Ozon is een sterk reactieve, onstabiele verbinding van drie zuurstofatomen. Het gas heeft een typische geur die je soms kan ruiken in slecht geventileerde plaatsen met veel (oude) kopieermachines of na een onweer met veel bliksems. De chemische formule is O3.

Ozon in de ozonlaag (in de stratosfeer, op een hoogte van 15 tot 45 km) beschermt het aardoppervlak tegen de schadelijke UV-stralen van de zon.

Ozon in de onderste luchtlagen (de troposfeer, op leefniveau), ontstaat op warme dagen door de inwerking van zonlicht (UV, Ultra Violet licht) op lucht die verontreinigd is met stikstofoxiden en vluchtige organische stoffen.

Wanneer is er teveel ozon?

Er moeten een aantal voorwaarden vervuld zijn vooraleer er in onderste luchtlagen (op leefniveau) teveel ozon voorkomt :

  • het moet zonnig zijn (veel UV licht). Wolken houden de UV-straling van de zon (in grote mate) tegen.
  • het moet voldoende warm zijn (>25 °C).
  • wind komende uit continentale windrichtingen (O, ZO, Z) met lage windsnelheden.
  • er moeten genoeg stikstofoxiden (NOx) en vluchtige organische stoffen (VOS) in de lucht aanwezig zijn en dit in de juiste verhoudingen.

Teveel ozon ("ozonsmog") komt op leefniveau in ons land dus enkel voor in de maanden mei, juni, juli en augustus of uitzonderlijk ook einde april of begin september.

Welke invloed heeft teveel ozon op onze gezondheid?

Door zijn sterk oxiderend vermogen kan ozon een aantal gezondheidseffecten veroorzaken, afhankelijk van verschillende parameters, zoals de ozonconcentratie in de omgevingslucht, de blootstellingsduur, de gevoeligheid van de blootgestelde personen en hun activiteitsniveau. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de voornaamste gezondheidseffecten bij kortdurende blootstelling :

milde respons

max. 1 uur ozonconcentratie :180-240 µg/m3

gemiddelde longfunctievermindering <5%, bij gevoeligen <10%

incidentele oogirritatie (onafhankelijk van lichamelijke inspanning)

incidentele luchtwegsymptomen zoals hoest bij gevoeligen

matige respons

max. 1 uur ozonconcentratie : 240-360 µg/m3

gemiddelde longfunctievermindering 5-15%, bij gevoeligen 10-30%

irritatie van ogen, neus en keel (onafhankelijk van lichamelijke inspanning)

luchtwegsymptomen zoals hoest, pijn op de borst, kortademigheid bij gevoeligen

toename ernst en frequentie van symptomen bij personen met CARAa

ernstige respons

max. 1 uur ozonconcentratie : > 360 µg/m3

gemiddelde longfunctievermindering >15%, bij gevoeligen >30%

ernstige luchtwegsymptomen als aanhoudende hoest, pijn op de borst, kortademigheid

mogelijke gevoelens van onbehagen, benauwdheid, hoofdpijn, misselijkheid, duizeligheid bij gevoeligen

sterke toename ernst en frequentie van symptomen bij personen met CARAa

a Chronische Aspecifieke Respiratorische Aandoeningen

Het optreden van deze symptomen is afhankelijk van verschillende factoren:

  • de ozonconcentratie, nl. hoe hoger de concentratie, hoe meer mensen klachten zullen vertonen en hoe ernstiger de klachten zullen zijn. Er kan echter niet precies aangegeven worden vanaf welke concentraties welke effecten te verwachten zijn.
  • de individuele gevoeligheid: personen met aandoeningen van de luchtwegen zullen sneller een effect waarnemen dan personen met een normale longfunctie. Ook kinderen zullen gevoeliger zijn. Bovendien bestaat er een zogenaamde groep "responders" (zowat 10% van de bevolking) die om onduidelijke redenen extra gevoelig zijn voor ozonepisodes.
  • de geleverde inspanning: bij het leveren van intensieve inspanningen in de buitenlucht zal de ademhaling versnellen en zal er per seconde meer lucht de longen passeren. In vergelijking met een persoon in rust houdt dit een grotere blootstelling aan ozon in en dus meer kans op een effect.

De Europese informatiedrempel van 180 µg/m³ voor informatie van de bevolking mag dus niet gezien worden als een effectdrempelwaarde waaronder helemaal niemand welk effect dan ook zou kunnen ondervinden. De WGO stelt dat de effecten bij concentraties lager dan 200 µg/m³ echter beperkt zijn in ernst, en slechts voorkomen bij minder dan 5% van de totale bevolking.

Welke voorzorgsmaatregelen kan je nemen?

De hoogste ozonconcentraties worden tussen 12 en 20 uur gemeten. Omdat het ingeademde volume lucht tot 20x hoger kan zijn tijdens het leveren van fysieke inspanningen (en dus ook de hoeveelheid ingeademde ozon), wordt aangeraden om zware inspanningen (zoals bijvoorbeeld joggen) tussen 12 en 20 uur buitenshuis te vermijden.

Omdat de ozonconcentraties binnenshuis (zie verder) beduidend lager zijn, wordt aan gevoelige personen (kinderen, ouderen, personen met ademhalingsproblemen, enz.) de raad gegeven binnen te blijven tijdens een ozonsmogepisode.

Ben je binnenshuis veilig?

Zoals eerder gezegd, is ozon een heel onstabiele en reactieve verbinding. Indien het via de buitenlucht in de huiskamer binnenkomt, zal het reageren met alle materialen waarmee het in aanraking komt. De concentratie ozon zal hierdoor dalen tot ongeveer de helft van die in de buitenlucht.

Omdat de hoogste ozonconcentraties (buiten) gemeten worden tussen 12 en 22 uur, kan er tijdens ozonsmog episodes het best verlucht worden voor 12 en na 22 uur.

In slecht verluchte ruimtes waar veel (oude) kopieertoestellen en (of) laserprinters worden gebruikt, kunnen sterk verhoogde ozonconcentraties gemeten worden. De laatste generatie laserprinters en kopieerapparaten bezitten "ozonfilters" die de gevormde ozon afbreken en de restemissie tot een minimum beperken.

Bron: Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu (IRCEL)