Naarmate onze leeftijd vordert, worden onze botten zwakker. Dat is een realiteit waar niemand aan ontsnapt, noch vrouwen, noch mannen. Boven de 50 krijgt één vrouw op de drie en één man op de vijf te maken met osteoporose (botontkalking). Het is een ziekte van onze beenderen waarbij de botmassa vermindert en de beenderen poreus worden. Het gevolg daarvan is een duidelijke toename van de kans op botbreuken. Vooral de heupen, de polsen en de ruggenwervels zijn kwetsbaar.
...

Naarmate onze leeftijd vordert, worden onze botten zwakker. Dat is een realiteit waar niemand aan ontsnapt, noch vrouwen, noch mannen. Boven de 50 krijgt één vrouw op de drie en één man op de vijf te maken met osteoporose (botontkalking). Het is een ziekte van onze beenderen waarbij de botmassa vermindert en de beenderen poreus worden. Het gevolg daarvan is een duidelijke toename van de kans op botbreuken. Vooral de heupen, de polsen en de ruggenwervels zijn kwetsbaar. Ons bot is een levend weefsel dat zich voortdurend vernieuwt. Dit betekent dat onze beenderen continu worden afgebroken en opgebouwd. Deze botvernieuwing laat onder meer toe dat botbreuken genezen. Vooral tijdens onze kinderjaren en onze adolescentie neemt ons lichaam meer en beter calcium op en wordt er meer bot opgebouwd dan er wordt afgebroken. De maximale hoeveelheid botmassa (de piekbotmassa) wordt bereikt rond de leeftijd van 30 jaar. Daarna keert het proces om en wordt er stilaan meer bot afgebroken dan er wordt opgebouwd. De botmassa neemt af en als we niet opletten wordt ons skelet uiteindelijk zo broos dat het bij de minste schok kan breken. Zover mogen we het niet laten komen. En dat hoeft ook helemaal niet: botontkalking kan op doeltreffende wijze worden afgeremd, op voorwaarde dat de diagnose tijdig gesteld wordt. Dat weten de meeste deelnemers aan onze enquête wel. Toch omschrijft nog 12% osteoporose als een normaal verouderingsproces waartegen je niet veel kunt beginnen! Hoewel erfelijkheid zeker een belangrijke rol speelt bij het ontstaan van botontkalking, bestaat de meest doeltreffende manier om osteoporose te voorkomen erin tijdens de jeugd zo sterk mogelijke botten op te bouwen. Een toename van de piekbotmassa met 10% vermindert het risico op botbreuken op volwassen leeftijd met 50%. Een calciumrijke voeding is een eerste vereiste om sterke botten te vormen. Zuivelproducten vormen de voornaamste voedingsbron maar helaas drinkt de jeugd minder en minder melk en meer en meer frisdrank wat een negatieve invloed heeft op hun botopbouw. Bovendien volstaat calcium alleen niet. Om het calcium uit de voeding te kunnen opnemen en vastleggen in de beenderen is vitamine D noodzakelijk. Om daarover in voldoende mate te beschikken, moeten we dagelijks minstens een kwartiertje zonlicht zien opdat onze huid voldoende vitamine D kan aanmaken. Ook eiwitten spelen een essentiële rol bij de opbouw van botmassa. Kinderen die te weinig eiwitten eten tijdens de groei, zullen een veel minder stevig skelet ontwikkelen omdat het eiwittekort zowel de productie als de werking van een groeifactor in het gedrang brengt die een rol speelt bij de opname van calcium en fosfaat (ook belangrijk bij de botopbouw). Naast de voeding speelt lichaamsbeweging een belangrijke rol. Kinderen die regelmatig bewegen, hebben een beduidend hogere piekbotmassa. En dan zijn er natuurlijk ook de elementen die een negatieve invloed hebben op de opbouw van stevige botten: roken, te veel alcohol en te veel frisdranken met fosforzuur (E338, dit wijzigt het evenwicht tussen calcium en fosfor en belemmert de calciumopname). Een belangrijk probleem bij het verlies van botmassa is dat dit proces ongemerkt verloopt: 43% van de respondenten was zeer verbaasd toen de diagnose werd gesteld. Bij mannen gebeurt dit verlies gelijkmatig, bij vrouwen neemt het snel toe wanneer op het ogenblik van de menopauze, de beschermende invloed van de oestrogenen op de botten wegvalt. Dit