1. LUIK BOVEN DE DOOPVONT

De vrolijk gekleurde gevels van de Sint-Bartholomeuskerk in hartje Luik mogen dan al een tikketje ongewoon ogen, nog ongewoner is wat in de kerk verborgen ligt. De doopvont van deze romaanse kapittelkerk met Duitse allures wordt - net als het Lam Gods in Gent - beschouwd als een van 's lands zeven wonderen. Het grote, fijnbewerkte bekken is zonder meer een meesterwerk van romaanse kunst. Zo perfect en uniek, dat men zich lang heeft afgevraagd hoe en of ze wel in onze contreien kon worden gemaakt in de 12de eeuw, zoals historische bronnen vermelden Het raadsel werd nog groter toen de doopvont werd onderzocht met hedendaagse technieken. Een deel van het gebruikte metaal blijkt afkomstig van rond de Middellandse Zee. Ook hebben de smelters van toen methodes gebruikt die verder stonden dan die welke in die tijd bij ons gebruikelijk waren. De controverse onder specialisten is vandaag nog niet geluwd. Wellicht is het bekken van de doopvont ouder en afkomstig uit het Byzantijnse rijk. Is het bij een of andere plundertocht naar Luik gebracht? Misschien. Anderen beweren dan weer dat het gestolen werd uit de Sint-Jan van Lateranenkerk in Rome.
...

De vrolijk gekleurde gevels van de Sint-Bartholomeuskerk in hartje Luik mogen dan al een tikketje ongewoon ogen, nog ongewoner is wat in de kerk verborgen ligt. De doopvont van deze romaanse kapittelkerk met Duitse allures wordt - net als het Lam Gods in Gent - beschouwd als een van 's lands zeven wonderen. Het grote, fijnbewerkte bekken is zonder meer een meesterwerk van romaanse kunst. Zo perfect en uniek, dat men zich lang heeft afgevraagd hoe en of ze wel in onze contreien kon worden gemaakt in de 12de eeuw, zoals historische bronnen vermelden Het raadsel werd nog groter toen de doopvont werd onderzocht met hedendaagse technieken. Een deel van het gebruikte metaal blijkt afkomstig van rond de Middellandse Zee. Ook hebben de smelters van toen methodes gebruikt die verder stonden dan die welke in die tijd bij ons gebruikelijk waren. De controverse onder specialisten is vandaag nog niet geluwd. Wellicht is het bekken van de doopvont ouder en afkomstig uit het Byzantijnse rijk. Is het bij een of andere plundertocht naar Luik gebracht? Misschien. Anderen beweren dan weer dat het gestolen werd uit de Sint-Jan van Lateranenkerk in Rome.Sint-Bartholomeuskerk (Collégiale Saint-Barthélémy), Place Saint-Barthélémy, 4000 Luik, www.visitezliege.be/nl Vreemd. Vrijwel alle historische steden in Vlaanderen worden doorkruist door waterwegen, die hen extra aantrekkelijk maken. Antwerpen lijkt in dat lijstje de grote uitzondering. Ondanks de directe nabijheid van de Schelde en de haven, oogt de historische binnenstad vandaag kurkdroog. Toch volstaat een blik op een oude kaart om te zien dat Antwerpen ooit een soort van Venetië was, met kanalen die in verbinding stonden met de stroom, met een binnenhaven, kades en grachten. Waar is al dat watererfgoed naartoe? Het leidt simpelweg een ondergronds bestaan. Tussen de 16de en de 19de eeuw werd het overwelfd. En met reden: de kleinste beek diende toen als open riool. Deze waterwegen heetten toen ruien. Om ze te herontdekken, moet je vandaag onder de binnenstad afdalen. Daar ligt een netwerk van acht kilometer vlieten en kanalen verborgen, compleet met aloude gewelven, bruggen en sluizen. Een deel van de ruien is intussen gesaneerd en kan worden bezocht. Een avontuurlijke manier om de rijke geschiedenis van de Signorenstad te beleven.De Ruien, Ruihuis, Suikerrui 21, 2000 Antwerpen,www.deruien.be Meer dan bewogen, zo mag je de geschiedenis van het kasteel van Chimay wel noemen. Sinds het jaar 1000 werd het 18 keer belegerd en zeven keer in brand gestoken. In de 19de eeuw neemt Theresa Tallien hier haar intrek. Sinds haar huwelijk draagt ze de titel van Prinses van Chimay. Haar jeugd was al even