De aandoening komt voor bij 4 tot 8 procent van de Belgische bevolking en treft vooral ouderen. Toch komt het - in tegenstelling tot wat veel mensen wellicht vermoeden - ook bij jongere mensen voor, vooral bij vrouwen.

"Verzwakte bekkenbodemspieren of een gescheurde sluitspier na een zware bevalling kunnen bijvoorbeeld de oorzaak zijn van het probleem", legt Dokter Dirk Van de Putte van de afdeling gastro-intestinale heelkunde in het UZ Gent uit. "Maar ook andere letsels zoals een verzakking van de endeldarm of een beschadigd ruggenmerg ten gevolge van een operatie, chronische anale ziekte of een ongeval kunnen tot de aandoening leiden."

Lijden in stilte

Veel patiënten zijn vaak te beschaamd om erover te praten met hun omgeving en om medische hulp te zoeken. Niet zelden komen ze hierdoor in een sociaal isolement terecht. Hierdoor durven ze niet meer op vakantie te gaan en in sommige gevallen wordt ook werken moeilijk, waardoor ze hun job dreigen te verliezen. Ze lijden in stilte, durven amper nog buitenkomen en kampen met depressieve gevoelens.

"Ik heb het zeven jaar verborgen gehouden", getuigt de 54-jarige Martine Maertens."Ik werd incontinent ten gevolge van een chronische spierziekte. Ik had tot vijf luiers per dag nodig en 's nachts vaak ook twee. Al die tijd bleef ik binnen uit schrik voor 'ongelukjes'. Als ik dan toch eens naar buiten kwam, was dat nooit zonder een rugzak volgepropt met luiers en reservekledij. Niemand wist wat erin zat, behalve ik. Zelfs voor mijn dochter heb ik het lange tijd geheimgehouden."

Taboe doorbreken

Dokter Dirk Van de Putte roept op om het taboe te doorbreken. Volgens hem betreft het een enorm onderschat probleem en dat moet veranderen:

"Patiënten, zorgverleners en specialisten moeten beter geïnformeerd worden over fecale incontinentie zodat deze aandoening eindelijk bespreekbaar wordt en vooral ook beter behandeld wordt. Vandaag lijden te veel patiënten in stilte. Met de juiste behandeling herwinnen patiënten niet alleen de controle over hun darmen, maar ook over hun dagelijkse leven."

Een van de behandelingen is de plaatsing van een neurostimulator. Dankzij de stimulator worden bepaalde zenuwen elektrisch geprikkeld en dat heeft bij een groot aantal patiënten een gunstig effect. Ook bij Martine: "Van de ene dag op de andere had ik terug controle over mijn leven. Ik kan terug naar de markt, naar het theater, afspreken met vriendinnen,... iets wat ik vroeger allemaal niet kon. Ik heb behoorlijk wat in te halen."

Centrum voor neuromodulatie

Om patiënten beter te kunnen helpen opende recent zelfs een centrum voor neuromodulatie in het UZ Gent, aangestuurd door prof. dr. Karel Everaert, kliniekhoofd Urologie: "Dit initiatief heeft tot doel deze zwaar onderschatte problematiek bespreekbaar te maken, op een volwaardige manier aan te pakken en de zorgkwaliteit voor de patiënt te uniformiseren en te verbeteren", zegt professor Everaert. "Dit geldt zowel voor fecale, als urinaire incontinentie, want vaak komen de problemen ook samen voor. Door een multidisciplinaire aanpak van gynaecologen, urologen en colorectale chirurgen, zal het centrum voor neuromodulatie een meerwaarde betekenen voor de patiënt."