In de tien dagen voor Vastenavond baadt het romantische Venetië in een sfeer van milde waanzin. Het is een traditie die teruggaat tot het einde van de elfde eeuw. Oorspronkelijk werd het feest toegelaten opdat de Venetianen de remmen los zouden kunnen gooien voor de vasten begon. Alle sociale klassen deden mee. De mannen trokken lange capes aan (de tabarro), droegen een steek (de bauta) en verborgen hun gezicht achter een wit masker. De jongelui, vermomd als mattacino (clown), besprenkelden de vrouwen met rozenwater... maar gooiden ook met rotte eieren.
...

In de tien dagen voor Vastenavond baadt het romantische Venetië in een sfeer van milde waanzin. Het is een traditie die teruggaat tot het einde van de elfde eeuw. Oorspronkelijk werd het feest toegelaten opdat de Venetianen de remmen los zouden kunnen gooien voor de vasten begon. Alle sociale klassen deden mee. De mannen trokken lange capes aan (de tabarro), droegen een steek (de bauta) en verborgen hun gezicht achter een wit masker. De jongelui, vermomd als mattacino (clown), besprenkelden de vrouwen met rozenwater... maar gooiden ook met rotte eieren. In de achttiende eeuw kende het volksfeest zijn hoogtepunt. De maskers waren toen zo gebruikelijk geworden dat ze verscheidene maanden per jaar werden gedragen. De anonimiteit had een heleboel voordelen voor de deelnemers: ze konden ongemerkt de speeltafels opzoeken, ongestraft onbekende schonen het hof maken en zelfs ongestoord complotten smeden... De opening van de carnavalsfeesten wordt gekenmerkt door de stoet van de zeven Maria's. Deze oude traditie herdenkt de ontvoering, in 948, van 7 Venetiaanse meisjes door piraten en hun bevrijding door dappere werklui. De eerste zondag van het carnaval trekt de vlucht van de Colombina (ook de vlucht van de Engel genoemd) drommen kijklustigen. Op de top van de Campanile, 96 meter hoog, slaat een vrouw haar witte vleugels open, om via een kabel af te dalen naar haar geliefde op de Piazetta. Deze traditie zou ontstaan zijn door de verliefde capriolen van een Turkse koorddanser op doortocht. Inmiddels bouwt het Tag Teatro zijn podium op het San Marcoplein. Carlo Boso en zijn acteurs gaan een moeilijke weddenschap aan: de aandacht van de massa vijf keer per dag, gedurende enkele tientallen minuten vasthouden. Ze spelen de commedia dell'arte die vroeger tot aan het hof van de koningen van Frankrijk doordrong. De hoofdrolspelers zijn niet veranderd: de lakeien Arlecchino en Brighella, hun meester Pantalone, het dienstmeisje Smeraldina dat verliefd is op Arlecchino, en de anderen. De liefdesintrige is verweven met toespelingen op de verschillen tussen de sociale klassen. De acteurs gebruiken pantomime, acrobatie, muziek, dans en maskers die het dierlijke karakter van de diverse personages vertolken: sluw als een vos, trouw als een hond, behendig als een kat. Het verhaal is allesbehalve verouderd! Feestvierders én toeristen worden nog altijd geboeid door de intrige. De rijke paleizen, de musea en de kerken vol werken van de grootste meesters worden ten overvloede beschreven in de gidsen over Venetië en verdienen uw bezoek. Maar de enige manier om de verborgen charme van deze betoverende stad echt te ervaren, is de drukte te ontvluchten en te verdwalen in de laatste wijken waar nog echte Venetianen wonen. Deze benadering geeft u de kans om een verliefd stel te betrappen terwijl ze zichzelf ontmaskeren om een vluchtige kus te wisselen, kinderen te zien spelen terwijl hun moeder een oogje in het zeil houdt, per ongeluk een schitterende kerk te ontdekken of vanop een brug een gondel in stilte voorbij te zien glijden. In de schemering doemt een raadselachtige gedaante in zwart en wit