besef blijkt bij 12,5% van de vrouwen nog niet doorgedrongen te zijn. Na de menopauze verliezen vrouwen de eerste tien jaar zo'n 0,3 tot 2% van hun botmassa per jaar! Tot voor enkele jaren werd dit in belangrijke mate opgevangen door het gebruik van hormonale substitutiebehandelingen. Sedert studies uitwezen dat deze behandelingen bij langdurig gebruik gepaard gaan met een lichte toename van het risico op borstkanker, mogen ze nog wel voorgeschreven worden ter behandeling van menopauzeklachten zoals warmteopwellingen, maar niet meer ter preventie van osteoporose (waarvoor langdurig gebruik noodzakelijk is). Met de spectaculaire toename van de levensverwachting gedurende de laatste decennia en de gewijzigde levensstijl, waarbij we veel minder bewegen, is osteoporose zeer sterk toegenomen. Het risico dat een vrouw in haar leven een heupfractuur oploopt, bedraagt tegenwoordig 1 op 6 (ter vergelijking: de kans dat borstkanker zal vastgesteld worden is 1 op 9!). Zo'n breuk vergt haast altijd een heelkundige ingreep. En als je weet dat gemiddeld 30% binnen het jaar sterft aan de verwikkelingen van deze heupfractuur en 1 op de 3 invalide wordt en haar zelfredzaamheid verliest, dan besef je pas hoe groot de impact van osteoporose is. 17% van de mensen die onze vragenlijst beantwoordden, zijn zich hiervan niet bewust. Hoewel het merendeel van de mensen die aan osteoporose lijden dit niet eens weet zolang ze geen breuk hebben opgelopen, kan de diagnose met een eenvoudig en pijnloos onderzoek gesteld worden. 76% van de respondenten heeft reeds zo'n onderzoek ondergaan. Bij 49% gebeurde dat in het kader van een algemeen gezondheidsbilan (een chek-up), maar in 34% van de gevallen ging het initiatief uit van de persoon zelf, niet van de arts. Een botdensitometrie (botdichtheidsmeting) gebeurt met een DXA-toestel, waarbij een geringe dosis röntgenstralen wordt gebruikt. Het onderzoek duurt in zijn geheel slechts een tiental minuten, gebeurt in rugligging, is volkomen pijnloos en u hoeft er zich zelfs niet voor uit te kleden. Het enige nadeel: het onderzoek wordt niet terugbetaald door de ziekteverzekering en kost, afhankelijk van de plaats waar u het laat uitvoeren, tussen de euro 25 en euro 50. Nochtans verdient het aanbeveling dat elke vrouw boven de 65 dit onderzoek minstens éénmaal zou laten uitvoeren. Bestaan er risicofactoren dan wordt het reeds op jongere leeftijd aanbevolen. Hetzelfde geldt overigens voor mannen boven de 70 of met risicofactoren. Bij een botdensitometrie wordt uw botdichtheid vergeleken met de gemiddelde botmassa van een gezonde vrouw of man op 35-jarige leeftijd (piekbotmassa). De afwijking wordt weergegeven in standaarddeviaties (SD). De preventie van osteoporose berust op elke leeftijd op dezelfde pijlers als in de jeugd: een voeding die rijk is aan calcium, voldoende blootstelling aan zonlicht en de nodige lichaamsbeweging. Ook dat blijkt bij onze lezers behoorlijk doorgedrongen te zijn. 69 % van de mensen die op de enquête geantwoord hebben en die nog geen osteoporose hebben, heeft preventieve maatregelen genomen: 59% vermeldt dat zij extra lichaamsbeweging neemt, 49% heeft zijn voedingsgewoonten aangepast en 27% neemt supplementen met calcium en/of vitamine D. Welke sport voor wie het meest geschikt is, hangt natuurlijk af van de fysieke conditie en het eventuele bestaan van eerdere botbreuken. Voor wie bijvoorbeeld reeds wervelinzakkingen heeft, is springen af te raden. Voor mensen met een zwak evenwichtsgevoel zijn andere sporten dan weer minder raadzaam omdat vallen ten allen prijzen moet voorkomen worden. Daarom is het belangrijk eens rond te kijken of u thuis niet enkele aanpassingen kunt doen die valpartijen helpen vermijden: losliggende tapijtjes naast het bed, elektriciteitsdraden waarover u kunt struikelen,... Voor wie met osteoporose kampt, is een behandeling absoluut noodzakelijk. Toch blijkt dat van de deelnemers aan onze enquête 8% van de mensen bij wie de diagnose van osteoporose gesteld is, nooit werd behandeld. 