Inhoud:

Recent ontrafeld
Zoet, zuur, zout en bitter
Een onderschat probleem
Tijdelijke verstoring
De invloed van geneesmiddelen
Een sociale handicap
Soms is het gevaarlijk

Onze neus heeft tal van functies, zoals het verwarmen, bevochtigen en zuiveren van de ingeademde lucht. Hij speelt ook een belangrijke rol bij de stemvorming. Maar wat ons hier interesseert, is een minuscuul stukje van het dak van onze neus en het neustussenschot dat bekleed is met reukepitheel waarin zich de reukcellen bevinden. Dit reukepitheel is in beide neusgaten nauwelijks een halve vierkante centimeter groot maar vervult een cruciale rol.

Wanneer een geur onze neus binnendringt worden vluchtige chemische stoffen in het neusslijmvlies opgelost. De geurreceptoren worden geprikkeld en deze zenuwprikkels gaan door kleine gaatjes in het zeefbeen boven de neus omhoog naar een plat eivormig orgaantje (de bulbus olfactorius) onderaan de hersenen. Vandaar worden de prikkels doorgestuurd naar de hogere hersengebieden. Meestal ontvangt het brein een hele reeks prikkeltjes, afkomstig van verschillende geurreceptoren. De hersenen berekenen daaruit met welke geur we te maken hebben en kijken in ons geheugen of we deze bepaalde geur herkennen.

Recent ontrafeld

Wie ademt, ruikt. Dat is zo oud als de mensheid. Toch is het precieze mechanisme dat hierachter schuilgaat pas vrij recent ontrafeld. Het duurde tot 1991 vooraleer de Amerikaanse onderzoekers Linda Buck en Richard Axel ophelderden hoe onze reukzin exact werkt.

Zij stelden vast dat de mens het zoogdier is met het slechtst functionerende reukorgaan. Van de ongeveer duizend genen die betrokken zijn bij de reukzin, werkt bij de mens nog maar 60 procent. En toch zijn we in staat niet minder dan 10 000 afzonderlijke geuren te onderscheiden. In 2004 werden Axel en Buck voor hun onderzoek bekroond met de Nobelprijs voor Geneeskunde.

Terug naar begin

Zoet, zuur, zout en bitter

Als consumenten stellen we hoge eisen aan de kwaliteit van voedingsmiddelen. Het product moet er niet alleen goed uitzien, maar ook aantrekkelijk ruiken en smaken. Al deze zintuiglijke waarnemingen vullen elkaar aan. Daarom is het zo belangrijk dat al onze zintuigen goed functioneren. En al vertrouwen we het meest op ons gezicht en gehoor, toch reageren we doorgaans sterker op geuren dan we beseffen. De smaakpapillen van de tong herkennen de smaak, de geurreceptoren in de neus herkennen de geuren. Beide prikkels worden naar de hersenen doorgestuurd, die de informatie combineren. Zoet, zuur, zout en bitter kunnen zonder geurbeleving worden herkend. Voor een meer complexe smaakbeleving is een goed werkend reukorgaan echter absoluut noodzakelijk.

Vanaf de leeftijd van zestig jaar neemt onze reukzin langzaam af, net zoals het gezichtvermogen en het gehoor. Naast de leeftijd heeft ook tabaksgebruik een negatieve invloed en mannen ruiken over het algemeen minder goed dan vrouwen.

Terug naar begin

Een onderschat probleem

Een verstoring van de reukzin (dysosmie) waardoor normale geuren als vies worden ervaren, kan het gevolg zijn van een infectie van de neusbijholten (sinusitis), een gedeeltelijke beschadiging van de reuk- zenuw of een slechte mondhygiëne. Een tijdelijk of blijvend, geheel (anosmie) of gedeeltelijk (hyposmie) verlies van de reukzin kan diverse oorzaken hebben. Naar schatting 62 000 tot 70 000 Belgen hebben met dit probleem te kampen. Door de nauwe samenhang tussen smaak en reuk, valt een verminderd reukvermogen vaak pas op als het voedsel zijn smaak lijkt te verliezen.