op... op weg naar een gemaskerd bal misschien, of naar een intiem rendez-vous. De stad Venetië is zo rijk dat u haar vele facetten alleen kunt ontdekken door er keer op keer terug te keren, in verschillende seizoenen en met voldoende tijd om elke buurt ongehaast en op andere momenten van de dag te verkennen. Jammer genoeg rennen de meeste van de vijftien miljoen toeristen die ze elk jaar bezoeken op een drafje van de ene klassieke bezienswaardigheid naar de andere. Op zich is dat natuurlijk ook interessant, maar ze weten niet wat ze missen! Als u bijvoorbeeld langs het San Marcobekken verder naar het oosten wandelt, komt u voorbij het beroemde hotel Danieli, niet ver van het San Marcoplein. Er logeren kost een fortuintje, maar niets belet u om er even binnen te stappen en de monumentale trap te bewonderen. Een kwartiertje verder bent u aan het Arsenale, waar vroeger de machtige scheepswerven van de Serenissima waren gevestigd. Deze buurt heet Castello en hier slaagden 3000 arbeiders erin, één schip... per dag te bouwen! De ingang van het Arsenale is herkenbaar aan twee grappige torens die het kanaal flankeren, versierd met leeuwen die op verre expedities werden buitgemaakt. De scheepswerf, nu eigendom van de zeemacht, kan jammer genoeg niet worden bezocht. Maar als u de straatjes langs de brede via Garibaldi volgt, komt u in het volkse Venetië met zijn schattige vissershuisjes. Voorbij Garibaldi steekt u de brug over en komt u op het eiland San Pietro di Castello, een van de authentiekste wijken, vol piepkleine pleintjes en ouderwetse cafeetjes. Niet veel verder in zuidelijke richting liggen de Giardini met de gebouwen van de beroemde biënnale van Venetië. Maar u vindt er ook poezen, duiven, joggers en natuurlijk... verliefde stelletjes. Aan de andere kant van het Rialto, onder de lus van het Canal Grande, ligt de drukke en veelkleurige wijk San Polo. De gotische kerk Dei Frari beschikt niet alleen over een imposante klokkentoren van rode baksteen, ze herbergt ook magistrale werken van Titiaan: De hemelvaart met haar rijke kleuren en de Madonna van Pesaro (een doge uit die tijd). In de sacristie prijkt een schitterende triptiek van Giovanni Bellini, Santa Maria Gloriosa. Voorbij de kerk van San Pantalone, over het bruggetje, moet u 's ochtends beslist de vismarkt van het Campo Santa Margherita bezoeken, een genot voor het oog én voor de neus! De chique wijk Dorsoduro, ten zuidoosten van San Polo, tussen het kanaal van Giudecca en het Canal Grande, is heel anders van sfeer maar even leuk voor een ontspannen wandeling. Hier wonen kunstenaars en personaliteiten. De straten en de kanalen zijn breder, zodat u de mooie gevels van de zorgvuldig gerestaureerde palazzi beter kunt bewonderen. Sommige delen zijn erg druk, andere blijven intimistisch. Maak hier zeker een omweg langs de kade, de Zattere, die van de zeeterminal tot de punt van de Salute loopt. Op het Campo Salute, aan de ingang van het Canal Grande, hebt u een schitterend uitzicht op het bekken van San Marco. De Venetianen bouwden de kerk van Santa Maria della Salute in 1630, uit dankbaarheid omdat ze gespaard waren gebleven van de grote pestepidemie. Vergeet ook geen bezoekje te brengen aan de sacristie waar Tintoretto's Bruiloft van Kana hangt. Tussen het station en de Fondamente Nuevo ten slotte ligt de prachtige wijk Cannaregio, een paradijs voor wandelaars, romantici en dichters. In het uiterste noorden en omgeven door rijke tuinen ontdekt u de kerk van Madonna dell'Orto, een van de mooiste maar eigenaardig genoeg minst bekende van de stad. Ze werd al in de veertiende eeuw gebouwd en pronkt terecht met meesterwerken van Van Dijk en Tintoretto. nGuy Van de Berg