10,8% is met de behandeling gestopt en 9,2% beantwoordde deze vraag niet. Slechts 72% van de osteoporosepatiënten volgt momenteel een behandeling, niet 100% zoals je zou mogen verwachten. Deze behandeling heeft de laatste jaren een belangrijke evolutie doorgemaakt. n Omdat heel weinig mensen, en zeker osteoporosepatiënten de aanbevolen hoeveelheid calcium van 1300 mg/dag via de voeding halen, wordt in de meeste gevallen een calciumsupplement van 500 tot 1000 mg elementair calcium voorgeschreven. n Onderzoek heeft uitgewezen dat meer dan de helft van de oudere bevolking te kampen heeft met een gebrek aan vitamine D, waardoor het ook belangrijk is dit tekort via een supplement (800 IE/dag) aan te vullen. Er bestaan trouwens producten die beide supplementen combineren. De hoge kostprijs van deze supplementen kan een invloed hebben op de therapietrouw. n In de meeste gevallen wordt een bifos-fonaat (bijv. alendronaat, risedronaat, ibandronaat,...) voorgeschreven om de botafbraak af te remmen. Bepaalde geneesmiddelen uit deze klasse moeten eenmaal per dag ingenomen worden, andere eenmaal per week. En binnenkort komt er een op de markt dat nog slechts eenmaal per maand moet worden ingenomen. Hoewel wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat de kans op breuken met deze medicatie zeer sterk daalt, is de therapietrouw van de patiënten die deze behandeling krijgen bijzonder gering. Tot 60% van de patiënten die de vorm nemen die eenmaal per week moet ingenomen worden en haast 80% van de patiënten die dagelijks een bifosfonaat moeten innemen, stopt deze behandeling binnen het jaar. Nochtans is een duidelijke vermindering van het breukrisico pas merkbaar nadat het geneesmiddel meer dan een jaar wordt ingenomen. Een belangrijke verklaring hiervoor is natuurlijk dat het resultaat van deze behandeling niet meteen merkbaar is. Bovendien is de inname van bifosfonaten niet zo eenvoudig. Dat moet op de nuchtere maag, met veel water en nadien moet je een halfuur tot een uur nuchter blijven en rechtop blijven zitten. Dit om nevenwerkingen (bijv. prikkeling van de slokdarm) te voorkomen. Bifosfonaten zijn bovendien zeer duur en hoewel ze bij osteoporose na goedkeuring van de medische adviseur van het ziekenfonds grotendeels worden terugbetaald, kost een behandeling de patiënt toch nog ongeveer euro 100 per jaar. Ook mannen met osteoporose krijgen meestal een bifosfonaat voorgeschreven. Voor hen wordt evenwel enkel de dagelijkse vorm terugbetaald en niet de wekelijkse. Dit komt omdat de laboratoria die bifosfonaten in de handel brengen geen terugbetaling voor de wekelijkse vorm voor mannen hebben aangevraagd. n Een tweede geneesmiddel dat de botafbraak kan afremmen, is de selectieve oestrogeenreceptormodulator of SERM (raloxifen). Deze heeft op bepaalde weefsels (zoals het botweefsel) dezelfde invloed als oestrogenen en op andere (zoals het borstklierweefsel) net een... antioestrogene werking. Raloxifen wordt alleen gebruikt bij postmenopauzale vrouwen om het risico op wervelfracturen te verminderen. n Calcitonine kan toegediend worden via een neusspray of een inspuiting. De werking is minder uitgesproken dan bij de vorige geneesmiddelen, maar bij wervelfracturen heeft het wel een pijnstillende invloed. n Parathyroïdhormoon (teriparatide) is een geneesmiddel dat pas recent gebruikt wordt in de behandeling van osteoporose en dat de botaanmaak stimuleert. Het wordt voorgesteld bij postmenopauzale osteoporose wanneer de andere geneesmiddelen niet helpen. n Een laatste geneesmiddel dat kan gebruikt worden ter behandeling van postmenopauzale osteoporose is strontiumranelaat. Het remt de botabsorptie af en stimuleert tegelijkertijd de botvorming. Over een periode van vijf jaar geeft het een duidelijke vermindering van het aantal osteoporotische breuken. Het wordt momenteel nog niet terugbetaald. n Leen Baekelandt