Inhoud:

Tegen de stress
Tegen stof, CO2, allergenen,...
Tegen het sick building syndroom
Planten passen zich aan
Tot 90 % zuivering
Als geluidsisolatie

In het verleden werden planten vooral in woningen en kantoren geplaatst omwille van de sfeer. Maar nu is er ook een gezondheidsreden: ze kunnen een bijdrage leveren tot een gezond milieu en het algemene welbevinden van bewoners en werknemers aanzienlijk verhogen.

Tegen de stress

Uit tal van onderzoeken blijkt dat de aanwezigheid van planten de stress vermindert. Dit geldt zowel voor kamerplanten als voor aanplantingen, bomen en struiken buitenshuis. Belevingsonderzoek van het Nederlands Instituut voor Arbeidsomstandigheden toont dat het merendeel van de ondervraagden vindt dat planten zorgen voor een prettige werkplek. Een studie in Texas voegt hieraan toe dat ook objectieve metingen van spierspanning en hartslag aantonen dat groen de stress vermindert.

Vanzelfsprekend moet bij het aanplanten van groen rekening worden gehouden met het feit dat niet alle groen voor iedereen even heilzaam is. Zo zijn hooikoortspatiënten niet gediend met pollendragende bomen (berk, els,...) of bloeiende grassen. En hebt u een tuin waar ook kinderen in spelen, dan vermijdt u planten die giftig zijn (oleander, gevlekte aronskelk,...) of die blaren kunnen veroorzaken (zoals de reuzenberenklauw).

Terug naar begin

Tegen stof, CO2, allergenen,...

Wat doet een plant precies waardoor de kwaliteit van de lucht verbetert?

Tijdens de fotosynthese nemen planten koolstofdioxide op en staan zij zuurstof af. Daardoor daalt de concentratie van koolstofdioxide (de CO2 die wij uitademen) in een gesloten ruimte. In normale omstandigheden (een beperkt aantal mensen in een behoorlijk geventileerde ruimte) zal dit effect te gering zijn om een invloed te kunnen vaststellen. Maar gaat het bijvoorbeeld om een zeer goed geïsoleerd klaslokaal vol leerlingen, dan mag wel heil verwacht worden van planten.

Door de verwarming en de droge buitenlucht is de relatieve luchtvochtigheid in de winter vaak laag. Planten die veel water gebruiken zoals de kamerlinde of de bananenplant kunnen deze luchtvochtigheid verhogen door overvloedige waterverdamping. Dat is in de eerste plaats bevorderlijk voor de werking van de slijmvliezen van onze luchtwegen die ons moeten beschermen tegen aanvallen van virussen, bacteriën, stof en allergenen. Maar een hogere luchtvochtigheid zorgt ook voor een vermindering van de statische elektriciteit.

Afhankelijk van de bladgrootte en de aard van de bladeren (glad of harig) kunnen planten de hoeveelheid stof verminderen. Dit bleek uit grootschalig onderzoek in Zweden. Op horizontale oppervlakken in de binnenruimtes bleken zich veel minder stofdeeltjes af te zetten en in een pas opgeleverd flatgebouw stelde men een verhoging van de relatieve luchtvochtigheid vast.

Terug naar begin

Tegen het sick building syndroom

NASA-onderzoekers gingen reeds in de jaren zeventig op zoek naar middelen om de luchtvervuiling in de ruimtecapsules te bestrijden. In 1980 ontdekte John Stennis dat planten in een afgesloten testruimte vluchtige organische stoffen zoals formaldehyde, trichloorethyleen en benzeen uit de lucht kunnen halen. Vooral in nieuwe of recent gerenoveerde gebouwen kunnen zeer hoge concentraties van deze stoffen aanwezig zijn. Ze zijn verantwoordelijk voor wat algemeen omschreven wordt als het sick building syndroom met als belangrijkste symptomen: een droge keel, hoofdpijn, droge huid, geïrriteerde ogen en neus, vermoeidheid, concentratiestoornissen en allergieklachten.

Ook de buitenlucht bevat deze vluchtige organische stoffen, afkomstig van industrie en verkeer. Maar de binnenlucht die van deze buitenlucht wordt afgeleid, krijgt nog een flinke extra dosis door het gebruik van spaanplaten en kunststoffen, lijmen en harsen, vloerbekleding en kantoorapparatuur (computers, printers, scanners, kopieerapparaten,...).

