Geen ingreep meer nodig

Het toestelletje is klein genoeg om het met een katheter (een buisje) in de lies via de bloedbaan naar het hart te loodsen. Wanneer de cardioloog de juiste plek in de hartkamer heeft bereikt, hecht de minipacemaker z...

Het toestelletje is klein genoeg om het met een katheter (een buisje) in de lies via de bloedbaan naar het hart te loodsen. Wanneer de cardioloog de juiste plek in de hartkamer heeft bereikt, hecht de minipacemaker zich vast met kleine metalen haakjes. Daar geeft hij pulsen om het hart ritmisch te doen kloppen. Het plaatsen zelf duurt ongeveer 20 minuten en nadien ben je snel weer op de been.Het grote verschil met een klassieke pacemaker is de omvang. Die bedraagt slechts een fractie van het traditionele model, dat onderhuids onder het sleutelbeen wordt ingeplant, waar het vaak nog zichtbaar blijft, als een soort bobbel.Bovendien is de minipacemaker uitgerust met zowel een batterij als een stimulator. Er zijn dus geen geleidingsdraden meer nodig.De minipacemaker kan niet worden vervangen, maar hij gaat wel tien tot twaalf jaar mee.De minivariant is niet voor alle hartpatiënten geschikt: enkel wie bijsturing nodig heeft van één hartkamer heeft er baat bij.Voorlopig wordt de minipacemaker ook niet terugbetaald, waardoor de toepassing in ons land nog erg beperkt is.