opgenomen die u zelf aan uw apotheker verstrekt. Hij mag hiervoor uw arts niet raadplegen. Als patiënt hebt u het laatste woord wat de eventuele bijkomende gegevens betreft. Indien u niet wenst dat de apotheker meer in uw farmaceutisch dossier noteert dan hij wettelijk verplicht is, kunt u hem dat gewoon melden. U hebt bovendien het recht op elk ogenblik uw farmaceutisch dossier bij uw apotheker te raadplegen en, indien u dat nodig acht, er een afschrift van te vragen. Weet ook dat de apotheker gebonden is door het beroepsgeheim. Hij mag uw gegevens aan niemand doorspelen. Komt u in meerdere apotheken over de vloer, dan hebt u bij elk van de apothekers waar u voorschriftgebonden medicatie koopt, een farmaceutisch dossier. Ideaal is dat niet: hoe meer uw dossier versnipperd is, hoe moeilijker het voor de apotheker(s) wordt om advies te verstrekken. Allemaal goed en wel dat de apotheker vragen stelt en advies geeft, maar hoeft uw buurvrouw of -man te horen welke geneesmiddelen u neemt? Liever niet. En daar loopt het in heel wat apotheken nog mank. In principe moet elke apotheek vanaf dit jaar over een hoekje of een ruimte beschikken waar u in alle discretie met de apotheker kunt praten. Bent u op uw privacy gesteld, vraag dan of het gesprek daar kan gebeuren. Omdat de taak van de apotheker geëvolueerd is, moest ook zijn betaling aangepast worden. In plaats van een winstmarge op de verkoopprijs van geneesmiddelen, krijgt de apotheker sinds 1 april een vast honorarium per voorschriftgebonden geneesmiddel dat hij aflevert. Bovenop dit honorarium komen nog extra's. Het detail daarvan zou ons te ver leiden, maar weet dat het systeem zo werd uitgedokterd dat het voor het inkomen van de apotheker én voor de uitgaven van patiënt én voor het Riziv haast niet voelbaar is. Op het kasticket van de apotheek staat voortaan wat u zelf moet betalen (het remgeld), maar ook wat de ziekteverzekering betaalt. Leen Baekelandt