Door de steeds betere isolatie en bij onvoldoende ventilatie blijven de vervuilende stoffen bovendien in huis hangen. Het plaatsen van planten is dus een absolute aanrader.

Terug naar begin

Planten passen zich aan

Maar gaan die planten zelf niet kapot aan deze zuiveringsklus? Neen, zo blijkt. De poriën in de onderkant van de bladeren nemen de afvalstoffen op en voeren ze via de stengel en de wortels naar de potaarde rondom de wortel. In en rond de wortels leven micro-organismen die de afvalstoffen afbreken tot onschadelijke verbindingen die als voedsel dienen zowel voor de plant als voor de micro-organismen. Heel dit systeem blijkt na verloop van tijd zelfs steeds beter te worden in het opnemen van schadelijke stoffen uit de lucht. Plant en micro-organismen blijken zich immers aan te passen aan de omstandigheden. Welke chemische stoffen uit de lucht verwijderd worden en in welke mate, verschilt van plant tot plant.

Terug naar begin

Tot 90 % zuivering

Dr. Wolverton en zijn collega's testten voor de NASA een aantal kamerplanten om na te gaan in welke mate zij bepaalde verontreinigende stoffen uit de lucht zuiverden: benzeen (o.a. afkomstig van schoonmaakmiddelen en tabaksrook), formaldehyde (uit isolatiemateriaal, plafondtegels, spaanplaat, vloerbedekkingslijm en tabaksrook) en trichloorethyleen (van o.a. spuitlijm). Het onderzoek werd uitgevoerd gedurende 24 uur in een hermetisch afgesloten ruimte met daarin de verontreinigende stoffen in concentraties vergelijkbaar met die van de omgevingslucht, en bij permanente verlichting.

PlantLuchtzuivering
Aglaonema 'Silver Quzeen' 48 % van het benzeen
Aloe vera 90 % van het formaldehyde
Chlorophytum 86 % van het formaldehyde
Chrysantheum morifolium (Chrysant)

53 % van het benzeen

61 % van het formaldehyde

41 % van het trichloorethyleen

Dracaena marginata 97 % van het benzeen

60 % van het formaldehyde

13 % van het trichloorethyleen

Ficus (rubberplant) 30 % van het benzeen

47 % van het formaldehyde

Gerbera jamesonii 68 % van het benzeen

50 % van het formaldehyde

35 % van het trichloorethyleen

Hedera helix (klimop)90 % van het benzeen

11 % van het trichloorethyleen

Philondendron (gatenplant, vingerplant)86 % van het formaldehyde
Scindapsus aureaus73 % van het benzeen
Sanseveria (vrouwentongen)53 % van het benzeen

13 % van het trichloorethyleen

Scheffiera (parapubloom)41 % van het formaldehyde
Spathiphyllium (lepelplant)80 % van het benzeen

50 % van het formaldehyde

50 % van het trichloorethyleen

Om te weten of deze bevindingen in afgesloten testruimtes ook gelden in de dagelijkse realiteit, bouwde de NASA in 1989 een goed geïsoleerde woonruimte, Biohome. Wat bleek? De eerste bewoners kregen af te rekenen met diverse symptomen van het sick building syndroom. Enkele dagen nadat er planten werden geplaatst bleek de hoeveelheid vluchtige stoffen echter aanzienlijk verminderd en de symptomen verdwenen!

Terug naar begin

Als geluidsisolatie

Planten dempen het geluid. Dit is het duidelijkst voor de hoge frequenties in akoestisch harde ruimtes zoals een marmeren hal. Daarom worden in kantoorruimtes soms plantenbakken als geluidsschermen gebruikt. Het plaatsen van verschillende plantenbakken over de ruimte verspreid heeft meer effect dan een geconcentreerde opstelling op één plaats.

Vanzelfsprekend zullen planten pas optimaal functioneren als de condities gunstig zijn. Dat betekent dat ze ruimte moeten hebben, aangepast licht en voldoende water en voedingsstoffen. Tocht moet vermeden worden.

Terug naar begin