bewogen als de geschiedenis van het kasteel. Ze neemt vurig deel aan de Franse revolutie, wordt ter dood veroordeeld door Robespierre, wijst een huwelijksaanzoek van de jonge officier Napoleon Bonaparte af en trouwt uiteindelijk met een koningsgezinde man. Als bevlogen kunstliefhebster laat ze op de binnenplaats van het kasteel een klein rond theater bouwen. In 1863 wordt dit bouwwerk vervangen door een tweede theater, dat in de rots wordt uitgehouwen, als een kopie van het theater van het kasteel van Fontainebleau. Sindsdien zijn alle prinsen en prinsessen van Chimay muziekmecenassen gebleven. Geregeld nodigen ze musici uit de hele wereld uit voor een optreden in dit intieme theater, dat amper 200 zitplaatsen telt. In 1974 profiteert de Russische pianist Valery Afanassiev van zo'n optreden om aan zijn KGB-bewakers te ontsnappen. Via de coulissen en de kelders van het kasteel loopt hij over naar het Westen. Heel even zit Chimay midden in de Koude Oorlog.Kasteel van Chimay Rue du Château 14, 6460 Chimay, www.chateaudechimay.be/nl Voor de Franse Revolutie koesterde Ronse een heuse stad in de stad. De Vrijheid was een kerkelijke enclave in de binnenstad. Het domein werd afgebakend door muren en grachten en had zijn eigen rechtspraak en bestuur. De kannuniken waakten jaloers over de relieken van de heilige Hermes, want daarvan was bekend dat ze iemands lichaam van de duivel konden bevrijden. Elk jaar stroomden duizenden pelgrims toe in de hoop dat ze, door de relieken aan te raken, zouden genezen van een zenuwziekte of een mentale stoornis. Die toeloop vereiste in de 11de eeuw de bouw van een crypte, die in de daaropvolgende eeuwen gestaag werd uitgebreid en aangepast. Vandaag is de Sint-Hermescrypte, met haar 32 zuilen en een mix van romaanse en gotische bouwstijl, een van de mooiste van België en de grootste van West-Europa. Sommige voorzieningen in dit majestueuze bouwwerk doen ons ook vandaag nog huiveren, want voor hun genezing werden de zieken ondergedompeld in baden met ijskoud water en daarna vastgebonden aan haken. Daar moesten ze een nacht blijven liggen, met zicht op de relieken van de heilige. Sint-Hermescrypte, Sint-Hermesstraat (naast de Sint-Hermesbasiliek), 9600 Ronse, www.ontdekronse.be Dat Nederland in de 17de en 18de eeuw tot een grote mogendheid uitgroeide, had het land vooral te danken aan de Vereenigde Oost-Indische Compagnie. Deze particuliere onderneming had een monopolie op de handel in rijkdommen uit Azië. Minder bekend is dat de zuidelijke Nederlanden, die ongeveer overeenkwamen met het huidige België, ooit met een concurrerende onderneming zijn gestart. De Generale Keizerlijke Indische Compagnie, beter bekend als de Oostendse Compagnie, werd in 1722 in de badstad opgericht. Een voor de hand liggende keuze, want Nederland ontzegde in die tijd elk schip de doorgang via de Westerschelde naar Antwerpen. En de Compagnie had een haven nodig met rechtstreekse toegang tot de zee. Heel vlug al bracht de Oostendse Compagnie rijkelijk veel winst op. Ze slaagde er zelfs in versterkte factorijen uit te bouwen in India en Bangladesh. De Engelsen en de Hollanders waren uiteraard niet opgezet met dit succes. De komst van de nieuwe speler leidde immers tot een stevige prijsdaling op de Europese markt. De keizer van Oostenrijk, die toen over onze streken heerste, werd door andere landen zo zwaar onder druk gezet dat hij in 1731 uiteindelijk de opheffing van de Oostendse Compagnie beval. Was de onderneming blijven bestaan, dan had ze ongetwijfeld het lot en het aanzien van Oostende sterk veranderd. In Azië zijn nog resten te vinden van de factorijen, maar in Oostende zelf zijn helaas nog heel weinig sporen van de Compagnie te bespeuren. Daar moet je het stellen met enkele vermeldingen in het stadsmuseum.Oostends Stadsmuseum Langestraat 69, 8400 Oostende, www.visitoostende.be