Vooraf dit: oorspronkelijk was aspirine de merknaam van een pijnstiller van de firma Bayer. Die naam bestaat nog steeds, maar vandaag wordt hij algemeen gebruikt als soortnaam voor medicijnen waarvan het werkzame hoofdbestanddeel acetylsalicylzuur is (zie Dankzij Hippocrates, p. 60). Dat doen we ook in dit artikel.
...

Vooraf dit: oorspronkelijk was aspirine de merknaam van een pijnstiller van de firma Bayer. Die naam bestaat nog steeds, maar vandaag wordt hij algemeen gebruikt als soortnaam voor medicijnen waarvan het werkzame hoofdbestanddeel acetylsalicylzuur is (zie Dankzij Hippocrates, p. 60). Dat doen we ook in dit artikel. Het goede oude aspirientje hebben we lange tijd vooral gekend als pijnstiller en als koortsverlagend en ontstekingsremmend middel. In de voorbije decennia ontdekten we echter een nieuwe eigenschap: aspirine is ook een bloedplaatjesinhibitor. Het gaat de bloedplaatjes beletten samen te klonteren bij de beschadiging van een bloedvat. Daarom kan het een preventief middel zijn voor mensen met een risico op een hartinfarct of een trombose. Nog later verschenen er studies die aantoonden dat een aspirientje preventief kan werken om bepaalde vormen van darmkanker te voorkomen. Hoera! Een supervoordelig pilletje dat de kosten voor onszelf en voor onze ziekteverzekering ontziet en het aantal infarcten en tromboses (samen de belangrijkste doodsoorzaak in de Europese Unie) kan terugdringen: wat wil een mens nog meer? Niet te verwonderen dat duizenden Belgen elke dag een aspirine in een lage dosis nemen - soms op eigen initiatief, maar vaker op voorschrift van hun huisarts. Sinds 2008 zijn er, onafhankelijk van elkaar, studies verschenen die vraagtekens stellen bij de wonderen van het aspirientje. "Als pijnstiller en koortsverlager werd aspirine reeds jaren geleden vervangen door het veiligere paracetamol. Het wordt evenmin nog aangeraden om darmkanker te voorkomen. En als algemeen middel in primaire preventie tegen hart- en vaatziekten is het nu ook niet meer aan te bevelen, zelfs niet bij diabeteslijders", zegt Thierry Gillebert, professor Cardiologie aan de Universiteit Gent. "Bij primaire preventie gaat het om mensen die een risico op een hartinfarct of een trombose vertonen (hoge bloeddruk, een hoog cholesterolgehalte, genetische aanleg...), maar er nog geen hebben gehad. Voor hen wegen de voordelen van een dagelijks aspirientje niet op tegen de nadelen en bijwerkingen, weten we nu. In mei 2009 is in het gezaghebbende wetenschappelijke tijdschrift The Lancet een onderzoek verschenen waarin 95 000 mensen met een laag gemiddeld risico en 17 000 mensen met een hoog risico gevolgd werden. Ze namen elke dag een aspirine. In relatieve cijfers (rekening houdend met alle mogelijke risicofactoren) daalde het aantal hartinfarcten en tromboses bij deze groep met 12%. Daartegenover zagen de onderzoekers een toename van maag- en darmwandbloedingen en zelfs van hersenbloedingen. Tegenover twee vasculaire verwikkelingen die het aspirientje voorkwam, zorgde het voor meer dan één ernstige bloeding . Dat is belangrijk want als arts wil je voorkomen patiënten te schaden met een behandeling." We wisten al dat het systematische gebruik van aspirine kan leiden tot verwikkelingen zoals maag- en darmbloedingen, gastritis, maagzweren en zweren in de twaalfvingerige darm. Vandaag weten we bovendien dat die vaker voorkomen dan we dachten en dat de bloedingen ook kunnen gebeuren in de adertjes van de hersenen. Ook allergie voor aspirine bestaat. Allergische reacties blijven gelukkig zeldzaam, maar als ze gebeuren kunnen ze ernstig zijn en zware astma-aanvallen, angioneurotisch oedeem (dus van de zenuwen die de bloedvaten moeten besturen), huiduitslag en netelroos veroorzaken. Toch moeten we de aspirine niet helemaal bannen als preventief middel. Professor Gillebert: "Aspirine speelt zonder de minste twijfel een onmisbare rol voor mensen die al een cardiovasculair accident hebben gehad: een hartaanval, een trombose, claudicatio (in de volksmond: etalagebenen), de inplanting van een stent enz. In dat geval spreken we van secundaire preventie. Hier beginnen de voordelen van een aspirine op te wegen tegen de nadelen. Deze mensen lopen immers een sterk verhoogd risico op een tweede accident - vele malen hoger dan in primaire preventie. Levensreddend is het aspirientje wellicht niet, maar 1 aspirine per dag kan de kans op een tweede accident wel met 15 tot 20 % verminderen. Dat blijft onomstreden en is niet te verwaarlozen!" Natuurlijk bestaat ook bij secundaire preventie de kans op verwikkelingen bij langdurig aspirinegebruik, maar dat risico weegt niet op tegen de kans op een tweede accident. De gebruiker moet wel kiezen voor een aspirine met lage dosering (75-100 mg) die omhuld is met complexe suikers. Deze enteric coated-aspirines (type Asaflow of Cardioaspirine) geven hun werkzame stof pas vrij in de dunne darm en sparen de maag. Wat moeten we nu doen met deze nieuwe inzichten als we gewoon zijn elke dag een aspirientje te nemen als primaire preventie? Professor Gillebert: "Eerst en vooral: aspirine op eigen initiatief innemen om onze slechte levenshygiëne te compenseren, is en blijft uit den boze. We brengen onszelf twee keer schade toe. Ten tweede: praat erover met uw huisarts of cardioloog. Het komt er vooral op aan de bovenwaarde van onze bloeddruk onder 13 te krijgen en het totale cholesterolgehalte van ons bloed te laten dalen tot 175 (nog beter is 155). We kunnen dat bereiken met bloeddrukverlagende middelen en de nieuwe generatie cholesterolverlagers (statines). Eens we zo ver zijn, is ons risico op een hart- en vaataandoening zodanig verminderd dat aspirine echt overbodig wordt. Statines zijn breed beschikbaar geworden en voor risicopatiënten worden ze terugbetaald door het ziekenfonds. Het is aan de huisarts of de cardioloog om uit te maken of zijn patiënt behoort tot een beperkte groep met een sterk verhoogd risico, waarvoor hij overtuigd is dat aspirine als preventief middel verdedigd kan worden. n Ludo Hugaerts