Terug naar begin

Tijdelijke verstoring

Het reukvermogen kan worden aangetast door veranderingen in de neus, de zenuwen die van de neus naar de hersenen lopen of in de hersenen zelf. Als de doorgang van de neus beperkt is, bijvoorbeeld bij een verkoudheid of poliepen, kan de reukzin verminderen omdat de geuren de geurreceptoren niet meer bereiken. Zodra de oorzaak weggenomen wordt, keert de reukzin in dit geval weer. De cellen van het reukorgaan kunnen ook tijdelijk beschadigd worden door het griepvirus. Sommige mensen kunnen na een griepaanval verscheidene dagen of zelfs weken niet goed ruiken. Zinksupplementen zouden hier het herstel kunnen bespoedigen, maar dat moet nog wetenschappelijk bewezen en onderbouwd worden.

Terug naar begin

De invloed van geneesmiddelen

Bepaalde geneesmiddelen kunnen de reukzin eveneens negatief beïnvloeden. In dit verband worden bepaalde antibiotica, geneesmiddelen die de bloeddruk doen dalen, geneesmiddelen ter behandeling van een te hoog cholesterolgehalte en sommige schimmelwerende middelen genoemd. Indien u enige tijd na het starten van zulke behandeling een verminderd reukvermogen ervaart, breng dit dan ter sprake bij uw arts. Eventueel kan hij de behandeling aanpassen.

Terug naar begin

Een sociale handicap

In een enkel geval kan het reukverlies maanden duren of zelfs blijvend worden. De cellen die geuren waarnemen, kunnen beschadigd raken of verloren gaan door ernstige infecties van de neusbijholten (sinusitis) of door bestraling bij kanker. De meest voorkomende oorzaak van een blijvend verlies van de reukzin is echter een hoofdletsel, zoals het zich vaak voordoet bij een verkeersongeval. De zenuwvezels die vertrekken vanuit de geurreceptoren worden dan doorgesneden of beschadigd ter hoogte van het zeefbeen, het botstuk aan de schedelbasis dat de hersenen van de neusholte scheidt.

Sinds ontdekt werd dat reukstoornissen een van de eerste symptomen kunnen zijn bij de ziekte van Parkinson en alzheimerdementie, is de wetenschappelijke belangstelling voor dit probleem en zijn mogelijke gevolgen aanzienlijk gegroeid. Niet kunnen ruiken kan bovendien een belangrijke weerslag hebben op het sociale leven. Uit eten gaan of koken voor vrienden is niet meer leuk als je zelf nauwelijks proeft wat je eet. Om nog maar te zwijgen van de onzekerheid waarmee mensen met anosmie te kampen hebben omdat ze nooit zeker weten of hun lichaam en hun kleding wel fris ruiken.

Terug naar begin

Soms is het gevaarlijk

Soms is het verlies van het reukvermogen niet zonder gevaar. Je ruikt bijvoorbeeld niet of voedsel bedorven is, of er ergens een brandlucht of een gasgeur hangt, of er gevaarlijke chemische stoffen in de lucht zijn. Onderzoek heeft uitgewezen dat ruim 35% van de mensen met een verminderd reukvermogen in hun leven minstens één ongeluk(je) hebben meegemaakt (het eten van bedorven voedsel, een gaslek,...) dat had kunnen vermeden worden als ze geen reukstoornis hadden gehad. Volgens de onderzoekers moeten mensen met een reukstoornis daarom extra maatregelen nemen om zich te beschermen tegen dit soort ongelukken: voldoende rookmelders plaatsen, de gasinstallatie regelmatig laten nakijken, verstandig omgaan met voedsel en het bij de minste twijfel omtrent de versheid liever weggooien dan opeten...

Terug naar begin