De aders (venen) in onze benen kunnen onderverdeeld worden in twee grote groepen: de oppervlakkige aders in de onderhuidse vetlaag en de diepe aders tussen de spieren. De oppervlakkige en diepe aders zijn onderling verbonden door korte aders, een soort dwarsverbindingen.
...

De aders (venen) in onze benen kunnen onderverdeeld worden in twee grote groepen: de oppervlakkige aders in de onderhuidse vetlaag en de diepe aders tussen de spieren. De oppervlakkige en diepe aders zijn onderling verbonden door korte aders, een soort dwarsverbindingen. Wanneer we rechtop staan moet het bloed vanuit onze benen tegen de zwaartekracht in omhoog stromen om het hart te bereiken. Om dat mogelijk te maken worden de diepe aders bij iedere stap krachtig samengedrukt door de kuitspieren. Om te vermijden dat het bloed bij ontspanning van de spieren opnieuw omlaag stroomt, zijn de aders voorzien van eenrichtingskleppen. Zo'n klep bestaat uit twee helften, waarvan de randen precies tegen elkaar liggen. Je kunt ze vergelijken met klapdeuren. Het bloed duwt de kleppen uiteen, maar als het onder invloed van de zwaartekracht terug wil stromen, worden de kleppen dichtgedrukt. Ook in de oppervlakkige aders zitten dergelijke kleppen, maar deze aders worden niet samengedrukt door de spieren eromheen. Daarom stroomt het bloed in de oppervlakkige venen minder snel. Wat? Door een verzwakking van de wand van de oppervlakkige beenaders kunnen deze uitzetten en ontstaan spataders. Op de duur verliezen de aders hun elasticiteit waardoor ze langer en wijder worden. Om toch in dezelfde ruimte te passen, worden de langere aders kronkelig, wat duidelijk zichtbaar wordt onder de huid. Erger dan de verlenging is de verwijding waardoor de twee helften van de kleppen niet meer naar behoren sluiten. De kans op het krijgen van spataders wordt bepaald door erfelijke aanleg en hormonale veranderingen. Hoe uit het zich? Spataders zijn vaak pijnlijk en veroorzaken een vermoeid gevoel in de benen. Soms zorgen ze ook voor jeuk aan het onderbeen en de enkel. Het krabben, een spontane reflex, kan een rode huid en huiduitslag doen ontstaan. Op warme dagen is de hinder door spataders vaak nog groter omdat ze door de warmte uitzetten. Hoe behandelen? De symptomen van spataders kunnen worden verlicht door de benen omhoog te leggen, veel te bewegen (zwemmen, wandelen en fietsen zijn ideaal), koude beendouches te nemen en eventueel ondersteunende medicatie te gebruiken die de tonus van de aders verhoogt. Veel van deze producten bevatten plantaardige bestanddelen zoals hamamelis, wilde kastanje, rood wijnblad, blauwe bosbes enz. Met steunkousen kunnen de aders worden samengedrukt zodat ze niet verder worden opengerekt en niet pijnlijk zijn. Zonnebaden, sauna of Turks bad zijn vanzelfsprekend taboe. De spataders zelf kunnen behandeld worden ofwel met injectietherapie, ofwel met een heelkundige behandeling. Bij injectietherapie, ook scleroseren genoemd, wordt in de ader een stof ingespoten die de aderwand prikkelt zodat er een stolsel ontstaat. Dit stolsel sluit de ader af zodat er geen bloed meer doorheen kan. Na de injectie wordt een drukverband aangelegd. Injectietherapie neemt behoorlijk wat tijd in beslag, maar kan gebeuren onder plaatselijke verdoving. De nieuwste vorm van injectietherapie is de foam-sclerotherapie waarbij de ingespoten vloeistof een schuim vormt. Hierdoor moet minder product ingespoten worden om toch een beter contact te krijgen tussen het product en de vaatwand. Een andere mogelijkheid is een heelkundige ingreep (stripping). De chirurg maakt dan twee sneetjes in de belangrijkste oppervlakkige beenader (de vena saphena): één ter hoogte van de lies en één ter hoogte van de enkel om de ader aan beide uiteinden te openen. Vervolgens wordt de ader met behulp van een flexibele draad weggenomen. Om ook andere spataders te verwijderen worden elders op het been kleine incisies gemaakt. Een stripping gebeurt meestal onder algemene narcose. Helaas kan geen enkele behandeling het ontstaan van spataders voorkomen zodat er ook na een operatie steeds nieuwe kunnen ontstaan. Leen Baekelandt