Uit vroegere onderzoeken bleek al dat ouderen de neiging vertonen negatieve gezondheidsinformatie te vermijden. Daardoor slaan ze belangrijke aanbevelingen voor hun gezondheid in de wind, bijvoorbeeld over voeding of beweging.

Nu heeft een team van de North Carolina State University (VS) vastgesteld dat ouderen sneller aandacht aan negatieve gezondheidsinformatie zullen schenken als ze een positieve houding ten opzichte van hun gezondheid hebben.

Checklist

Ze deden een experiment bij tweehonderd ouderen van 65 tot 80 jaar. Een kwart van de deelnemers kreeg beelden te zien die hen in een negatieve stemming brachten. Een ander kwart zag beelden die hen positief gestemd maakten. Een derde kwart moest een checklist invullen die hen slecht moest doen voelen over de gezondheid van hun levensstijl. De laatste groep kreeg ook een checklist maar die moest hen een goed gevoel over hun manier van leven geven.

Vervolgens kregen alle deelnemers de koppen te zien van zes krantenartikelen over gezondheid. Drie krantenkoppen waren negatief, maar boden informatie die relevant was voor de gezondheid van de deelnemers. De andere drie koppen waren positief maar leken minder nuttige informatie te bevatten. Deelnemers kreeg de vraag drie van de zes artikelen te kiezen om te lezen.

Deelnemers van de laatste groep, die met positieve checklist, bleken ruim 50 procent vaker artikelen met een negatieve kop te lezen dan deelnemers van de groep met de negatieve checklist: bij de positieve groep koos gemiddeld 60 procent voor de negatieve artikelen, tegenover 37 procent bij de negatieve groep.

Praktische waarde

Bij de eerste twee groepen, die vooraf beelden te zien kregen, was er geen verschil.

Een tweede test, met alleen maar checklists, bevestigde de resultaten van de eerste. Daar werden de koppen ingedeeld in vier categorieën: positief en informatief; negatief en informatief; positief en niet informatief; en negatief en niet informatief.

In de groep met de positieve checklist koos 60 procent voor artikelen met negatieve koppen, maar alleen als de kop ook informatief was. Bij de groep met de negatieve checklist was dat maar 40 procent.

"Deze bevindingen hebben praktische waarde voor hoe we negatieve informatie delen met ouderen over hun gezondheid", zegt coauteur Tom Hess, hoogleraar psychologie. "Het kan bijvoorbeeld nuttig zijn voor een zorgverlener om te zeggen 'Hier is wat er goed uitziet' voordat hij met een patiënt praat over aanbevelingen voor dieet of lichaamsbeweging."